Oekaze

`Hooggeleerde heer! Op aanraden van mijn Departement lees ik uw columns sedert kort met enige aandacht. Daarbij is, moet ik zeggen, de schrille en eigengereide toon van uw schrijven ons allengs meer gaan opvallen. De bevoegde Minister, die van OCW, zou eigenlijk reeds lang geleden hebben moeten ingrijpen, maar ook ik, als Minister van EZ, kan uw bedenkelijke gedrag niet langer door de vingers zien, zeker wanneer ik de hernieuwde aandacht voor normen en waarden in onze maatschappij in aanmerking neem.

Wij zijn voorstanders van eigendom, hetgeen natuurlijk betekent privé-eigendom. Zo kan het u niet zijn ontgaan dat spoorwegen en telecommunicatie zijn geprivatiseerd. Wat de spoorwegen betreft, is dat vergelijkbaar met het privatiseren van de bloedsomloop. Stel u de zegeningen voor als uw lichaam die koene stap zou durven wagen! Uw meervoudig hart- en vaatstelsel zou wellicht enige dagen ontregeld zijn, maar daarna zouden infarcten u niet meer bedreigen: een inefficiënt hart gaat gewoon failliet. Evenzo voor de telecommunicatie, wat zoiets is als het privatiseren van uw zenuwstelsel. Na enkele weken aanpassingsspasmen zoudt u als herboren zijn.

O, heerlijke liberale wereld, die zulke schepsels voortbrengt! Ten Departemente zijn wij dan ook bijzonder verheugd over de recente oprichting van de AKKU (de Aegon-KLM-Kluwer-Universiteit), waar de studenten worden gelokt met goedkoop en goed verzekerd vliegen en studieboeken tegen kostprijs, maar waar de opbrengsten van de doctoraalbul die investering meer dan compenseren.

U hebt van mijn ambtgenoot van OCW een schrijven ontvangen dat u, blijkens uw uitlatingen in de media, met het voor u gebruikelijke dédain naast u hebt neergelegd. Omdat het voor de Minister in het thans nog geldende bestel vrijwel onmogelijk is uw arbeidsovereenkomst eenzijdig op te zeggen, zijn andere maatregelen geboden. Die zult u verderop in deze brief aantreffen. Terzijde: het is ons gebleken dat op uw Instituut nogal veel allochtonen werken, in veel gevallen gesponsord door buitenlandse fondsen met onduidelijk oogmerk. Onze volgende brief zal hierop nader ingaan.

Het kan zijn dat u uzelf bij Einstein in goed gezelschap waant, maar ik acht het mijn plicht u erop te wijzen dat u daarmede in de negentiende eeuw vertoeft; ja zelfs, gezien uw herhaald beleden ontzag voor Huygens en Descartes, in de zeventiende. Doch de meesten van uw collega's hebben zich al aan de postmoderne tijd van de eenentwintigste aangepast; de jongeren onder hen zijn zelfs speciaal met dat doel benoemd. Met prijzenswaardig gevoel voor realiteit hebben zij hun ondernemende medewerking verleend aan het oprichten van studierichtingen als daar zijn vrijetijds- en communicatiewetenschappen, aan het stichten van onderzoekscholen (al dan niet `top'), en aan het kanaliseren van de verscheidene geldstromen middels daartoe opgeworpen dammen van papier. Uw houding, daarentegen, moet worden gekenschetst als quichotterie. U bent een dinosaurus, evenals die dieren tot uitsterven gedoemd. U doet wel erg dapper en onafhankelijk, maar het zal zelfs u niet onbekend zijn dat u zulks doet op kosten van het Rijk.

U schrijft en spreekt laatdunkend over nieuwe studierichtingen, over de opmerkelijke aantallen studenten die zij aantrekken, en over reclame daarvoor, als ware dit een arbeidsintensieve vorm van bedrog. Maar was het niet een van de uwen die uw eigen bedrijfstak omschreef als: `Onderwijs is het werpen van valse paarlen voor echte zwijnen'?

Ik kom ter zake. Uw fulminatiën in deze krant hebben de Ministerraad doen concluderen dat u ook in de toekomst zult persisteren in uw weigering uw onderwijs en onderzoek marktconform in te richten. Omdat uw Universiteit zich evenzeer tegen privatisering blijft verzetten is zij het zal u bekend zijn onder direct toezicht gesteld van de Inspectie voor het Hoger Onderwijs. Het wettelijk kader voor dit optreden is ontleend aan onze ingreep in moslimscholen.

Dit biedt ons de kans u nolens volens aan te sturen. Aan mijn collega van OCW heb ik aanbevolen en ik meen dat hij mijn advies zal volgen dat u zult worden gesommeerd uw niet-profijtelijke colleges, zoals die over de Algemene Relativiteitstheorie, de Kosmologie en de Radiatieve Hydrodynamica, terstond te staken. De tijd die vrijkomt door het afwerpen van die nutteloze last zal door u worden gebruikt voor het invoeren van een collegereeks in de Astrologie.

Het lijdt geen twijfel dat de astrologie de astronomie verre overtreft in maatschappelijke relevantie. De grootste dagbladen in ons land schrijven geen woord over wetenschap, maar publiceren wel een dagelijkse horoscoop. Immers, er is veel vraag naar voorspellingen, maar slechts een enkele zonderling verkiest de zekerheid die de wetenschap biedt. Nog onlangs was ik aanwezig bij een huwelijksvoltrekking in uw eigen stad Leiden, waar de ambtenaar van de burgerlijke stand uitgebreid inging op de horoscoop van de echtelieden. Wanneer een ambtenaar in functie, als vertegenwoordiger van de maatschappij, zoiets rustig kan doen, onder grote bijval van de aanwezigen, dan begrijpt u wel dat u, ondanks uw verongelijkte geschrijf over randfiguren als Lorentz en Feynman, geen recht hebt, noch aanspraak kan maken, op middelen uit 's Rijks kas voor uw buitenissige ondernemingen.

De Departementale Accreditatie-commissie zal zich over zes weken met u verstaan over de vorm en de inhoud van de door u te geven colleges in de theoretische astrologie, alsmede flankerende werkcolleges en practica, onder uw leiding te geven door uw promovendi. Een half jaar nadien zal diezelfde Commissie haar eerste oordeel over uw vorderingen terzake uitspreken.

Het is mogelijk dat deze ingreep u onrechtvaardig en draconisch toeschijnt. U wijst voortdurend op maatschappelijke successen uit het verleden, zoals de astronomische navigatie, de communicatiesatelliet, en de apertuur-synthese. Maar wij zijn vooruitstrevend, en stellen alleen belang in de toekomst (wat is trouwens apertuur-synthese?)

Mocht u de illusie koesteren ook deze sommering terzijde te kunnen leggen, neem dan het volgende in overweging. De aftredende Minister van VWS heeft haar taaie verzet tegen de kwakzalverij nooit opgegeven, hoewel zij gelukkig niet heeft kunnen voorkomen dat homeopathische middelen uit verzekeringsgelden worden vergoed. Maar zij gaat met pensioen, en haar partij evenals zijzelve het toonbeeld van redelijkheid is gedecimeerd. Haar opvolger heeft inmiddels aan uw collega's van de medische faculteit instructies doen toekomen over de wederinvoering van het aderlaten. Deze interessante therapie is geheel in overeenstemming met onze opvattingen over privatisering: als het niet werkt, dan kan dat uitsluitend daaraan te wijten zijn dat er nog te weinig bloed is afgetapt.

Want de verkiezingen zijn voorbij, en onze nieuwe Regering is gevormd. Het is mijn plicht ervoor te zorgen dat zulks niet aan uw kosmisch gestemde aandacht zal ontsnappen. En ik zeg u: er is een frissere, en vooral straffere wind gaan waaien. U beweerde herhaaldelijk dat de tucht van de markt niets is vergeleken met de tucht van de wetenschap. Welnu, wij zullen zien. Met ingang van heden zijn wij No more Mr. Nice Guy.

Met verschuldigde hoogachting,'