`De waarheid is vergeten'

Yasser Arafat mag van Israël al twee maanden zijn huis niet uit. Maar als de Palestijnse leider niet naar de wereld toe mag, haalt hij de wereld wel naar Ramallah. Op bezoek in een bunker met dikke rode tapijten en lakeien met smetteloos witte boorden.

Het hoofdkwartier van de Palestijnse leider Yasser Arafat in Ramallah ligt zo'n twintig kilometer ten noorden van Jeruzalem. Van buiten lijkt het een zwaar bewaakte kazerne of een moderne gevangenis: een groot complex met administratieve gebouwen, omringd met hoge betonnen muren, prikkeldraad en wachtposten. Bij de grote toegangspoort staan Arafats lijfwachten van Force 17. Mannen met groene baretten, de wapens in de aanslag.

Het is donker, kil en miezerig weer, en op straat is de sfeer grimmig. Een paar Palestijnse soldaten houden de poort van een afstand onder vuur. Ze zitten voor een gecamoufleerde tent en hebben een vuurtje gemaakt. In het duister lichten hun verkleumde gezichten af en toe op, net als de loop van hun machinegeweer. De Nabloesstraat ligt er op dit late uur desolaat bij.

De toestand is gespannen na het geweld van de jongste weken. De Israëlische soldaten die de talloze controleposten in de nabije omgeving bemannen zijn dezer dagen uiterst zenuwachtig en ze schieten vaak in paniek, uit angst voor Palestijns geweld. Bij een aanval op een controlepost ten westen van Ramallah werden zo'n week geleden zes Israëlische soldaten gedood.

De controlepost in Kalandia, op de weg van Jeruzalem naar Ramallah, is vandaag om drie uur 's middags voor het eerst helemaal dichtgegaan. De soldaten hebben daar nu uit vrees voor nieuwe aanslagen in het midden van een bufferzone postgevat. Het gaat om een strook van zo'n tweehonderd meter waar de weg over de hele lengte sinds een paar dagen wordt afgeschermd met betonblokken en een metalen omheining, een drie meter hoog hek voorzien van prikkeldraad. Aan weerszijden van de weg staan op een heuveltop machinegeweren opgesteld.

De Israëlische soldaten hebben geen direct contact meer met de Palestijnen. Met een megafoon snauwen ze orders en waarschuwingen, en zodra iemand ook maar aanstalten maakt om toch een stap in hun richting te zetten, schieten ze in de lucht. In Nabloes is twee dagen eerder een man doodgeschoten die met zijn zwangere vrouw op weg moest voor de bevalling, en de nacht daarvoor deed zich op dezelfde plaats een soortgelijk incident voor. In Ramallah blijf je 's nachts dus maar beter binnen. Maar voor een vraaggesprek met Arafat moet een journalist 's nachts wel de straat op. Want ondanks een zwakke gezondheid en zijn 73 jaar is de president, Al-Raïs, een harde werker die aan een paar uur slaap genoeg heeft.

Bij de poort wordt de identiteit van de weinige bezoekers grondig geverifieerd. Zonder uitnodiging komt niemand deze belegerde vesting binnen. Nog altijd leeft bij de Palestijnen de vrees dat de Mossad, de beruchte Israëlische geheime dienst, Arafat wil vermoorden.

De president is in Ramallah al twee maanden lang een gevangene, of beter een leider onder huisarrest. Sinds midden december stonden Israëlische tanks voor de muren van dit plaatselijke hoofdkwartier. En net als het presidentiële paleis in Gaza-stad, is het complex in Ramallah bij een paar vergeldingsacties vanuit gevechtshelikopters met raketten bestookt. Toch loopt Arafat niet écht veel risico. De Israëlische regering is zowel door Arabische leiders als de Egyptische president Mubarak als door de Amerikaanse president Bush gewaarschuwd dat Arafat niets mag overkomen.

Afgelopen zondag verdwenen de tanks rond Arafats basis. De Israëlische regering gaf die opdracht nadat de Palestijnse president drie landgenoten liet oppakken die door Israël verdacht worden van de moord op de Israëlische minister van Toerisme Ze'evi. Maar al stonden de Israëlische tanks weer bij de kazerne vlakbij de joodse nederzetting aan de rand van de stad, de president van de Palestijnse Nationale Autoriteit (de PA) mocht nog altijd de stad Ramallah niet uit. Arafat reageerde ziedend en de Palestijnen spraken van een vernedering. Op de bekendmaking volgde meteen een nieuwe reeks aanslagen.

Lakeien

Arafat speelt ondanks zijn `huisarrest' wel degelijk nog mee. Als hij niet naar de wereld toe mag, dan haalt hij de wereld wel naar zich toe. De Palestijnse leider bedrijft zijn buitenlandse politiek en oefent invloed uit via de wereldpers. Met niet aflatende energie geeft hij zijn positie te kennen in interviews.

De journalisten moeten geduldig hun beurt afwachten. In Ramallah wel te verstaan; iemand die in Jeruzalem zit te wachten weet immers niet zeker of hij wel in Ramallah komt. Bovendien is haast geboden. Na een telefoontje verwacht de president de ontboden journalist binnen vier minuten bij zijn hoofdkwartier. Zonder een sprintje lukt dat niet. Veiligheidsagenten fouilleren de bezoeker uitgebreid. Daarna voert een luxueuze lift de bezoeker weg uit de betonnen hel beneden naar een echt paleis: behaaglijk warme kamers, dikke rode tapijten, lakeien met smetteloos witte boorden en adviseurs die hun talen spreken en je efficiënt tot in de grote, officiële werkkamer van Al-Raïs binnenleiden.

Arafat lijkt totaal in beslag genomen door zijn werk. Hij is in uniform, met de obligate wit en zwarte koufia op zijn hoofd. Hij zit gebogen over zijn grote bureau, en voor hem liggen stapels brieven en contracten. Hij leest en verbetert met een rode pen, schrapt en zet uiteindelijk zijn handtekening.

Zodra het interview begint, reageert hij alert en uiterst strijdbaar. Het gesprek wordt meteen een soort krachtmeting. Je voelt dat hij de leiding wil nemen. Hij weet duidelijk wat hij gezegd wil hebben. Niet makkelijk laat hij zich in een hoek drijven of afleiden van wat hij wil vertellen. Uit al zijn antwoorden blijkt ook dat hij volkomen meester is van de situatie. En datgene waarover hij geen controle heeft weet Arafat zo uit te leggen dat hij uiteindelijk toch het pleit zal winnen. Hij heeft de troefkaarten in zijn hand en het morele gelijk aan zijn kant.

,,Het is niet de eerste keer dat ik word belegerd.'' Zijn onderlip trilt, als van woede, maar dat is nog nauwelijks merkbaar, en zijn ogen schieten vuur. ,,Het zou ook niet de eerste keer zijn dat de man die nu de Israëlische eerste minister is, Ariel Sharon, me probeert te vermoorden'', zegt Arafat, verwijzend naar de Israëlische invasie en het beleg van zijn hoofdkwartier in West-Beiroet in de zomer van 1982.

Sharons nieuwe plan, dat voorziet in bufferzones tussen Israëls zogenoemde `groene lijn', de grens van vóór de Zesdaagse Oorlog in 1967, uitbreiding van de controleposten en landmijnen en prikkeldraad, bevat volgens Arafat niets nieuws.

,,Het is niet moeilijk in te zien dat zij hun oude plannen blijven koesteren. Ze drijven hun militaire agressie tegen ons volk en tegen onze infrastructuur steeds verder door. Sharon is de enige Israëlische officier die in het verleden krijgsgevangenen, vooral Egyptische gevangenen, heeft afgemaakt. Hij herhaalt dag en nacht dat hij geen vrede wil, en dat Oslo (het vredesakkoord dat de toenmalige Israëlische premier Rabin en Arafat in 1993 in de Noorse hoofdstad sloten, red.) dood is. Hij is al lang geleden begonnen, eerst met een Berlijnse muur rond Jeruzalem, en toen een beleg rond Bethlehem.''

Arafat laat zich niet provoceren met vragen over een alternatief Palestijns leiderschap. De zittende president doet schamper over Sharon, die duidelijk op een machtswisseling aanstuurde bij ontmoetingen met Ahmed Qrei, de voorzitter van het Palestijnse parlement, en andere `gematigde' leiders, zoals Abu Mazen. ,,Ik ben gekozen door het Palestijnse volk. Niemand kan die verkiezingsoverwinning wegnemen. Willen ze iemand anders aanstellen? Het lijkt wel alsof Sharon vindt dat onze leider wordt verkozen door de Israëliërs.''

Staakt-het-vuren

Vorige week heeft Arafat nogmaals zijn oproep voor een staakt-het-vuren herhaald. En na een ontmoeting met de Europese Unie-vertegenwoordiger, Javier Solana, wil hij de besprekingen met de Israëliërs hervatten over de veiligheid. Dit overleg schortte Arafat eerder op als reactie op de Israëlische weigering om hem zijn bewegingsvrijheid terug te geven. ,,Dat is omdat de Europese vrienden en de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken mij dat hebben gevraagd. Zij en ook de Russen en sommige Arabische leiders hebben mij verzocht die ontmoetingen onder supervisie van de Verenigde Staten niet op te zeggen.''

Voor Arafat is het akkoord van Oslo niet dood. ,,De meerderheid van ons volk en de leiders staan volledig achter de `Vrede van de dapperen'. Wij werken verder aan het vredesproces.'' Hij verwijst naar de reservisten in het Israëlische leger die weigeren dienst te doen in de Palestijnse gebieden, en naar de druk die de Amerikaanse president George Bush in 1991 heeft uitgeoefend op de toenmalige Israëlische premier Shamir, om hem in Madrid te krijgen.

,,Ik heb dat met de huidige Amerikaanse president besproken, en hem gevraagd in zijn vaders voetstappen te volgen. Vergeet niet dat de president zich in zijn toespraak voor de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties voor een onafhankelijke Palestijnse staat heeft uitgesproken.''

Verwacht hij echt toegevingen van Sharon omtrent Oost-Jeruzalem, het recht op terugkeer van de vluchtelingen, de nederzettingen? ,,Vergeet niet dat wij werken op de basis van resoluties 242 en 338 van de Verenigde Naties, de basis van de Conferentie van Madrid (in oktober 1991, waar Israël, de Palestijnen, de Arabische landen en Verenigde Staten spraken over vrede in het Midden-Oosten, red.). Ik heb sluitende schriftelijke garanties, ook over Jeruzalem, van de Verenigde Staten. Vergeet dat niet!''

Hij loopt naar een kast en komt terug met een document dat is ondertekend door Shimon Peres, de Israëlische minister van Buitenlandse Zaken uit 1993. ,,En vergeet niet dat bij onze verkiezingen (in 1996) Oost-Jeruzalem een kiesdistrict was. Het is alleen onder die voorwaarden en met die garanties dat ik het Oslo-akkoord heb getekend.''

Hij legt uit hoe hij premier Barak heeft bezworen Sharon geen toestemming te geven voor zijn provocerende bezoek aan de Al-Aqsa moskee op 28 september 2000, waarmee de huidige intifada begonnen is. ,,Ze hebben niet naar mij geluisterd, en zaaien nu hun doornenveld voor ons volk!''

Laars

En de nederzettingen? Er zijn meer nieuwe nederzettingen gebouwd sinds het begin van het Oslo-vredesproces in 1993 dan ervoor. Zal Sharon daar verandering in brengen? Gelooft hij dat echt? Wat wil hij bereiken als hij het heeft over een hervatting van de onderhandelingen?

,,Vergeet niet dat al die nederzettingen illegaal zijn gebouwd. Dat vinden ook de Amerikanen. Daar moest onmiddellijk mee worden gestopt, dat is beslist. Maar de Israëlische regeringen hebben dat aan hun laars gelapt. Met Rabin was afgesproken dat alle nederzettingen in Gaza binnen de drie jaar zouden worden ontmanteld. Maar zie wat ze nu doen: het is allemaal deel van hun acties tegen het vredesproces, en volkomen tegen het internationaal recht. Hoelang zal de wereld dat nog aanvaarden?

,,Wij zijn bereid om tot vrede te komen. Maar het Israëlische plan is een voortzetting van de militaire belegering van ons volk. We krijgen nu nog meer tanks en nog meer soldaten, dus meer geweld. En hij (Sharon) heeft nu ook beslist ons land op te delen in kleine bantoestans, kantons.''

,,Hoe durft u hun grove leugens herhalen?'', reageert hij op de vraag naar de `draaideur-politiek', het feit dat veel militanten van Hamas en andere extremisten door de Palestijnse Autoriteit opgepakt worden en onmiddellijk weer vrijgelaten. De vraag of hij werkelijk alles doet om het geweld te stoppen laat hij onbeantwoord. ,,U zou meer zelfrespect moeten hebben, en zien wat de waarheid is. Zij liegen, en iedereen herhaalt wat zij zeggen!''

De Palestijnen dringen er volgens Arafat op aan dat de internationale gemeenschap waarnemers stuurt en vooral dat het Comité van Vier – de Verenigde Staten, de Russen, de Europese Unie en de Verenigde Naties – onder leiding van de Amerikaanse bemiddelaar, generaal Zinni, terugkeert om tot een staakt-het-vuren te komen. Basis voor de onderhandelingen zijn volgens hem de Tenet- en Mitchell-rapporten en -aanbevelingen.

Hoe belangrijk zijn de Europeanen? ,,Denkt u dat de Amerikanen om Europa heen kunnen?'' Ja, maar de Britten bijvoorbeeld? Jack Straw steunt Sharons politiek en de Europese Unie is verdeeld? ,,Er is maar één beslissing, de Europese Unie is voor een onafhankelijke Palestijnse staat!''

Wat denkt hij van de voorstellen van de Saoedische kroonprins Abdullah? ,,Het is zeer belangrijk als initiatief. Wij appreciëren het voorstel, en staan voortdurend in contact met de Saoediërs. Wij zullen dat voorstel in detail bespreken, tijdens de top in Beiroet, over twee weken. Wij moeten onze politiek coördineren met de Arabische wereld. Vrede is niet alleen belangrijk voor de Palestijnen.''

Buiten gekomen vallen de tientallen limousines met vip-nummerplaten op. Onder normale omstandigheden vervoeren zij Arafat en zijn gevolg, en ook de leden van de regering van de Palestijnse Autoriteit en het parlement. Van Gaza reizen de politici daarmee via Israël naar de Westelijke Jordaanoever. Maar nu staan de auto's stil. Om in Jeruzalem te komen moet je dezer dagen 's nachts tot vlakbij de controlepost van Kalandia rijden, en dan twee kilometer te voet de heuvels intrekken. Een wandeling door een rotsachtige en stoffige woestenij, tot je opnieuw tot bij de autoweg komt. Het is volle maan, en vanuit Ramallah weerklinkt het staccato van een vuurgevecht. Maar sinds het begin van wat de Palestijnen de `Al-Aqsa intifada' noemen, eind september 2000, kijkt niemand daar nog van op.