Boek van 6 miljoen geschonken

De Koninklijke Bibliotheek (KB) in Den Haag heeft een vijftiende-eeuws getijdenboek van Zuid-Nederlandse makelij gekregen, verlucht met miniaturen van de grootste meesters van die tijd. Het betreft een unieke gift die in cultuurhistorisch, wetenschappelijk en financieel opzicht zijn gelijke niet kent. De waarde wordt geraamd op zes miljoen euro. De schenker wil anoniem blijven.

Het handschrift, vervaardigd omstreeks 1470, is verlucht met 28 miniaturen en 16 initialen waarbinnen ook figuratieve voorstellingen zijn aangebracht. Er hebben minstens drie kunstenaars aan gewerkt, die allen tot de topklasse behoorden. Het handschrift, sinds 1936 vermist, dook onlangs tot verrassing van de kenners op.

De KB werd aanvankelijk benaderd via een tussenpersoon om informatie. Bij bestudering, na overleg met andere deskundigen en na een taxatie bleek hoe bijzonder en kostbaar het boek is. Pas in tweede instantie maakte de eigenaar kenbaar dat hij het wilde schenken en een instelling zocht die daar geschikt voor was.

Algemeen directeur dr. W. van Drimmelen van de Koninklijke Bibliotheek, die de gift vanmiddag bekend zou maken, voelt zich vereerd. ,,Wij hebben een grote collectie van 450 verluchte middeleeuwse handschriften en doen veel aan het openbaar maken daarvan, door tentoonstellingen, publicaties en onze website. Bovendien hebben wij experts in huis. Dat alles moet de doorslag hebben gegeven.''

Deze schenking is de kostbaarste die in Nederland ooit door een particulier aan een openbare culturele instelling is gedaan. Ter vergelijking: het aankoopbudget oude collecties van de KB bedraagt nog geen 50.000 euro per jaar.

Onderzoek wees uit dat het om het zogeheten Trivulzio-handschrift gaat, genoemd naar een voornaam Milanees geslacht. Het boek is in 1916 voor het laatst genoemd. In 1935 wist de stad Milaan de bibliotheek van de familie te verwerven. [Vervolg GETIJDENBOEK: pagina 9]

GETIJDENBOEK

'Het is altijd zondag bij die man'

[Vervolg van pagina 1] Het getijdenboek was toen al weg. Het moet onderhands zijn verkocht. De familie van de schenker heeft het aan het begin van de 20ste eeuw op een veiling verworven.

Getijdenboeken zijn boeken met gebeden voor leken. De inhoud kan verschillen, maar ze bevatten altijd enkele standaardelementen, zoals een kalender, de getijden (speciale gebeden) van Maria, de getijden van de H. Geest, en de getijden van het H. Kruis. Verder treft men er aan de boetpsalmen, het dodenofficie en nog speciale gebeden voor heiligen. Ze zijn meestal prachtig verlucht en dat geldt ook voor deze aanwinst.

Voor wie het nieuw verworven getijdenboek destijds is gemaakt, is niet bekend. De meeste miniaturen zijn vervaardigd door Lieven van Lathem, die in Antwerpen werkte, door Simon Marmion uit Valenciennes en door een kunstenaar die waarschijnlijk uit Gent kwam en die wordt aangeduid met de noodnaam Meester van Maria van Bourgondië. De illuminaties van Van Lathem kenmerken zich door een ongelooflijke levendigheid en helderheid. Hij gebruikte intense kleuren en wist op een uiterst klein oppervlak een groot ruimtelijk effect te bereiken. Dat geldt zowel voor de voorstellingen die zich binnen afspelen, meestal in een kerk, als voor buitentaferelen. Mede door toepassing van het atmosferisch perspectief wordt de blik van de beschouwer langs de hoofdvoorstelling, langs rivieren, over bergen en dalen de verte ingezogen.

Conservator middeleeuwse handschriften, dr. Anne Korteweg: ,,Van Lathem is een briljante schilder. Hem herkende ik meteen. Hij is een groot colorist. Het is altijd zondag bij die man. Simon Marmion werkte veel meer schilderachtig. Hij werkte meer met mengtonen.'' Marmion paste kunstgrepen toe die destijds als vernieuwend beschouwd moeten zijn. Zo wist hij op subtiele wijze schaduwen aan te brengen, weerspiegelingen van bomen in water en experimenteerde hij met het weergeven van hoofden in verkort perspectief. Hij was een meester in het uitbeelden van het gaas van voiles over het gelaat van vrouwen. Van de Meester van Maria van Bourgondië tenslotte is één afbeelding opgenomen, een voorstelling van de Kruisiging. Ook hij werkte op een tamelijk losse wijze.

De randversieringen zijn ook van verschillende handen. Ze getuigen van een grote vernuftige speelsheid. De structuur wordt min of meer bepaald door blauwe ranken die over het perkament woekeren; daartussen ontwaart men decoraties van bladgoud en binnen dat alles wemelt het van allerlei wezens, de zogeheten drôleries zoals mannetjes, fabeldieren, vogels (roofvogels, pauwen, kippen en hanen), vlinders en vooral heel veel aapjes. Zo ontstaat er een merkwaardige combinatie van serieuze gebeden en een speelse entourage.

Het is een prachtige aanwinst, aldus Korteweg. ,,Tot nu toe waren deze meesters niet in een Nederlandse collectie vertegenwoordigd. Wetenschappelijk gezien kunnen we nu weer wat meer te weten komen over de werkplaatspraktijk en een inzicht krijgen welke schrijvers en schilders met elkaar samenwerkten.''

Het handschrift zal worden geëxposeerd in de entree van de Koninklijke Bibliotheek van 6 t/m 15 maart. De afbeeldingen zijn ook te zien op internet: www.kb.nl/trivulzio