Mobiele aanbieders moeten langzaam afkicken

KPN Mobile heeft een klacht ingediend tegen aanbieders van mobiele telefonie om het bellen naar mobieltjes goedkoper te maken. De concurrentie beweert dat KPN hiermee probeert de markt de nek om te draaien.

Is KPN bekeerd? Het lijkt er op, want bellen naar een mobieltje wordt eindelijk goedkoper. Tenminste, als KPN in het gelijk wordt gesteld met de klacht die het onlangs indiende bij telecomwaakhond Opta. In het beklaagdenbankje zitten de aanbieders van mobiele telefonie: Telfort, Vodafone (Libertel), Ben, Dutchtone en Tele2. KPN vindt dat zij teveel geld vragen voor het afhandelen van gesprekken die afkomstig zijn uit het KPN-netwerk. Een KPN-abonnee (lees: iedereen) die belt naar een van deze mobiele aanbieders betaalt daardoor al jarenlang teveel, meent KPN.

Het is de wereld op z'n kop: in het verleden waren het altijd concurrenten die KPN naar Opta sleepten omdat de `bijna-monopolist' zich in hun ogen weer had misdragen. Nu draait KPN de zaken om. En het vindt Opta ditmaal aan zijn zijde.

De tarieven voor bellen naar mobieltjes zijn Opta een doorn in het oog, vooral het tarief voor bellen van een vast telefoontoestel naar een gsm. Dat laatste tarief is het enige dat nooit echt is gedaald, zeker vergeleken met de rest van Europa. Opta denkt dat vaste bellers jaarlijks 250 à 300 miljoen euro teveel betalen voor het bellen naar een mobiel nummer.

De tarieven voor bellen naar een vast toestel zijn wèl flink gedaald. Volgens de wet mag Opta optreden tegen bedrijven met `aanmerkelijke marktmacht'. Op het vaste net is KPN zo'n bedrijf. Maar op de markt voor mobiele èn vaste telefonie tezamen bestaan zulke bedrijven niet. Daarom kan Opta niets doen tegen het hoge vast-mobieltarief.

Maar toen bood KPN Mobile, de mobiele divisie van KPN, de helpende hand. Opta mag wel optreden als een kwestie in een formeel geschil bij de toezichthouder wordt aangekaart. En dus diende KPN Mobile vorige maand een klacht in tegen alle andere marktpartijen.

Centraal in het geschil staan de `aflevertarieven', de tarieven die mobiele aanbieders elkaar berekenen voor het doorgeven van elkaars telefoongesprekken. Opta dacht lange tijd dat de aflevertarieven van mobiele aanbieders vanzelf zouden dalen, zonder ingrijpen. Er was immers veel meer concurrentie in deze markt, die vijf (inmiddels zes) verschillende aanbieders telt. Tegen de verwachting in gebeurde er helemaal niets.

KPN heeft als belangrijkste aanbieder van vaste telefonie veel belang bij een lager aflevertarief voor bellen van vast naar mobiel. Anderhalf jaar geleden verlaagde KPN Mobile zijn tarieven in de verwachting dat iedereen de marktleider zou volgen. De gedachtengang was dat consumenten met een mobieltje die vaak werden gebeld door iemand met een vast toestel (bijvoorbeeld familie) voor KPN zouden kiezen om goedkoper uit te zijn.

De truc werkte niet. De andere mobiele aanbieders handhaafden hun hoge tarieven en werden hiervoor niet gestraft door hun abonnees. Mobiele bellers bleken niet gevoelig voor de hoge kosten die vaste bellers moeten maken. ,,Op dit punt werkt de markt niet goed'', zegt plaatsvervangend directeur Jos Huigen van Opta, die verantwoordelijk is voor het zogeheten `interconnectiedossier'.

KPN Mobile vraagt tegenwoordig ongeveer 17 eurocent per minuut voor het doorgeven van gesprekken. Voor dezelfde dienst vragen de andere mobiele aanbieders ongeveer 20 eurocent per minuut. Volgens Opta kan het tarief met 9 à 10 eurocent omlaag. Opta vindt wat dat betreft het aflevertarief dat KPN Mobile vraagt overigens ook nog steeds te hoog.

Intussen brengt KPN Mobile al anderhalf jaar minder in rekening voor inkomende gesprekken van andere aanbieders, terwijl aan laatsgenoemden wel een hoger tarief moet worden betaald. ,,Er is ongelijkheid in de markt'', zegt een zegsvrouw van KPN. De concurrenten hebben hun marges flink zien groeien door deze `subsidie'. Sommige mobiele aanbieders zouden niet eens meer zonder die extra inkomsten kunnen.

Manager Marc Gommers van Dutchtone erkent dit impliciet. Als de verlaging van tarieven wordt doorgezet, zal dat het einde betekenen van een van de aanbieders, verwacht hij. Gommers vreest dat de mobiele aanbieders (behalve KPN Mobile) hun tarieven omhoog zullen moeten gooien om het hoofd boven water te houden. En dat is precies waar KPN op uit zou zijn. ,,KPN wil de vrije markt een duwtje geven.'' Gommers voorziet een regen van rechtszaken.

Volgens Gommers is de `ongelijkheid' waarover KPN spreekt juist hard nodig om de verhoudingen in de telecommarkt te herstellen. De markt is scheefgegroeid omdat Duchtone, Telfort en Ben er pas later tot werden toegelaten, zegt hij. De overheid stelde aanvankelijk maar twee vergunningen beschikbaar: voor KPN en Libertel. De kleinere operators in Nederland moeten een inhaalslag ,,van vier jaar'' maken, betoogt Gommers.

Bovendien hebben KPN en Libertel hun eerste vergunningen gratis gekregen, terwijl de rest twee jaar later (tijdens een veiling) moest betalen voor de vergunningen. De kleinere operators hebben – door hun achterstand – minder klanten èn meer kosten, zegt Gommers. En nu dreigt Opta een belangrijke mogelijkheid om deze investeringen terug te verdienen de nek om te draaien.

,,Met die argumenten hebben wij toch niets te maken?'', zegt de woordvoerder van KPN. ,,Onze concurrenten dringen altijd aan op een gelijke behandeling. Als ze die krijgen hebben ze opeens weer last van het Calimerosyndroom: ik ben klein en jij bent groot.'' Bovendien zijn ze niet zo klein. Zelfs het `kleine' Ben weet zich tegenwoordig in de rug gesteund door een telecomreus als Deutsche Telekom.

Opta vindt dat Gommers de zaken veel te dramatisch voorstelt. ,,Bedrijven krijgen ruim de tijd om hun businessmodellen aan te passen'', zegt Huigen. ,,Ze mogen de tariefsverlaging in een aantal stappen uitvoeren, over een periode van één tot anderhalf jaar.''

De telecombedrijven mogen dus langzaam afkicken. Uitspraak volgt in april.