Kraakverse Romeinen

Momenteel stevent Astérix et Obélix: mission Cléopatre in Frankrijk af op het magische aantal van tien miljoen verkochte kaartjes. Daarmee verpulvert de tweede Asterix en Obelix-film het record van Jean-Pierre Jeunets Montmartre-sprookje Le fabuleux destin d'Amélie Poulain. Samen met tekenaar Albert Uderzo zou Asterix-schepper, Disney-bevechter en humorist René Goscinny (1926-1977) er smakelijk om hebben gelachen: die rare Galliërs bieden de in Europa oppermachtige filmimperialisten uit Hollywood felle weerstand.

Voor de kinderen die in de jaren zestig en zeventig de glorietijd van het Europese stripverhaal meebeleefden heeft het speelfilmsucces van de kleine en de dikke, pardon, ietwat gezette Galliër een licht melancholieke bijklank. Van die ooit bloeiende stripcultuur resten vooral beduimelde albums, fletse herdrukken en genoeglijke leesuurtjes. O tempora, o mores! – andere vrijetijdsbestedingen dan strips en lezen houden de jeugd tegenwoordig bezig. En vergeefs zoek je in de hedendaagse subcultuur van vaak grafisch briljante, maar inhoudelijk grimmig-realistische comics en graphic novels die spannende jongensavonturensfeer uit Bernard Prince, Joris Jasper, Baard en Kale of Blake en Mortimer-oude-stijl. De tijd waarin Goscinny en Uderzo hun vriendelijke, generatieverbindende stripklassiekers maakten behoort voorgoed tot het verleden.

Het scenario van Astérix et Obélix contre César is een eenvoudig vissoepje van verschillende albums (De ziener, De Gothen, De koperen ketel, de Caesar-verhalen) en uiteraard mist deze eerste live-action-Asterix Goscinny's briljante verbale humor. Ter compensatie zijn er fruitige slapstickmomenten en leuke bijrollen van onder meer Gottfried John, die zijn pezig fysiek en keizerlijk neusprofiel aan de Romeinse heerser leent, Michel Galabru (stamhoofd Abraracourcix) en Jean-Pierre Castaldi (de onfortuinlijke centurion Gaius Bonus). Decorontwerper Jean Rabasse ontving een César voor zijn geïnspireerde sets. Smaakmaker in deze goedmoedige Goscinny-hommage is Gérard Depardieu, die in de ketel met acteertoverdrank is gevallen: bevlogen interpreteert hij het ronde stripheerschap Obelix. En ja: Obelix wordt verliefd, zingt ongehoord vals, de Romeinen zijn oliedom en aan het eind viert iedereen – behalve de everzwijnenpopulatie – feest onder de Gallische sterrenhemel. Broeva! Haro! Op naar Astérix et Obélix: mission Cléopatre, bij Toutatis!

Astérix et Obélix contre César (Fr/Duitsl./It., Claude Zidi, 1999), VRT, 21.40-23.35u.