Kredietverlening ingezakt in 2001

Vorig jaar is in Nederland voor 9,7 miljard euro aan consumptieve kredieten verstrekt. Dat is bijna 1 miljard euro (8,9 procent) minder dan in 2000. Dit blijkt uit gegevens die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vanmorgen heeft vrijgegeven.

De totale uitstaande schuld op consumptieve leningen bedraagt eind 2001 bijna 16 miljard euro. Dit is 737 miljoen euro meer dan eind 2000. De tekorten op betaalrekeningen (rood staan) zijn het afgelopen jaar voor het eerst in 10 jaar gedaald.

Volgens het CBS hebben twee factoren bijgedragen aan het teruglopen van het krediet. De verandering van de fiscale wetgeving heeft gezorgd voor een halvering van het bedrag aan verstrekte spaarleenkredieten, tot 345 miljoen euro.

Het gedaalde consumentenvertrouwen in de economie, en een daar mee samenhangende stagnatie van het volume van aankopen van duurzame consumptiegoederen hebben sterk bijgedragen aan het inzakken van de kredietverlening.

De consument heeft volgens het CBS een grote voorkeur voor flexibele kredieten. Ruim 88 procent van het in 2001 verstrekte krediet bestaat uit doorlopend krediet, creditcardkrediet en andere flexibele vormen. Van toename in de kredietverstrekking is alleen sprake bij creditcardkrediet. Deze vorm van krediet heeft doorgaans een zeer korte looptijd. De looptijd van creditcardkrediet bedraagt gemiddeld minder dan drie maanden.

Het CBS rapporteerde vanmorgen ook over de consumptieve bestedingen in 2001, waarvan de groei sterk is ingezakt ten opzichte van 2000. Consumenten kochten vooral minder auto's en dure huishoudelijke artikelen. Ook gaven zij minder uit aan voeding. Wel werd meer geld uitgegeven aan kleding en consumentenelektronica.

De totale binnenlandse consumptie in Nederland nam in 2001 toe met 1,8 procent. Vergeleken met het voorgaande jaar is de groei gehalveerd. De toename van de totale binnenlandse consumptie met 1,8 procent is de laagste sinds 1995. In 1998, het topjaar van de bestedingsgroei, bedroeg de toename nog 4,5 procent.