We spelen onze ouders

In 1962 werkte Hugo Claus het filmscript van `De dans van de reiger' om tot een toneelstuk. Het was een groot succes. Na veertig jaar wordt het opnieuw opgevoerd. `Men wil altijd weten wat de bedoeling is', verzucht Hugo Claus.

De scène bij de boom gaat nog niet goed. Het is niet helder, vinden de acteurs – er wordt te veel gerommeld en ook te veel geschreeuwd. ,,Het zou lichter moeten'', beaamt regisseur Victor Löw, als hij het spel even heeft onderbroken voor nader overleg. Er valt een stilte, en in die stilte kijkt Löw naar links. Daar zit Hugo Claus, de schrijver van De dans van de reiger, die een middagje bij Het Toneel Speelt naar de repetities komt kijken. Sinds het stuk bijna veertig jaar geleden door de Nederlandse Comedie voor het eerst werd gespeeld, heeft hij het niet meer teruggezien.

Tot dusver heeft Claus zijn mond gehouden. Geïnteresseerd zat hij aan de tafel in het repetitiezaaltje van de Amsterdamse Stadsschouwburg toe te kijken, en af en toe stak hij er een flinterdun filtersigaretje bij op. Maar nu, terwijl Mark Rietman, Ariane Schluter, Carine Crutzen en Reinout Bussemaker zijn gaan zitten en hem vragend aankijken, wil hij wel wat zeggen. Graag zelfs, zo te horen. ,,Ik vind het heel goed'', zegt hij met zijn hese, zachte stem, ,,maar ik zou een deel van het geschreeuw wegdoen. Dan versta je het beter en dan heb je het als acteur ook meer in de hand. Maak het hoekiger, maak een mozaïek van harde, scherpe kantjes die in elkaar steken. Stoppen, denken, en dan weer wat anders doen.''

,,Dus minder stromen'', begrijpt Carine Crutzen. Claus knikt. ,,Laten we het nu eens proberen zonder dat iemand zich in de emoties verliest'', oppert Löw. ,,Gewoon kijken wat dat oplevert.'' De repetitie gaat nog een half uur verder. De acteurs spelen nu lichter, minder psychologiserend. Dan wordt het tijd om te stoppen, morgen verder. Nog even naar het café, want de acteurs en de regisseur hebben de schrijver van alles te vragen over de beweegredenen van de door hem geschreven personages. Claus luistert met een sfinx-achtige uitdrukking op zijn gezicht. Hij geeft op geen enkele vraag een rechtstreeks antwoord. ,,Men wil altijd weten wat de bedoeling is'', verzucht hij met een minzame glimlach. ,,Maar die zit er al in. Ik zeg dan altijd: léés 't nog een keer.''

De dans van de reiger is in de Claus-canon in de schaduw geraakt van andere stukken. Hij heeft er meer dan vijftig geschreven. ,,En toch is het een aantrekkelijk en inspirerend stuk'', zegt Carine Crutzen na het samenzijn met de schrijver. ,,Maar lastig ook. Toen we het voor het eerst met z'n allen lazen, bleek het veel komischer te zijn dan we dachten, maar er zaten ook voortdurend van die stukjes in waarvan we zeiden: wat stáát hier nou? Zo intrigerend is het.''

Getroubleerde relatie

Hugo Claus schreef het aanvankelijk als filmscenario voor Fons Rademakers, voor wie hij eerder al als scenarist meewerkte aan de films Dorp aan de rivier (naar Antoon Coolen) en Het mes (naar zijn eigen korte verhaal). Voor dit script, over de getroubleerde relatie tussen twee echtelieden, de moeder van de man en een passant die de vrouw het hof maakt, kon Rademakers echter geen financiering vinden. Het was ongebruikt gebleven als Claus het niet in 1962 op verzoek van Ton Lutz tot toneelstuk had bewerkt.

Lutz was de man die hem als toneelschrijver heeft ontdekt en geïntroduceerd. Claus' eerste stuk, Een bruid in de morgen, zwierf ongespeeld door Nederland en Vlaanderen, tot Lutz het via de actrice Ina van Faassen onder ogen kreeg. Als artistiek leider van het Rotterdams Toneel zette hij het in 1955 onmiddellijk op het repertoire. Lutz regisseerde daarna ook de volgende zes stukken van Claus. Eén daarvan was De dans van de reiger, in 1963 bij de Nederlandse Comedie. ,,Het was een goede voorstelling, die op de zaal een verpletterende indruk maakte'', herinnert de schrijver zich. ,,Alleen de kritiek wist niet precies hoe te reageren op de vileine manier waarop ik de personages had opengesneden.''

Voorzover De dans van de reiger zich laat samenvatten, gaat het stuk over een echtpaar dat tijdens een vakantie op Mallorca een huwelijkscrisis tracht te bezweren. Zij hunkert, maar hij hult zich in broeierig stilzwijgen. Als zij zich daarop laat meeslepen door een onbestemde landgenoot, blijft hij achter bij zijn moeder, die haar leven lang naar het perverse neigende spelletjes heeft gespeeld. En de vraag is vervolgens of de zwartgallige man zich nu ook in zo'n spelletje zal verliezen. ,,Dat het moeilijk is een aannemelijk leven op te bouwen en zichzelf daarbij niet te verloochenen – dat is zo ongeveer de hele problematiek van het hedendaagse kunstwereldje'', schreef recensent W. Boswinkel destijds in het Algemeen Handelsblad. Ook in de andere kritieken klonken reserves door; men vond het lastig het nieuwe stuk van Hugo Claus te duiden.

Intussen bleef Fons Rademakers zoeken naar financiers om er een film van te maken. Hij zette nu hoog in: het moest een internationale productie worden die de gekwelde sfeer zou ademen van De grote stilte van Ingmar Bergman, zijn grote voorbeeld. Ten slotte was de Duitse distributeur van Bergman bereid met Rademakers in zee te gaan. De hoofdrol ging naar de asblonde Gunnel Lindblom uit De grote stilte, haar tegenspeler werd Jean Desailly (uit Peau douce van François Truffaut) en de cameraman was Sacha Vierny, die onder meer L'année dernière à Marienbad en Belle de jour had gefilmd. Rademakers verplaatste de handeling naar het pas door de westerse burgerij ontdekte vakantieoord Dubrovnik, en deed ook anderszins zichtbaar zijn best een hypermoderne film te maken. Zo bracht hij nadrukkelijk in beeld welke vakantielectuur hij zijn hoofdrolspeelster in handen had gegeven: een exemplaar van Op weg naar het einde van Gerard van het Reve, in de toenmalige STOA-reeks van Van Oorschot.

Freudiaans

Zo werd De dans van de reiger (anno 1966) een stijlvolle film in haarscherp zwartwit, die echter zwaar gebukt ging onder Rademakers' hang naar freudiaanse ondertonen. Claus had zijn stuk de ondertitel `een nare komedie' gegeven, maar in de film viel niets komisch' meer te zien. Tenzij onbedoeld, want nog storender was – en, zo blijkt bij het weerzien, is nog steeds – de Nederlandstalige nasynchronisatie op een ouderwets geaffecteerde hoorspeltoon, die een rare afstand schept en de dialogen hopeloos bespottelijk maakt. ,,U bent het begeerlijkste wezen dat ik ooit heb ontmoet, uw ogen, uw haar, ik zal geen oog dichtdoen vannacht!'' – en dat met de statige intonatie van Paul Vlaanderen die een verdacht persoon opdraagt voortaan op zijn tellen te passen. Gunnel Lindblom sprak met de stem van Hetty Verhoogt en Jean Desailly met die van Rademakers zelf.

Het was Rademakers zwaar te moede toen de film flopte. ,,In Nederland is men nu eenmaal niet gedisponeerd voor het drama'', zei hij. ,,Dat is een waarheid als een koe.'' Pas vijf jaar later maakte hij zijn volgende film, Mira, met meer succes.

De acteurs en de regisseur van de nieuwe voorstelling hebben de verfilming van De dans van de reiger niet gezien. De meningen lopen uiteen: de één zou wel willen, maar heeft er nog geen tijd voor gehad, en de ander laat zich liever niet verwarren door andermans interpretatie. Het stuk is door de leiding van Het Toneel Speelt voorgelegd aan de groep die eerder tesamen Een zwarte Pool speelde. Alle betrokkenen willen die samenwerking graag voortzetten, omdat ze `de kiem van een ensemble' vormen. Ariane Schluter speelt de vrouw, Mark Rietman de man, Reinout Bussemaker de voorbijganger en Carine Crutzen de moeder.

,,Het is met Claus als met alle grote schrijvers'', zegt regisseur Victor Löw, nadat er afscheid van de schrijver is genomen. ,,Hij heeft het stuk vanuit zijn intuïtie geschreven, en dus kan hij ook geen antwoord geven op allerlei feitelijke vragen. En wat ons betreft: wij benaderen het uit onze eigen intuïtie, waarvan ik een soort voorzitter ben. We geloven dat we de schrijver het best dienen door zo naturel mogelijk te beginnen, en daarna komt langzaam de vervreemding.''

In elk geval wordt in de aankleding onnadrukkelijk gerefereerd aan de jaren zestig. ,,Daarmee maak je het minder letterlijk, iets klassieker'', aldus Löw. ,,En voor ons is het leuk dat we onze ouders spelen'', vult Bussemaker aan. ,,Want eigenlijk zijn dit de ouders van onze generatie. Dat zegt ook iets over hoe wij geworden zijn.''

De dans van de reiger, door Het Toneel Speelt, gaat 7/3 in première in de Stadsschouwburg in Amsterdam. Tournee t/m 8/6. Inl. (020) 5237767, www.hettoneelspeelt.nl