`Tom Sawyer was het eerste personage dat mijn vriend werd'

Barber van de Pol schreef brieven aan de geleerde humanist Erasmus. Maar haar eerste literaire liefde was de schelm Tom Sawyer.

,,Als schrijver en als lezer ben ik dol op gesprekken. Boeken waarin veel, zo niet alles blijkt uit de opgetekende dialogen, zijn mij lief', zegt Barber van de Pol. De schrijfster, vertaalster en essayiste heeft zojuist Lieve Erasmus gepubliceerd, waarin ze de schrijver tot leven heeft gewekt door zich in brieven tot hem te richten, hem uit te leggen hoe de wereld er tegenwoordig uitziet, ja zelfs verliefd op hem te worden. Een paar jaar geleden deed Van de Pol iets dergelijks met de schrijver van Don Quichot – in Cervantes & Co onderzocht ze hoe ze zich tot Cervantes verhield en ging ze, als het ware, met hem in gesprek.

In haar roman Er was wat met Meneer Maker en Mevrouw Maker had ze dat ook al geprobeerd, zegt ze. ,,Zoveel mogelijk via de gesprekken tussen die twee duidelijk maken. Als lezer is het alsof je dan mee kan doen, je staat er vlak bovenop. Mijn virtuele vriendschappen met schrijvers, om het zo te zeggen, kunnen heel goed geprikkeld worden door het lezen van Tom Sawyer van Mark Twain. Dat is niet alleen een heel spannend en heel avontuurlijk boek, maar het is ook theater. Het komt tot leven. Tom Sawyer was het eerste personage dat ik als een vriend en geestverwant ervoer. Samen met hem dwaalde ik in dat boek rond. Vandaar misschien dat ik er nu nog op gesteld ben om met schrijvers en personages in dialoog te gaan.'

Van de Pol las De avonturen van Tom Sawyer voor het eerst toen ze elf jaar was. ,,Het stond in het jeugdtijdschrift Sjors van de Rebellenclub. In een bewerking natuurlijk. Ik vond Tom een spannende jongen. Een hele spannende jongen. Als ik het nu lees, vind ik dat nog. En mooier is, dat ik zelf weer elf jaar word – Tom wordt natuurlijk niet ouder. Ik voel het weer helemaal mee: opscheppen tegen je vrienden, niet naar school willen, op je sodemieter krijgen. Ik verveelde me dood op school.'

Tom Sawyer (uit 1876) is een jongensboek – wat heet, het is het archetype van het genre. Tom en zijn vriend Huck Finn maken het ene hachelijke avontuur na het andere mee, en al staan ze te trillen op hun benen, ze gaan geen kerkhof-bij-nacht of krakend spookhuis uit de weg. Voor meisjes is in het boek nauwelijks plaats; er is alleen een rol weggelegd voor Toms aanbedene Becky, vanzelfsprekend in bezit van lange blonde krullen, blauwe `kijkers' en een onuitputtelijk tranenreservoir.

Maar tranen of niet, Barber van de Pol identificeerde zich meer met haar dan met Tom. ,,Ik was Becky. Zonder meer, al had ik dan geen blonde krullen. Ik ben altijd vooral de scène blijven onthouden dat Tom Becky ziet, en ene Amy Lawrence op slag vergeten is. Ik herinner me die beter dan de klassiek geworden episodes, zoals die waarin Tom zijn vrienden dat hek laat wit schilderen of die waarin Tom Tante Polly's verdriet om zijn vermeende dood bespiedt. Het is trouwens niet waar dat Becky alleen een huilebalk is. Er zijn schitterende passages dat ze voor elkaar niet willen weten dat ze elkaar leuk vinden, elkaar heel nadrukkelijk negeren. Op emotioneel gebied zijn ze tegen elkaar opgewassen.'

Over de aard van Toms avonturen, waarin gouden munten, diepe grotten en zelfs een onvervalste moord de hoofdrol spelen, verbaasde ze zich niet. ,,Ik groeide op in Rhenen, de oorlog was net voorbij. Bij ons waren er ook achterbuurten, straatschoffies en een brede rivier. De Mississippi zei me niets; voor mij speelde het zich gewoon aan de Rijn af. En net als Tom hadden ook wij tijd te veel. Er waren geen boeken, je doodde de tijd dus met allerlei spelletjes, met je fantasie. Twain heeft prachtig vastgelegd hoe dat is voor een kind. De meest eindeloze poel van verveling kan in één klap omslaan in iets groots en wild-avontuurlijks, als je maar iets weet te verzinnen.'

Voordat ze zelf fictie ging schrijven, was Barber van de Pol vooral bekend als vertaalster. Ze vertaalde het werk van Borges en andere Latijns-Amerikaanse schrijvers in het Nederlands en verzorgde een integrale vertaling van Don Quichot, waarmee ze veel lof oogstte. Ook Borges en Cervantes zijn belangrijk voor Van de Pol – ze vormen haar `literaire geweten'. Maar dat staat los van haar liefde voor Tom Sawyer; geen ander boek heeft zo sterk de kracht van literatuur overgebracht.

,,Tom is mijn makker, mijn maatje. Er ging door dat boek iets open. Hoe Tom de wereld ontdekt en die naar zijn hand probeert te zetten. En vooral hoe hij, net als Kees de jongen – een boek dat trouwens grote verwantschap met Tom Sawyer vertoont – fantaseert over zijn eigen roem en triomf. Heel ontroerend vind ik dat, die ongerichte ambitie, dat vermogen om in een oogwenk de mooiste droom bij elkaar te verzinnen. Kees en Tom zouden volgens mij dikke vrienden moeten zijn, al zou het even duren voordat ze dat zouden ontdekken, omdat ze natuurlijk aan het opscheppen en vechten zouden slaan als ze elkaar zouden tegenkomen.

,,Er is overigens ook verschil tussen beide boeken. Kees de jongen is een psychologische roman, Tom Sawyer een schelmenroman; de avonturen en de satire staan erin centraal. Het kan dus niet anders of Twain werkt met sjablonen. Het is melodramatisch soms, maar het melodrama is er op een heel geestige manier in verwerkt. Dat is pas je ware, als je zo met clichés kan spelen. In dat dichterlijke, licht dramatische van Tom en in zijn vermogen om zijn eigen vijanden te scheppen, zit nu ik er over nadenk ook wel iets van Don Quichot.'

Van de Pol heeft geen boodschap aan liefhebbers en wetenschappers die beweren dat niet Tom Sawyer, maar De avonturen van Huckleberry Finn Twains meesterwerk is. ,,Ik heb Huckleberry Finn veel later gelezen, het heeft dus niet dat effect op me gehad. Hetzelfde geldt voor Stevenson of Kipling, de avonturenschrijvers die Borges zijn leven lang trouw bleef. Ik zou willen zeggen: Borges, Twain is veel beter!'

Van Tom Sawyer moet je gewoon houden, vindt ze. Je moet hem niet willen vergelijken met anderen en je moet hem al helemaal niet willen interpreteren of verklaren. Prachtige theorieën zijn er in de loop der jaren ontworpen, over het neogotische in de natuurbeschrijvingen van Twain, over het racistische in zijn tekening van de meedogenloze schurk Injun Joe, het escapistische van Toms avonturen, het typisch-Amerikaanse van deze jonge held en ga zo maar door. Barber van de Pol beantwoordt dergelijk hoogdravend en doorgaans simplificerend gedachtegoed het liefst met het adagium dat Twain zelf meegaf aan Huckleberry Finn: ,,Personen die proberen een motief te ontdekken in dit verhaal, zullen worden vervolgd. Personen die proberen er een moraal in te ontdekken, zullen worden verbannen. Personen die proberen er een intrige in te ontdekken, zullen worden doodgeschoten.'

Mark Twain: De avonturen van Tom Sawyer, Veen, 368 blz (uitverkocht). The adventures of Tom Sawyer, Penguin Classics, 217 blz. eur 7,83

Gerectificeerd

Correctie

Van het door Barber van de Pol gekozen Beslissende Boek, Mark Twains `De avonturen van Tom Sawyer' (Boeken, 8 maart) las zij een vertaling door Peter Bergsma (Ambo, 1995, niet meer leverbaar)