Vergeefse zoektocht naar oude glorie

Door een 3-2 nederlaag tegen Duitsland werd viervoudig wereldkampioen Pakistan vanmorgen uitgeschakeld voor het WK hockey. Het Vliegende Paard keek moedeloos toe.

Een klein koningsdrama voltrok zich vandaag, op de tiende dag van het wereldkampioenschap hockey, toen in de vroege ochtend het voornaamste slachtoffer viel in de vooraf al als `Groep des Doods' aangemerkte poule A: Pakistan. Met twee of meer doelpunten winnen was de opdracht waarmee de onvoorspelbare Aziaten even na half negen het kunstgras opstapten voor het afsluitende sleutelduel tegen Duitsland. Die opzet mislukte. Met een rake strafcorner, als vanouds gepusht met dodelijke precisie, bezegelde Florian Kunz in de 50ste minuut het lot van de viervoudig wereldkampioen: 3-2.

Na afloop kwam de Duitse aanvoerder uitleggen hoe hij na zes doelpuntloze WK-wedstrijden plotseling weer twee keer doel trof vanaf de rand van de cirkel. ,,Mijn oude stick is net op tijd gearriveerd'', luidde het verrassende antwoord van de 2 meter 5 lange Duitser. Met dank aan zijn vriendin, de koerier en de moeder van teamgenoot Michael Green die het deels versplinterde slagwapen zaterdagochtend in de rust van het duel tegen Nieuw-Zeeland kwam overhandigen, grijnsde Kunz onder grote hilariteit.

Minder vrolijk ging het er op de tribunes aan toe, waar het `Allah is groot' uit de kelen van circa honderd fanatieke supporters langzaam wegstierf na Kunz' treffer. Hoofdschuddend verliet een van Pakistans grootste hockeyers aller tijden, Samiullah, het matig bezette Bukit Jalil-stadion. Moedeloos had Het Vliegende Paard moeten toekijken hoe zijn opvolgers er maar niet in slaagden de Duitse verdedigingslinie te doorboren.

Geen wonder, beweerde brigadier Khalid Khokhar even later in de perskamer. ,,De scheidsrechters voorkwamen dat wij gevaar konden stichten'', brieste de Pakistaanse teamleider nadat hij een officieel maar kansloos protest had ingediend. Net als tegen Nederland (2-1) werd Pakistan volgens Khokhar opnieuw groot onrecht aangedaan, na een gele kaart en de inderdaad onterecht afgekeurde treffer in de 59ste minuut. ,,De scheidsrechters kunnen het niveau niet aan'', luidde daarom zijn bittere conclusie.

Nu hij toch bezig was: waarom twee niet-Aziatische scheidsrechters en niet, om maar eens wat te noemen, één westerse en één Aziatische? Khokhar kon slechts gissen naar het antwoord, maar wist één ding zeker: niet Duitsland maar ,,de falende arbitrage'' had Pakistans hernieuwde zoektocht naar glorie en geluk acht jaar na dato (wereldtitel in Sydney) een halt toegeroepen. Daarmee vertelde de legerofficier slechts de halve waarheid. Want Pakistan mag dan eindelijk Europese spelelementen hebben gekopieerd, de aanvalsgerichte strijdwijze zonder deugdelijk middenveld getuigde opnieuw van een kinderlijke, soms meelijwekkende naïviteit.

Niettemin komt Pakistans eliminatie als een verrassing, nadat de nummer vijf van het vorige WK in januari, bij de generale repetitie in Kuala Lumpur, een ijzersterke indruk achterliet. Niet voor niets zette bondscoach Bellaart de ploeg van collega Khwaja Junaid in zijn prognose stilletjes op de eerste plaats. Dat bleek een voorbarige conclusie, hoewel Pakistan een voorbeeldige start beleefde met zeges op Zuid-Afrika (5-0), België (3-2) en Nieuw-Zeeland (2-0).

Maar toen het toernooi donderdag tegen het bij vlagen swingende Argentinië daadwerkelijk begon, kwamen de kwetsbaarheden onmiddellijk aan het licht: 1-2. Al kon chef d'equipe Khokhar de zes gemiste strafcorners nog wel verklaren door te wijzen op het gladde (want pas opgeleverde) veld van pitch two, waardoor de uitvoering van de korte hoekslag te wensen overliet. Tegenover de negentien Pakistaanse journalisten beloofde hij beterschap.

Die namen zijn woorden serieus, want Khokhar en de zijnen leken ditmaal alle internationaal vereiste wapens aan boord te hebben: een voor de verandering betrouwbare doelman (Muhammad Quasim), een dodelijke strafcorner (Sohail Abbas) en een fenomenale afmaker (Kashif Jawad). Het mocht allemaal niet baten voor de ploeg, die én niet fit (genoeg) bleek én, zoals trendwatcher Maurits Hendriks constateerde, ,,veel te weinig wisselt uit angst om de gevestigde namen te bruskeren''.

Goed voorbereid waren de zieltogende Pakistanen toch al niet. Khokhar moest zondag, na de 2-0 overwinning op het gefrustreerde Spanje, nota bene van een Nederlandse verslaggever vernemen dat Pakistan twee dagen later niet met één, maar minimaal twee doelpunten verschil van Duitsland moest winnen om een plaats in de halve finales veilig te stellen. ,,I didn't know that'', sprak hij verbaasd. Om daar meteen een laconiek ,,but no problem'' aan toe te voegen.

Dat bleek het dus wel, tot afgrijzen van het lichtvoetige fenomeen dat nog één keer had willen schitteren namens volk en vaderland: Shahbaz Ahmad. Maar in de tropische hitte van Kuala Lumpur ontpopte de inmiddels 35-jarige sterspeler zich als een onbegrepen genie, wiens ingevingen telkens om zeep werden geholpen door zijn minder bekwame ploeggenoten.

Spaarzaam waren de afgelopen dagen de momenten dat oud-speler van Oranje Zwart de magie van weleer in herinnering bracht. Ondanks de fanatieke aanmoedigingen van een supportersschare die hem vorige week nog eerde als The Real King of Hockey. Maar die koning is in zijn allerlaatste internationale optreden (zegt hij) nu aangewezen op de vernederende strijd om de plaatsen vijf tot en met acht, met wellicht het politiek beladen duel tegen aartsvijand India in het verschiet.