Op het slagveld van de mobiele telefonie

Mobilcom is het zwaard van Damocles boven het hoofd van Michel Bon, topman van France Télécom. Want als hij de Duitse mobiele telefonie-dochter blijft steunen, komen de jaarcijfers in het rood. En dat is, schrijft Le Nouvel Observateur, slecht nieuws, niet alleen voor de kleine beleggers, maar ook voor de Franse overheid. Het dreigende verlies komt de socialistische regering-Jospin slecht uit, omdat het verkiezingstijd is. Het was immers de regering-Jospin die de privatisering van France Télécom heeft doorgedrukt, waarbij de staat overigens grootaandeelhouder bleef. Het voormalige staatsbedrijf heeft een schuld opgebouwd van 65 miljard euro. En dat drukt zwaar op de koers. Die is sinds januari 35 procent gezakt tot 28 euro per aandeel, precies het bedrag waarmee de onderneming vier jaar geleden op de beurs kwam. Volgens het blad is het niet waarschijnlijk dat het bedrijf vier of vijf miljard euro neertelt voor Mobilcom.

Dat vreest ook Gerhard Schmid, de flamboyante topman van Mobilcom. Wirtschaftswoche beschrijft tot in detail hoe hij afgelopen vrijdag om 11.45 achter zijn pc ging zitten om zijn medewerkers uit te leggen dat niet Mobilcom het probleem is, maar dat grootaandeelhouder France Télécom gewoon geen geld genoeg heeft om aan de verplichtingen te voldoen. Ondertussen ligt de Franse onderneming de laatste weken op ramkoers. Zo willen de Fransen wel eens weten of Sybille Schmid-Sindram, Schmid's echtgenote, haar belang van 5 procent aandelen Mobilcom heeft gefinancierd met eigen geld of dat de middelen uit de kas van de onderneming komen. Volgens het blad past Sybille's aankoop in de strategie van Schmid, omdat hij zich voorbereidt op overname-onderhandelingen. Het blad denkt dat Schmid de laatste maanden bezig is om met behulp van de Amerikaanse belegger Guy Wyser-Pratte zoveel aandelen Mobilcom terug te kopen dat hij een meerderheidsbelang verwerft. Want als de Fransen de meerderheid krijgen, is Schmid zijn levenswerk kwijt. Wirtschafstwoche heeft overigens niet veel vertrouwen in Schmid, het vindt zijn prognoses te optimistisch.

Die Zeit denkt dat Schmid zijn hand heeft overspeeld, niet omdat zijn echtgenote aandelen kocht, maar omdat hij dat verzweeg. Volgens het blad is Michel Bon, de topman van France Télécom, duidelijk op zoek naar een voorwendsel om zich te onttrekken aan zijn verplichtingen aan Mobilcom. Als hem dat lukt, ziet de zaak er volgens het blad voor Schmid wel heel somber uit, omdat hij deze zomer al vijf miljard euro herfinanciering nodig heeft. Als hij niet kan rekenen op het geld van de Fransen, zal hij ,,gedwongen zijn zijn bedrijf te verramschen''.

Het is de vraag of verramschen het goede woord is, want volgens Börse onLine is Siemens op oorlogspad op de markt voor mobiele telefonie. Onlangs verraste de Duitse elektroreus de beleggers met het plan om het marktaandeel in mobieltjes de komende drie jaar te verdubbelen. Op dit moment staat Siemens met een marktaandeel van 7,5 procent op de derde plaats, achter Motorola dat een aandeel heeft van 17,5 procent, en ver achter Nokia dat 35 procent van de markt in handen heeft. Tegelijkertijd zet de onderneming alles op alles om ICM, de divisie mobiele telefonie van Siemens, uit de rode cijfers te krijgen. Het ziet er volgens Börse onLine naar uit dat dat wel zal lukken, want in het laatste kwartaal van 2001 boekte ICM al weer een winst van 37 miljoen euro. Het blad ondersteunt die prognose met de aanbeveling aandelen Siemens te kopen.

Maar er zijn meer kapers op de kust. Volgens BusinessWeek hebben Microsoft en Intel de handen ineen geslagen om de Europese hegemonie op de markt voor mobiele telefonie te doorbreken. Het blad betwijfelt echter of dat zal lukken. Het grootste obstakel is volgens het blad het wantrouwen dat Microsoft bij potentiële klanten oproept, omdat ze vrezen dat Microsoft het merendeel van de winst zal opeisen. Volgens het blad wil Microsoft binnen drie jaar 25 procent van de mobieltjesmarkt in handen hebben. Dat is slechts 2 procent van de totale verkoopcijfers van de onderneming, zo constateert het blad verbaasd. Het denkt dat de mobieltjesmarkt slechts een bruggenhoofd is, en dat ,,de serieuze poen moet komen uit de verkoop van software en diensten aan telecommunicatiebedrijven als Vodafone en Telefónica''.

Terwijl de discussie over dubieuze boekhoudmethoden doorgaat, blijkt dat de telecom-industrie zijn eigen Enron-schandaal ontwikkelt. Want de gang van zaken bij het telecommunicatiebedrijf Global Crossing bestaat volgens Fortune uit dezelfde ingrediënten als dat van Enron: de dreiging van een kolossaal failliet, een bestuursvoorzitter, Gary Winnick, die zich met miljoenen verrijkt heeft en nauwe banden onderhoudt met de politiek, weinig openheid, een klokkenluider, dubieuze boekhoudmethoden, en een accountant met een bekende naam: Arthur Andersen. De leiding van de onderneming wordt ervan verdacht dat ze opbrengsten uit leasecontracten ten onrechte als zuivere winst heeft geboekt. In het tweede kwartaal van vorig jaar ging het om 20 procent van de 3,2 miljard dollar aan inkomsten. De Securities Exchange Commission – de beurspolitie – en de FBI hebben de zaak in onderzoek.