Topsport is nu politiek salonfähig

De fine fleur van de Nederlandse politiek was gisteren aanwezig bij de huldiging van de olympische wintersporters in de Ridderzaal. Topsport is geen politiek discussiepunt meer. ,,De toonzetting is anders.''

Minister-president Wim Kok, de voorzitter van de Tweede Kamer, Jeltje van Nieuwenhoven, en alle lijsttrekkers van de grote politieke partijen waren gistermiddag het Binnenhof overgestoken om in de Ridderzaal de huldiging van de olympische wintersporters bij te wonen. In verkiezingstijd heeft dat electorale reden, maar de werkelijkheid is eveneens dat topsport in politiek Den Haag salonfähig is geworden.

Waar politici tot voor kort de hand op de knip hielden als het om topsport ging, wordt tegenwoordig mede dankzij beschikbare overheidsgelden olympisch eremetaal gewonnen. Op de begroting is dit jaar vijftig miljoen euro gereserveerd voor sport, waarvan driekwart voor breedtesport is bestemd en het resterende vierde deel naar de topsport vloeit. Met enig cynisme zou je kunnen zeggen, dat de politici gisteren de revenuen van hun investeringen kwamen controleren.

Topsporters worden op het Binnenhof niet langer gezien als een elitegroep die zijn eigen broek moet zien op te houden, maar als een maatschappelijk relevante bedrijfstak met uitstraling naar veel geledingen in de samenleving. Voor Hans Blankert, voorzitter van de sportkoepel NOC*NSF, voelt de verandering als een warme deken. ,,Vroeger verzandde een discussie over topsport met politici al snel in het salaris van Patrick Kluivert'', zegt hij. ,,Het was moeilijk uitleggen, dat wij het daar niet over hadden. Wij beschouwen Kluivert niet als een ambassadeur van sportend Nederland, in tegenstelling tot de sporters die vandaag in de Ridderzaal aanwezig zijn.''

Premier Kok bevestigt desgevraagd dat beeld, want hij vindt de overheidsgelden welbesteed. ,,Topsporters moeten volop de kans krijgen hun talent te ontwikkelen'', meent de minister-president. ,,En als ik de lijsttrekkers goed beluister, zal het politieke klimaat voor het bevorderen van topsport goed blijven.'' Kok maakt wel een voorbehoud: hij wil topsport niet ontkoppelen van breedtesport. ,,Dat zou een verkeerde gedachte zijn, want dan veronachtzaam je de basis en de mogelijkheden tot maatschappelijke integratie. Sport is een fantastisch bindmiddel, zeker als het om de integratie van allochtonen gaat.''

Het CDA-Kamerlid en woordvoerder sport, Joop Atsma, verwacht dat in het volgende regeerakkoord de sportbegroting naar 100 miljoen euro zal worden opgeschroefd. Hij baseert die veronderstelling op het recent gehouden debat over topsport, waar de lijsttrekkers zich eensgezind voor een verdubbeling van de uitgaven uitspraken. ,,Sport is geen politiek discussiepunt meer'', weet Atsma, die ook nog voorzitter van de nationale wielrenunie (KNWU) is. ,,In de partijprogramma's is niet eerder zo veel aandacht aan sport besteed. Met hun prestaties, zoals op de Winterspelen, zetten de sporters politici nog meer onder druk; iedereen wil graag delen in het succes.''

Blankert was tevreden over de belangstelling én de uitspraken van politici, gisteren bij de huldiging. ,,De toonzetting is wezenlijk anders dan pakweg twee jaar geleden. Toen hoorde je: `waar zeurt die Blankert toch over'? Eindelijk wordt beseft, dat je topsport nodig hebt voor de breedtesport.''

Het laatste bewijs van de politieke vrijgevigheid bleek uit de inrichting van het accommodatiefonds met 55 miljoen euro, ofschoon dit voor Blankert een logische consequentie is van de nieuwe inzichten. De NOC*NSF-voorzitter: ,,We hopen dat geld aan te wenden om exploitatietekorten van de nieuwe hallen in Almere en Apeldoorn te dekken. Bij winst kan dat geld worden terugbetaald, als een revolving fund.''

Volgens Blankert neemt NOC*NSF ook zijn maatschappelijke verantwoording. ,,We hebben brieven gestuurd naar de Stichting van de Arbeid en ik heb ik een gesprek over het stimuleren van sport onder werknemers. Ik hoop daar afspraken met sociale partners over te kunnen maken. Dan denk ik niet alleen aan het doneren van geld, maar ook aan de beschikbaarheid van plekken in sportscholen. Als daarmee het ziekteverzuim kan worden teruggedrongen, is dat een zinvolle investering. We hebben een nota `Gezondheid en Sport' in samenspraak met TNO ontwikkeld die ik in gesprekken met de sociale partners als uitgangspunt wil nemen. De tijd is er rijp voor, want de bedding voor sport is veel beter dan twee jaar geleden.''