Orgaandonaties

Het lijkt erop dat minister Borst bij alle gepraat over het tekort aan orgaandonoren, de discussie over een wetsverandering uit de weg wil gaan. Daarom wordt een blik donorfunctionarissen opengetrokken. Die moeten intensievere voorlichting gaan geven aan mensen die zojuist een dierbare hebben verloren. De minister verwacht daar veel van, helaas op basis van een (beperkt) onderzoek dat iets heel anders aantoont. Namelijk dat een donorfunctionaris de organisatie in een ziekenhuis kan verbeteren. Maar dat helpt niet als je iets wilt doen aan 78 procent weigeringen door nabestaanden.

Van andere wetgeving, een bezwaarsysteem in plaats van toestemmingsregistratie, moet men zich trouwens ook niet te veel voorstellen. Nederlandse dokters zullen ook bij overledenen die hun bezwaar niet hebben laten registreren, de familie blijven raadplegen. En die geschokte en rouwende familieleden zullen nee blijven zeggen. Niet omdat ze zelf geen orgaandonatie willen, zoals in deze krant (21 februari) geciteerd werd uit een ,,literatuuronderzoek van het Rathenau Instituut''. Nee, omdat ze over die vraag en over hun eigen motieven nooit hebben nagedacht en daartoe in deze dramatische omstandigheden ook niet in staat zijn.

In 30 jaar ervaring met zieke mensen die een orgaan van een ander nodig hadden om in leven te blijven of van een kunstnier af te komen, zag ik er niet één, die dat niet wilde. En in de naaste omgeving van iemand die met succes een orgaantransplantaat kreeg, bij familie, vrienden, collega's, vind je geen weigeraars.

Met andere woorden, voor wie de nood van een ander van nabij heeft gekend is orgaandonatie vanzelfsprekend. De cruciale vraag, ,,zou ik voor mijzelf een nieuw orgaan willen, als het mijne kapot is?'', hebben zij zichzelf impliciet en vaak ook expliciet gesteld. Die vraag zou bij alle politieke discussies en bij alle publieksvoorlichting centraal moeten staan.

De minister van Volksgezondheid wil nu intensievere voorlichting. Prima, maar dan niet aan treurende nabestaanden, maar aan alle Nederlanders. Met als motto: wat je voor jezelf wilt, geef dat ook aan een ander.