Ponomariov een voorbeeldige tovenaarsleerling

Een psycholoog leerde schaker Ponomariov de balans tussen concentratie en ontspanning.

Het begeleidingsteam van Ruslan Ponomariov bestond tijdens zijn geslaagde gooi naar het FIDE-wereldkampioenschap niet alleen uit secondanten en managers. Nieuwsgierig vroeg iedereen zich toentertijd af wat de rol was van Eduard Eilazian, een psycholoog die al snel de bijnaam 'de tovenaar' kreeg.

Ponomariov kon zelf ook niet uitleggen wat Eilazan precies met hem deed, maar tevreden over zijn bijdrage was hij zeker. De psycholoog gaf het achttienjarige supertalent opdrachten, die hem hielpen zich te concentreren. Hij liet hem hardlopen en ijsbaden nemen, maar ook deed hij oefeningen waar Ponomariov aanvankelijk afwijzend tegenover stond. Zo nam hij in elke hand een steen, die ze tegelijkertijd naar elkaar moesten toegooien om vervolgens met één hand op te vangen. Na de nodige missers had Ponomariov het trucje redelijk snel door en vielen er geen stenen meer op de grond.

Wie de FIDE-kampioen in Linares bezig ziet, krijgt sterk het idee dat hij nog steeds profijt heeft van Eilazians methode, die concentratie en ontspanning bij hem in balans bracht. Vastberaden speelt Ponomariov zijn partijen om daarna grijnzend naar zijn kamer terug te hollen, waar hij zich vermaakt met het kijken naar DVD's die hij in de videotheek tegenover het hotel huurt.

De luchtigheid waarmee Ponomariov het toernooi afwerkt, staat in schril contrast met de loodzware last die Garry Kasparov lijkt te torsen. Kasparov wil zijn geest ook graag vrijmaken om zijn beste spel te laten zien, maar het lukt hem slecht. Of hij nu aan het bord zit of een van zijn dagelijkse wandelingen maakt, steeds hangt er een donkere wolk om zijn hoofd. Steeds is hij er tot in al zijn vezels van overtuigd, dat iedere andere klassering dan de eerste een ramp zal zijn.

Kasparovs stemming werd er in de twaalfde ronde niet beter op. Terwijl hij zelf vergeefs probeerde om Michael Adams uit zijn evenwicht te brengen, veegde Ponomariov in een vloek en een zucht Paco Vallejo van het bord. Daarmee kwam de opgewekte Oekraïener op gelijke hoogte met Kasparov en zal de Rus vanmiddag in de voorlaatste ronde in hun onderlinge confrontatie zelf moeten afrekenen met zijn kwelgeest als hij zeker wil zijn van de hoofdprijs in 'zijn' toernooi.

De partij tussen Ponomariov en Vallejo plaatste de Spaanse schaakfans voor een dilemma. Mede dankzij het grimmige en ongenaakbare gedrag van Kasparov gunt bijna iedereen hier de onbekommerde FIDE-kampioen een nieuw succes, maar nog meer leeft men mee met de grootste belofte die hun land sinds lange tijd heeft voortgebracht. Schaken is populair in Spanje, maar er wordt met smart gewacht op de doorbraak van een Spaanse grootmeester. Alle hoop is gevestigd op de negentienjarige Vallejo, die twee jaar geleden jeugdwereldkampioen werd.

Vallejo staat bekend om zijn mentale hardheid, zoals hij tot groot enthousiasme van zijn landgenoten in de eerste ronden bewees, toen geen van zijn gerenommeerde tegenstanders hem op de knieën kreeg. De klappen kwamen pas daarna; en die kwamen hard aan. Met recht werd gevreesd dat hij het zwaar zou krijgen tegen Ponomariov. Dit keer lag het niet aan de opening, waar hij zichzelf kwetsbaar weet. Vanuit een gelijke stand overspeelde Ponomariov hem in het middenspel en haalde in 29 zetten het punt binnen.

Op dat moment deed Kasparov nog verwoede pogingen om de complicaties in zijn partij tegen Adams verder op te voeren. De Engelsman uitte na afloop zijn bewondering voor de vindingrijkheid van Kasparov, maar gaf ook aan dat hij zich nimmer echt zorgen had gemaakt. Juist toen Kasparov alsnog een gevaarlijk initiatief leek te ontwikkelen, stelde Adams met enkele nauwkeurige manoeuvres de remise veilig.