Margareta de Heer

In heel Friesland hebben in de 17de eeuw maar een paar schilderessen geleefd die het verder schopten dan amateur. En één van hen was Margareta de Heer (ca. 1600-1665), dochter van een glasschilder wiens zoons ook graag af en toe de pen of het penseel ter hand namen. Het Fries Museum biedt vanaf zaterdag het eerste overzicht dat ooit aan deze ambitieuze schilderes is gewijd. Uit museale en particuliere verzamelingen zijn zo'n veertig werken van haar bijeengebracht, samen met pentekeningen van broer Gerrit en schilderijen van neef Willem.

Verwacht bij Margareta de Heer niet de vertrouwde, 17de-eeuwse intieme genretafereeltjes op een zwart-wit geblokte Hollandse keukenvloer of de hoog verheven werelden van classicisten en collega-tijdgenoten als Jan Gerritsz. van Bronchorst of Hendrick Goltzius. Hoewel ze in die genres wel thuis was, ging De Heers voorliefde uit naar de flora en de fauna op de vierkante decimeter, naar vlinders, torren, rozen, libellen, schelpen en pauwen, die ze met het geduld van een kantkloster en met de nieuwsgierigheid van een bioloog tot in de finesses in gouache-verf op paneel of perkament afbeeldde.

Dat ze geliefd was, blijkt uit de lofverzen van noordelijke dichters en dichteressen en uit de inboedels van Friese patriciërs die thuis graag tegen een boerenerfje met kippen van De Heer aankeken. De schilderingen van vlinders en de boerderijen hangen nu eens niet braaf naast elkaar, maar zijn verspreid door gastconservator Rudi Fuchs in de interieurs van het Eysingahuis, het oude deel van het Fries Museum.

Margareta de Heer. Van 9 maart t/m 2 juni in het Fries Museum, Turfmarkt 11, Leeuwarden. Open: di t/m zo. 11-17u. Catalogus: E25.