Moslims kwetsen Nederland

Nederland is in de ban van de islam. Maar waar blijven de moslims zelf? Schrijver Hafid Bouazza roept de moslims in de politiek op misstanden in eigen gelederen aan te pakken. `Vrijheid voor iedereen is belangrijker dan zielenheil dat een religie belooft.'

Interviews en debatten lijken het favoriete tijdverdrijf voor babbelminnend Nederland. De aanvragen stroomden binnen nadat ik in NRC Handelsblad van 20 februari de houding van Nederland bekritiseerde tegen de uitwassen van de islam. In het artikel betoogde ik dat er sinds de jaren tachtig een fundamentalistische stroom in Nederland is, vergelijkbaar met rechts-extremisme, en dat de Nederlandse overheid en de moslimgemeenschap onwillig zijn deze stroom te marginaliseren. Omdat ik er niet veel voor voel om een pratende kop te worden die ether en beeldscherm vult met efemere graffiti en vanwege de simpele reden dat ik schrijver ben, geef ik er de voorkeur aan mijn opvattingen schriftelijk uiteen te zetten.

De persoonlijke reacties van lezers liepen uiteen, maar ze kwamen op één punt overeen. Dat was de angst of de zorg dat het artikel, zoals iemand dat mooi verwoordde, mij `de kop zou kosten'. Als Nederlanders die angst al hebben, hoe angstig moeten de mensen uit de islamitische gemeenschap dan zijn om moslimextremisme te bekritiseren? En sinds wanneer moet je in Nederland voor je leven vrezen omdat je een overtuiging verkondigt?

Dit is een zorgwekkende situatie die tegelijkertijd de paradox weergeeft waarin de islam verkeert: ons wordt verteld dat deze religie verdraagzaam is, maar wat stelt verdraagzaamheid nog voor als iemand bang moet zijn een gedachte te uiten die afwijkt van de beginselen of als iemand bepaalde regels ervan openlijk durft af te keuren? De passage in de koran over verdraagzaamheid is nobel genoeg: `O mensen wij hebben u als man en vrouw geschapen en als stammen en volkeren opdat u elkaar leert kennen. De beste onder u voor God is de meest godsvruchtige.'

Er wordt te vaak met het vage begrip `respect' gesabeld. Soms bekruipt mij het nare gevoel dat moslims met `respect' bedoelen: kritiekloosheid en een heilig ontzag jegens hun overtuiging. Maar Nederland, dat moet gezegd, is geen islamitisch land. In Nederland worden verschillende opvattingen getolereerd.

De trieste affaire met Salman Rushdie tegen wie de fatwah werd uitgesproken heeft een dieper trauma blootgelegd dan erkend is. Niet alleen de vrijheid van meningsuiting is in het geding, ook de vrijheid van diversiteit en gelijkgerechtigdheid. Dat zijn de belangrijkste fundamenten van de Nederlandse samenleving.

Aanvankelijk lag het in mijn bedoeling de verklaring voor de crisis van de islam te zoeken in een brede historische en culturele context. Ik wilde beginnen bij Mohammeds leven en de lijn doortrekken naar het heden. Maar toen overviel mij de simpele en essentiële vraag: waarom? De oplossingen voor de huidige problemen liggen niet in het verleden en zo'n historische omweg leidt af van de verwarring en wanhoop van vandaag. Het is aan de moslims zelf om de crisis binnen de islam te bezweren. De belangrijkste reden dat ik ervan afzag was dat ik wil opkomen voor de vrijheid in Nederland – dat is het thema dat mijn muze bezingt. Die vrijheid is helaas niet meer zo vanzelfsprekend en goedmoedig. Het is toch van de pot gerukt dat elke opvatting over de islam gerangschikt wordt onder anti-islamisme of islamofilie. De nuance is zoek en extremisme bestrijd je het beste met de nuance.

Deze houding is een ongemakkelijk teken dat moslims niet als volwaardige burgers of gesprekspartners worden beschouwd. Als het gaat om een strijd der geesten, hoeft niemand voor de ander op te staan of een stap terug te zetten.

Een debat met zulke reflexen is kreupel. En dat debat wordt al te vaak gevoerd op basis van selectieve redeneringen. Een goed voorbeeld is de neiging om het anti-islamisme dat bepaalde mensen denken te bespeuren in de Nederlandse samenleving te vergelijken met het antisemitisme. Er wordt gewezen op de meisjes met hoofddoek die bespuugd zijn, op de bakstenen door islamitische schoolramen en op brandstichting in moskeeën. Dit zijn verfoeilijke daden en zelfs de schrik na de aanslagen van 11 september 2001 kan ze niet vergoelijken.

Maar wie hierop wijst mag niet nalaten ook te wijzen op de misdragingen van groepen moslims. Is Nederland de jongens vergeten die demonstreerden met de leus `Hamas! Hamas! Alle joden aan het gas'? En de hysterische menigte Turken die door Amsterdam trok voor het behoud van het Riva-terrein, dat illegaal was opgekocht om er een islamitisch centrum te vestigen? De demonstranten sloegen onverholen dreigende taal uit tegen de gemeente die andere plannen had met het terrein, namelijk woningbouw. Het centrum is er gekomen, maar de woningnood (ik kan erover meepraten) schreeuwt nog steeds om een oplossing. Een zwembad werd gesloten omdat Marokkaanse jongetjes er niet kwamen zwemmen (het chloor en water hadden hun hitsigheid kunnen koelen), maar er empirisch anatomisch onderzoek verrichtten. En neem de crimineeltjes in Rotterdam voor wie de Nederlanders blijkbaar portemonnees-op-twee-voeten zijn. Er zijn meer vreselijke voorbeelden en ik hoef ze hier niet allemaal op te sommen.

Erfenissen

Waar, vraag ik me af, blijft de stichtende en heilzame invloed van de islam op deze jongetjes? De buurtvaders waren een nobel en blijkbaar effectief initiatief, maar in de euforie zag men de droeve waarheid over het hoofd die daarmee openbaar werd: Marokkanen accepteren kennelijk alleen de autoriteit van de eigen mensen. Wat de politie niet voor elkaar krijgt kunnen de vaders wel. Waarom dan die opvoedende kwaliteiten niet binnenshuis toegepast?

De angst voor discriminatie in Nederland is na de aanslagen van 11 september begrijpelijk, maar zelfs de argusogen van de moraalridders hebben een selectieve blik. Want wat doet Nederland tegen de systematische discriminatie van vrouwen door de leerstellingen van de islam? Vlekkeloos Nederlands sprekende `hoofddoekjes' hebben Nederland doen geloven dat man en vrouw voor de islam gelijk zijn, hetgeen een leugen is. De koran is daar heel duidelijk over: `De mannen zijn de beheerders van de vrouwen met wat hun hand bezit en omdat God de één boven de ander heeft verkozen.' En op een andere plek: `Mannen staan een trede boven de vrouwen.' De getuigenis van een vrouw geldt niet als volwaardig – daar zijn twee vrouwen voor nodig. Anders dan de man mogen vrouwen niet met een niet-moslim trouwen. Bij erfenissen krijgt een dochter altijd de helft van wat een zoon ontvangt, ongeacht de leeftijd. Een scheiding aanvragen is bijna onmogelijk voor een vrouw, terwijl een man enkel drie keer de verstotingsformule hoeft uit te spreken om van zijn eega af te zijn. De bekende Egyptische arts en feministisch schrijfster Nawal Saadawi moest haar echtgenoot dreigen met castratie voordat hij de scheidingspapieren wilde ondertekenen.

Een man mag van een vrouw scheiden als zij alleen maar dochters baart. Jongens bedrijven seks voor het huwelijk zonder problemen, maar voor meisjes die hetzelfde doen zijn de gevolgen rampzalig. Meisjes zijn nog steeds de gevangenen van een mythisch maagdenvlies en geen wetenschappelijk argument kan de noodzaak tot bloederige ontmaagding doorbreken.

Ik zie geen gelijkstelling tussen man en vrouw. Of kijk ik misschien, zoals mij vaak is verweten, met westerse ogen? De nieuwe koning van Marokko wilde verregaande wetten doorvoeren om de positie van de vrouw te verbeteren, zoals invoering van het scheidingsrecht voor de vrouw. Bijna de helft van de Marokkaanse bevolking roerde zich in een jeremiërend protest, vereeuwigd op een kostelijke foto op de voorpagina van de Volkskrant. Op de voorgrond trok een witbebaarde man de aandacht, in de klassieke houding van Arabische verontwaardiging – mond open, huig zichtbaar, handen tegen de slapen, deinend hoofd. De arme grijsaard moet vervloekt zijn geweest met negen dochters. En ook moslims in Nederlandse moskeeën gromden afkeurend.

Vele jaren geleden werd president Bourgiba van Tunesië met hoon begroet toen hij de Tunesiërs de vrijheid gaf af te zien van het vasten tijdens ramadan, terwijl zijn onderdanen allang stiekem de regels overtraden. Iemand die hardop aan de orde stelt wat veel gelovigen allang stiekem doen, zondigt tegen de regels van de islam.

Baklava

Waar blijft de empathie van geëmancipeerd Nederland? Wat doet de Nederlandse overheid? We weten wat zij doet. Die zegt: `Het is hun cultuur.' Minister Borst wilde zelfs zover gaan vrouwenbesnijdenis toe te staan onder medisch toezicht. Circumcisie van vrouwen is geen islamitische traditie – hoewel islamieten er wel bekend mee waren, zoals blijkt uit de omschrijving `vrouwenbesnijdster' voor een onhygiënische vrouw in de oude literatuur – maar wordt wel in enkele islamitische landen toegepast. De eerdergenoemde schrijfster Nawal Sadaawi heeft een misselijkmakende beschrijving gegeven van haar eigen besnijdenis.

Volgens minister Borst was haar toezichtsplan in elk geval beter dan fysiek, seksueel en psychisch verminkt te worden met een roestige nijptang en nog roestiger scheermes. En dat stelde een vrouw voor! Maar wat wil je, het is cultuur. Maakt Nederland zich geen zorgen over de toekomst van de Marokkaanse meisjes hier die later geen huwelijkspartner zullen vinden, omdat ze voor hun mannelijke landgenoten `te vrij' zijn? En hoe serviel moeten de versgeplukte vrouwen uit de blauwe bergen van Marokko eigenlijk zijn? Wat als deze blozende, zuiver Marokkaanse import hier ook `te vrij' wordt, wat wordt dan de volgende stap? Ik vrees dat deze jongens dan maar met een etalagepop trouwen. Ook dit zal wel als `hun cultuur' vergoelijkt worden. Hier, neem nog een baklava.

Het moet een historisch moment zijn geweest toen het Vaticaan en de Azhar-universiteit (het Vaticaan van de islamitische wereld), tijdens een conferentie over de wereldbevolking, het roerend eens waren over anticonceptiemiddelen. Beide instituten waren natuurlijk tegen. De eerste omdat het koninkrijk Gods met zielen bevolkt dient te worden, de tweede omdat anticonceptie een vrijbrief voor de vrouw zou zijn om overspel te plegen.

Ik beken een bepaald ongemak te voelen dat dit uit de pen van een man moet komen, terwijl genoeg moslimvrouwen in de politiek zitten. Waar blijven de vooruitziende blik, de pragmatiek, de sociale bewogenheid en de diepe menselijkheid die zo typerend zijn voor vrouwen? Waar de female bonding? De strenge regels voor vrouwen ontstonden na een compromitterend incident waarbij Aisha betrokken was, de jongste en favoriete vrouw van de profeet Mohammed en de gelijknamige heldin van de opera die wij niet mochten zien.

Ik geloof niet in emancipatie met een hoofddoek. Allereerst omdat de essentie van het bedekken van het haar de erkenning is van het mogelijk seksueel gevaar dat de vrouw voor mannelijke hormonen is. Er schuilt iets magisch in lokken, denk aan het verhaal van Samson. Denk aan de lokken van Berenice die uit de tempel van Venus werden gestolen en als een constellatie in het firmament gezet – Catullus heeft er een mooi gedicht over geschreven. Zowel Apuleius als grootmeester Vladimir Nabokov wijden duizelingwekkende passages aan de beschrijving en betovering van het vrouwelijk haar. De sluier bedekt dus iets wat als de symbolische essentie van de vrouw wordt gezien, namelijk verleidelijkheid. De paradox is dat de sluier niet de vrouw beschermt, maar uiteindelijk de man. Er is een opvatting dat het libido van de vrouw negen keer groter is dan dat van de man. Geestelijke bevrijding begint nooit bij fysieke zelfontkenning.

De tweede reden waarom ik niet geloof in emancipatie met een hoofddoek is dat ik geen enkel meisje, hoe uitgesproken ook, iets heb horen verkondigen dat een imam niet gezegd zou kunnen hebben. Ik heb altijd gedacht dat het de Marokkaanse gemeenschap beter zou vergaan als de vrouwen het meer voor het zeggen hadden. De jongste lichting vrouwen in de politiek heeft mij ongelijk gegeven, maar niet mijn overtuiging weggenomen. Al bewonder ik wel de lenigheid waarmee ze hun ambitie proberen te realiseren. Maar ik ben voorbereid op de teleurstelling, zolang zij het als hun eerste taak zien de islam te verdedigen en dan pas (ergens aan de heiige horizon) misstanden in de eigen gelederen aan te pakken.

De grootste taak die zij in mijn ogen te vervullen hebben is hun broeders en vaders ervan overtuigen dat een vrije vrouw geen promiscue vrouw is. Het is erg genoeg dat zo'n eenvoudige waarheid nog niet overal is doorgedrongen. Wat dit bemoeilijkt is dat de mannen altijd de koran aan hun kant hebben. Emancipatie is bevrijding uit slavernijketens en je kunt niet verwachten dat degene die je kluistert je helpt ze af te leggen.

Ik geloof niet dat er een anti-islamitische sfeer in Nederland hangt. Ik geloof wel dat we, of we willen of niet, in de ban van de islam zijn. De media hiervan de schuld geven is gemakkelijk en flauw: met net zo veel recht kun je zeggen dat de moslims de macht van de media hebben ontdekt. En wie de ontwikkeling van de luidruchtigste groeperingen binnen de islam heeft gevolgd vanaf de hysterie over het meesterwerk The Satanic Verses van Salman Rushdie (er zijn toen doden gevallen) kan niet anders concluderen dan dat moslims mondiger en agressiever zijn geworden. Wat de aanslagen in Amerika nog schrijnender maakt is dat ze een wond sloegen in de door de affaire Rushdie wankelende geest van het westen.

De term anti-islamisme is een rookgordijn. Daarachter verbergen zich de relativisten die vinden dat er niet genoeg concessies gedaan kunnen worden, wijzend op de eigen zwerfkeien van obscurantistische opvattingen. Vergelijkingen helpen niet in een situatie waarin vooral de verschillen opvallen. In de islamitische indigestie waaraan de media lijden hoor ik vooral een getergde kreet om helderheid. Tot nu toe hebben de welbespraakte moslims zich enkel als apologeten opgesteld. Persoonlijke trots en culturele eer belemmeren een dialoog. Er moet erkend worden dat de Nederlandse samenleving groter is dan de islam. Wie sust de gekrenkte verbazing van de Nederlanders die terecht geschrokken zijn van het begrip dat veel moslims zeiden te hebben voor de aanslagen in Amerika? Waar bleven, na de aanslagen door wat zij zelf noemden `een misbruiker van het geloof', de morele steun en blijk van verbondenheid door de `juiste gebruikers' van het geloof? Want waren zij dan ook niet geschoffeerd door een ongekend misbruik?

Ik geloof dat op dat moment Nederlanders zich verlaten voelden. En dat wekte niet alleen angst op, maar deed bijzonder veel pijn. Dat verklaart de harde woorden die er sindsdien zijn gevallen, met anti-islamisme heeft dat niks te maken. Angst en pijn zijn de bron van woede.

Windmolens

Waartoe leidt de onzinnige discussie of Nederland al dan niet een multicultureel land is, terwijl de naden van de samenleving scheuren vertonen en het ene deel van de bevolking een vreemde is voor het andere?

Dialoog en toenadering zijn alleen mogelijk (beste vrienden hoeven we niet te worden) als de islam kan accepteren dat het beeld van de westelijke vijand niet meer noodzakelijk is voor de eigen politieke en culturele profilering. Want het is een gevecht tegen windmolens.

Iemand opperde dat er een soort Institut de Monde Arabe in Nederland opgericht moet worden om de kloof tussen moslims en Nederland te dichten. Hoewel ik de eerste zou zijn om zo'n instituut met een aanzienlijke, ongecensureerde bibliotheek toe te juichen, hoop ik dat het er niet komt in deze getourmenteerde en verwarrende tijden. Zo'n instituut moet gebaseerd zijn op cultuur en wetenschap, en niet fungeren als amulet om angsten te bezweren. Religie moet een persoonlijke aangelegenheid worden. En Nederland kan niet verder gaan zonder de vrijheid en gelijkgerechtigdheid (niet naar de mensen kijken, maar naar de daden) in ere te herstellen. Het mag nooit afwijken van het standpunt dat godsdienst slechts een deel is van zijn complexe en bonte identiteit. Op dit moment is dit vergezicht, een triomf van humanisme en menselijke ontwikkeling, aan het zicht onttrokken. De lovenswaardige verrichtingen van de Nederlandse cultuur garanderen vrijheid voor iedereen en wat beschermd dient te worden is deze vrijheid die immens veel groter is dan het zielenheil dat een religie mag beloven. Een religieuze identeit is nu eenmaal beperkter dan een humanistische. Als de geschiedenis iets leert, dan dit wel.

We moeten weer overgaan tot de orde van onze welgevulde dag. Want een mens moet uiteindelijk toch voort en ik vraag me af hoeveel moslims de diepere strekking van deze conclusie zullen begrijpen.

Hafid Bouazza is schrijver van de roman `Salomon'. Op 20 februari stond in deze krant zijn artikel: `Nederland is blind voor moslimextremisme'.