Barenboims gelijk

Het is jammer dat het pianist en dirigent Daniel Barenboim eind vorige week niet was gegund om een `vredesrecital' te houden in de Palestijnse stad Ramallah op de Westelijke Jordaanoever, thuisbasis en tot vandaag de tijdelijke `gevangenis' van de Palestijnse leider Yasser Arafat. Barenboim, joods, van Israëlische komaf en chef-dirigent van de Berlijnse Staatsopera, wilde met een pianoconcert proberen ,,een muzikale brug te slaan' tussen de strijdende volkeren. Het leger verhinderde dit. Israëlische staatsburgers mogen wegens de oorlog niet in de Palestijnse gebieden komen. Een teleurgestelde Barenboim zei vast te houden aan zijn plan om in Ramallah op te treden. Zijn woorden zijn het waard om herhaald te worden: ,,Ik vind het belangrijk dat de Israëliërs weten dat er onder de Palestijnen niet alleen zelfmoordenaars zijn, maar ook intellectuelen en mensen die van muziek houden en dat de Palestijnen weten dat niet alle Israëliërs soldaten zijn.'

Barenboim had zijn moment goed gekozen. Afgelopen week was de bloedigste sinds het uitbreken van de tweede intifada in september 2000. Voor de gebeurtenissen passen geen woorden als conflict of opstand. Oorlog was het vorige week en dat zal deze week niet anders zijn. Maar lang niet iedere Palestijn of Israëliër staat achter het geweld – daarin heeft Barenboim gelijk. Zijn dappere initiatief is ook internationaal niet onopgemerkt gebleven, al leidde het tot niets. Het schudde een afgestompte wereld weer even wakker en of het nu de dirigent/pianist was die de aanzet gaf of de ongekende geweldsuitbarsting zelf, feit is dat er weer bewogen wordt. De Verenigde Staten gaven bij monde van minister Powell (Buitenlandse Zaken) openlijk blijk van hun ongenoegen. De kritiek betrof het Israëlische geweld en de opmerking van premier Sharon dat pas als de Palestijnen ,,zwaar zijn toegetakeld' onderhandelingen mogelijk zullen zijn. Inmiddels is bekendgemaakt dat de Amerikaanse onderhandelaar Anthony Zinni terugkeert naar de regio. De Europese Unie poogt eveneens te bemiddelen, maar belangrijker is het nieuws dat vice-president Dick Cheney begonnen is aan een rondreis door het Midden-Oosten. Hierin komt alles samen: de oorlog tussen Israël en de Palestijnen, het vredesplan van de Saoedische kroonprins Abdullah en de mogelijke Amerikaanse voorbereidingen om in actie te komen tegen Irak. Tussen die drie zaken is een samenhang die vooral het Amerikaanse belang dient.

Premier Sharon is na een telefoongesprek met Powell, en na binnenlandse druk, ineens uit een ander vaatje gaan tappen. Hij heeft in korte tijd een paar opmerkelijke concessies gedaan: aan Arafats huisarrest in Ramallah kan een einde komen en er zijn niet langer zeven geweldloze dagen nodig om over een bestand te praten. Het wederzijds geweld gaat intussen gewoon door; dit weekeinde, vandaag, morgen, et cetera. Een zeldzaam botte houwdegen versus een gemankeerde staatsman die terreur de vrije hand geeft. Als Sharon en Arafat niet tot overleg bereid zijn, kunnen anderen bemiddelen wat ze willen, maar blijft het doormodderen. Geweld biedt geen oplossing voor het conflict, ,,niet om morele redenen en niet om strategische', om Daniel Barenboim nog eens aan te halen. Het zijn de Amerikanen die Barenboims gelijk kunnen afdwingen. Maar alleen als oorlogvoerenden het zelf willen.