Wijkende sneeuwgrenslegtwintersportdroog

De temperatuur stijgt. De sneeuwgrens schuift op. In de skioorden van Oostenrijk heeft men de oplossing: kunstsneeuw. Hoogconjunctuur voor de makers van sneeuwkanonnen. Ergernis voor de milieubeweging. ,,Totale waanzin.''

Eindelijk is Kaprun weer wit. Bijna twee maanden al was er geen sneeuwvlok meer gevallen in dit oostelijk deel van de Alpen. Sinds half januari rezen de geelbruine hellingen hoog op boven het dorp. Alleen de toppen waren wit. Bij een temperatuur van ruim 10° C en veel zon zocht menig toerist een terras op om zijn ansichtkaarten naar huis te schrijven, als was het ver in het voorjaar. De teksten lieten zich raden. ,,De toeristen leveren `een stukje emotie' in als er geen sneeuw ligt in het dorp'', beaamt VVV-directeur Hans Wallner. ,,Ze maken zich tevoren een voorstelling van een romantisch dorpje in een wit landschap. Een groen Kaprun verwacht je niet als je hier komt voor de wintersport.''

Toch zullen wintersporters aan dat beeld moeten wennen. In de tweede helft van januari stegen de temperaturen tot recordhoogte in Oostenrijk. In de loop van de afgelopen tien jaar is de temperatuur in het land met name in de winter één graad gestegen. En dat is veel, volgens klimaatdeskundige Ernest Rudl van de Zentralanstalt für Meteorologie und Geodynamik (ZAMG) in Wenen, het Oostenrijkse equivalent van het KNMI. ,,De sneeuwgrens schuift omhoog, waardoor lager gelegen skidorpen in de problemen komen: je kunt niet meer helemaal naar beneden skiën, waar de lift begint.''

Waar dat toe leidt, is goed te zien in Zell am See: de onderkant van de Schmittenhöhe (2000 m), dé skiberg van het dorp, was een groot deel van februari volledig groen, op een duizend meter lange en vijftig meter brede band sneeuw na: aangebracht door sneeuwkanonnen, opdat de wintersporters de skilift beneden in het dorp weer kunnen bereiken.

Volgens modelberekeningen van de ZAMG zal de temperatuur in 2030 twee graden hoger liggen dan nu en zal er in gebieden onder de 1200 meter nauwelijks of geen sneeuw meer vallen. ,,Nu ligt die grens bij 800 tot 1000 meter'', aldus Rudl.

In Zwitserland is men nog somberder: onderzoek van de Universiteit van Zürich heeft uitgewezen dat de sneeuwgrens binnen enkele decennia zal stijgen tot 1800 meter. Daarmee zou de helft van de 230 skigebieden in het land in gevaar komen, een potentieel omzetverlies van bijna 296 miljoen euro per jaar.

Maar de skigebieden in de Alpen slaan terug. `Hightech' heet het wapen dat ze sinds een jaar of tien inzetten tegen de onbetrouwbare winters. Miljoenen worden geïnvesteerd in snelle, comfortabele liften om de toerist naar hogere, sneeuwzekere pistes te brengen. En nog eens miljoenen worden uitgegeven aan sneeuwkanonnen, die kunstsneeuw uitspugen. Volgens het Amerikaanse weekblad Time gaven de Franse skioorden vorig jaar in totaal 37 miljoen dollar (32 miljoen euro) uit aan besneeuwingsinstallaties. De firma Gletscherbahnen Kaprun, eigenaar van de bijna twintig gondelbanen en stoeltjesliften in en rondom het Alpendorp, kocht twee jaar geleden voor circa 6 miljoen euro aan sneeuwkanonnen om de hoger gelegen pistes en de rand van de Kitzsteinhorngletscher te besneeuwen. Weliswaar valt daar sneeuw in de winter, maar niet meer genoeg, legt directeur Wallner van de VVV uit: ,,De ondergrond is daar erg rotsig en dan is 30 cm sneeuw niet voldoende''. Maar ook het feit dat Kaprun zich graag profileert als een wintersportgebied waar al vanaf medio oktober kan worden geskied, vereist technisch ingrijpen.

De investeringen in sneeuwkanonnen vallen in het niet bij de kosten die het Oostenrijkse dorp het afgelopen jaar maakte om de gevolgen van een ramp in november 2000 te boven te komen. Er ontstond toen brand in een trein die de skiërs door een tunnel de berg op brengt. Daarbij kwamen 155 mensen om het leven. Drie weken lang waren alle pistes gesloten. De winter 2000-2001 leverde al met al een kostenpost op van 12 miljoen euro. Bovendien moest er circa 26,5 miljoen euro op tafel komen voor twee nieuwe gondelbanen, die het treintje vervangen. ,,De komende tien jaar wordt de trein zeker niet meer in bedrijf genomen'', aldus Wallner. ,,Misschien daarna voor goederenvervoer.'' Deze winter ligt het aantal overnachtingen in Kaprun weer vrijwel op hetzelfde niveau als vóór het ongeluk: 650.000.

De producenten van sneeuwkanonnen varen wel bij de verandering van het klimaat. De Italiaanse firma Leitner, fabrikant van skiliften, sneeuwruimers en sneeuwkanonnen, leverde vorig jaar in totaal circa vierhonderd nieuwe besneeuwingsinstallaties aan wintersportgebieden, meldt verkoopleider Eddy Frère. Dit jaar verwacht het bedrijf orders voor in totaal zevenhonderd sneeuwkanonnen van klanten in Frankrijk, Italië, Oostenrijk, Spanje, Rusland, Tsjechië en Scandinavië. Kosten: 7.000 tot 35.000 euro per stuk, energiekosten niet meegerekend.

Maar zelfs kunstsneeuw biedt geen volledige garantie meer. Want om uit water en lucht kunstsneeuw te kunnen maken, moet het wel min 6 tot min 7° C zijn. ,,Van half november tot half januari konden we besneeuwen, sindsdien is het te warm'' , aldus directeur Wallner van de VVV in Kaprun. De oplossing: sneeuwdepots. Als het koud genoeg is, draaien de sneeuwkanonnen overuren om extra sneeuw aan te maken voor kwakkeldagen, dat wordt opgeslagen in depots.De instabiele winters zijn zeker onderwerp van overleg, vertelt burgemeester Norbert Karlsböck van Kaprun. ,,Vooral collega's in lager gelegen gebieden denken er veel over na.'' Het resultaat? ,,Meer besneeuwingsinstallaties.''

Milieuorganisaties zijn allesbehalve blij met de hightech-ontwikkelingen in de wintersportgebieden. ,,Tot een jaar of tien geleden ging het nog wel'', vertelt Josef Essl van de Österreichischer Alpenverein. ,,Maar nu de situatie nijpender wordt, lijken er geen grenzen meer aan wat mag en kan. Veertig procent van alle pistes in Tirol wordt volledig dekkend besneeuwd. Per winterseizoen betekent dat 16 gigawatt uur aan energie, dat is ongeveer zoveel als een middelgrote energiecentrale levert.''

Maar ook het waterverbruik, in het seizoen dat de bergbeken het minste water bevatten, is de Alpenvereniging een doorn in het oog. Om 10 hectare grond te voorzien van een dekkende laag kunstsneeuw is 15.000 tot 20.000 kubieke meter water nodig. ,,In Tirol is het deze winter echt totale waanzin'', aldus Essl. ,,Toen het zo droog was, was er een tekort aan drinkwater voor de inwoners van Zuid-Tirol omdat er zoveel water nodig was voor kunstsneeuw.''

Essl somt meer nadelen op: de structuur van kunstsneeuw is dichter dan die van gewone sneeuw. Daardoor wordt de flora onder de sneeuwlaag verstikt, wat leidt tot eentoniger begroeiing in de zomer. Bovendien kan de grotere hoeveelheid smeltwater die in het voorjaar ontstaat uit de compactere sneeuw leiden tot meer erosie, aldus Essl. Maar het allerergste, vindt hij, zijn de nieuwe technieken die in Zwitserland worden toegepast teneinde al bij een temperatuur van min 2° C te kunnen besneeuwen: aan het water voor de sneeuwkanonnen worden dode bacteriën toegevoegd die zorgen voor snellere kristallisatie. ,,Maar die bacteriën zijn natuurlijk niet allemaal dood en kunnen dus ziekten meebrengen. De gevolgen voor mens en natuur zijn onduidelijk. Het is schandalig dat experimenten die in een laboratorium thuishoren in de vrije natuur plaatshebben.''

In Oostenrijk worden nog geen bacteriën ingezet, al lopen er wel verzoeken van bergbaanexploitanten, aldus Essl. ,,Ze zien de concurrentie van Zwitserland en vinden dat ze niet achter kunnen blijven. Het wordt steeds gekker, wat is het volgende, vraag je je af?''

In Kaprun neemt niemand het enigszins beladen woord `kunstsneeuw' in de mond. Wallner van de VVV: ,,We spreken hier van `Schneeanlage', het aanbrengen van sneeuw. Want het is gewone sneeuw, gemaakt uit koude lucht en koud water.'' Wallner wuift de kritiek van de Alpenvereniging weg: ,,Ecologisch is het volledig verantwoord. We gooien er geen chemische middelen in. Verder hebben we hier genoeg water in de bergbeken en hebben we waterreservoirs aangelegd. En doordat de sneeuw later smelt, is de bodem in het voorjaar natter, wat de alpenweiden juist groener maakt.''

Alternatieven hebben de skidorpen nauwelijks. Weliswaar wordt het zomertoerisme iets meer gestimuleerd dan vroeger, in de vorm van fietspaden, golfen, paragliden, mountainbike-trajecten en, zoals komende zomer in Kaprun, de wereldkampioenschappen mountainbiken, maar dat kan een toekomstige neergang van de wintersport niet compenseren.

Van de Nederlandse wintersporters gaat inmiddels 7 à 8 procent naar de Verenigde Staten, evenals 10 procent van de Britten, aldus de VVV-directeur. ,,Die zijn we kwijt. Oorzaak zijn onder andere de goedkope tickets naar de VS.'' Maar ook de concurrentie met zonbestemmingen in de winter baart hem zorgen. ,,Een zwembroek is toch goedkoper dan een ski-uitrusting.''

Burgemeester Karlsböck ziet de toekomst van zijn dorp, waar zo'n 75 procent van de inwoners afhankelijk is van het toerisme, al met al toch niet somber in. ,,De afgelopen twee jaar hadden we wel veel sneeuw en Kaprun trekt veel toeristen omdat onze pistes hoog liggen. Verder kun je met kunstsneeuw heel veel opvangen, maar ja, die extra kosten kunnen alleen grotere plaatsen met grote bergbaanbedrijven opbrengen. Maar met het huidige aanbod aan liften en sneeuw-installaties zijn we voor de komende vijf jaar goed uitgerust. Misschien nog een paar sneeuwkanonnen erbij, maar het belangrijkste hebben we wel.''

Karlsböck bespeurt wel dat steeds meer hotels investeren in `het berggevoel': ,,Je lekker voelen, niet alleen door lichamelijk beweging op de pistes, maar ook door massage, acupunctuur, fitness, kuren en andere vormen van ontspanning''.

,,Je kunt als skioord allerlei alternatieven verzinnen, maar mensen komen niet uit de hele wereld hier naar toe om iets anders te doen dan wintersporten'', vat Wallner van de VVV de mogelijkheden samen. ,,De toerist associeert ons met sneeuw.''