Kanselier Schröder: ik verf mijn haar niet

Na 12 april moet het definitief afgelopen zijn met het gezeur. Een rechter in Hamburg moet dan voor eens en altijd een einde maken aan een slepend thema in de Duitse politiek: de vraag of de kanselier zijn haren verft.

Gerhard Schröder heeft er genoeg van. Hij verft zijn haren niet. Ook niet een beetje. En een ieder die het tegendeel beweert krijgt met zijn advocaten te doen.

De haar-kwestie achtervolgt de 57-jarige SPD-politicus al sinds de vorige verkiezingscampagne in 1998. Destijds werd tot groot ongenoegen van de kanselierskandidaat al gesuggereerd dat hij het haar aan zijn slapen laat bijkleuren om het eerste grijs aan het zicht te onttrekken. Vooral de boulevardpers had er een dankbaar thema aan.

De campagne voor de bondsdagverkiezingen 2002 was koud van start gegaan of de kwestie kreeg een tweede leven. Een imagospecialiste, Sabine Schwind von Egelstein, stelde in een vraaggesprek met persbureau DDP dat de kanselier aan geloofwaardigheid zou winnen als hij het grijs aan zijn slapen niet zou verdoezelen.

De kanselier kwam onmiddellijk in actie. Persbureau DDP kreeg een brief van Schröders advocaat Michael Nesselhauf waarin de kanselier de aantijgingen tegensprak. Het persbureau liet de ontkenning onmiddellijk circuleren.

Maar dat vond Schröder niet genoeg. De bondskanselier wil het citaat van mevrouw Schwind von Egelstein definitief uit de wereld hebben. De rechtbank in Hamburg is gevraagd herhaling van het citaat strafbaar te stellen. De kappers van de kanselier, Stephan Kraus in Schröders woonplaats Hannover en societykapper Udo Walz in Berlijn, hebben inmiddels schriftelijk verklaard dat er niet aan de haarkleur van de kanselier gemorreld wordt.