Ministerie zette aan tot valse declaraties

Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft zelf aangezet tot het indienen van onjuiste declaraties voor subsidies uit het Europees Sociaal Fonds (ESF). Dit valt op te maken uit twee documenten van de provincie Limburg.

Eén van de documenten is als bijlage opgenomen in het vanmorgen gepubliceerde eindrapport van de commissie voor onderzoek van Provinciale Staten van Limburg, over het van ESF-misbruik verdachte Maastrichtse adviesbedrijf Abb. Een tweede document heeft deze krant ingezien en is van gelijke strekking.

Het gaat om twee faxberichten die een ambtenaar van de provincie stuurde aan Abb, dat veel ESF-projecten uitvoerde. Uit beide faxen kan worden opgemaakt dat een (met naam genoemde) ambtenaar van het Bureau Uitvoering Europese Subsidie Instrumenten (BUESI) van het ministerie voorstelt meer dan het werkelijk aantal managementuren te declareren.

Het is de eerste keer dat schriftelijke aanwijzingen zijn gevonden voor directe betrokkenheid van het ministerie, dat verantwoordelijk was voor uitvoering van en controle op de ESF-subsidies, bij onregelmatigheden met ESF-geld. Het ministerie heeft altijd gezegd niets van de onregelmatigheden bij uitvoerende instanties (zoals Arbeidsvoorziening) te hebben geweten. De faxberichten zijn van 11 oktober 1999. In het eerste bericht, de bijlage bij het rapport, meldt de provincieambtenaar dat BUESI het door Abb begrote uurtarief van 200 gulden (91 euro) voor het management van een ESF-scholingsproject voor schilders te hoog vindt. BUESI had daarover contact opgenomen met de provincie, aanvrager van de subsidie. Volgens BUESI was 150 gulden (68 euro) ,,redelijk''. [Vervolg DECLARATIES: pagina 6]

DECLARATIES

Uurtarief ging omlaag, aantal uren omhoog

[Vervolg van pagina 1] Het bureau BUESI van het ministerie deed, volgens de fax, het voorstel ,,om het totale bedrag van 14.000 gulden aan projectmanagementkosten te handhaven, maar op te voeren dat het om 93 uur à 150 gulden gaat in plaats van 70 uur à 200 gulden.'' Abb volgde het advies en declareerde 13.950 gulden (93 uur à 150 gulden). De commissie van onderzoek constateert dat ,,onderhandelingsruimte lijkt te bestaan'' bij het ministerie waardoor er de mogelijkheid is ,,om naar gewenste resultaten toe te schrijven''.

Uit nader onderzoek van deze krant blijkt dat er een nog tweede faxbericht is van de provincie aan Abb. Dit bericht, ook van 11 oktober 1999, ging eveneens over de volgens BUESI te hoge uurprijs van Abb voor, in dat geval, een ESF-project in de keramische industrie (`project 3'). Uit deze fax blijkt dat BUESI voorstelde om de opgevoerde 1.200 uur à 200 gulden te vervangen door 1.600 uur à 150 gulden. De verantwoordelijk provincieambtenaar had hier moeite mee en schreef aan het einde van de fax aan Abb: ,,Ik wil daarbij echter opmerken dat ik 1.200 uur projectmanagement al erg veel vind, en 1.600 wel heel erg veel.'' Dat het om 400 `echte' extra uren gaat, lijkt uitgesloten. Het project was in oktober, toen de fax verstuurd werd, nagenoeg afgerond. Abb wijzigde de bij BUESI ingediende begroting en declareerde 50 werkweken van 32 uur à 150 gulden per uur: 240.000 gulden, conform het advies.

Volgens het ministerie vond ,,de gedachtewisseling over het aantal op te voeren uren plaats tegen de achtergrond van het feit dat uiteindelijk toch alleen werkelijke kosten konden worden gedeclareerd''. De eindafrekening moet nog plaatsvinden, aldus een woordvoerder.

Het tijdstip van het adviezen van BUESI om extra managementuren op te voeren, 11 oktober 1999, is opmerkelijk. Al vanaf juni dat jaar bestond ophef over grootschalige onregelmatigheden met ESF-subsidies in Nederland. Op het moment van het advies, was K. de Vries minister van Sociale Zaken.

De provinciale commissie liet de afgelopen maanden twee accountantskantoren onderzoek doen naar ESF-projecten die, door tussenkomst van de provincie Limburg, zijn uitgevoerd door Abb. Dat bedrijf wordt door Sociale Zaken verdacht van onregelmatigheden met subsidies. Abb deed het management voor tientallen ESF-projecten in Limburg, Brabant en Groningen. Het bedrijf fraudeerde volgens oud-medewerkers met onkosten en deelnemerslijsten.

Ook aan de kant van de provincie ontdekten de accountants misstanden. Provinciale dossiers over ESF-projecten bleken onvolledig, ambtenaren waren niet (financieel) kundig en interne regels voor subsidie zijn overtreden. Weinig kritisch waren de ambtenaren en niemand trok aan de bel toen in oktober 1999 intern bekend werd dat Abb, op voorstel van BUESI, fictieve managementuren declareerde. Op ,,een groot aantal vragen'' kregen de accountants tijdens hun gesprekken met provincieambtenaren geen antwoord. De ambtenaren lieten zich bijstaan door advocaten. Het gesprek met één ambtenaar moest vroegtijdig worden beëindigd omdat het ,,een te grote emotionele belasting'' betekende voor de ambtenaar.

Limburg - dat veelvuldig samenwerkte met Abb in ESF-projecten – heeft zich afgelopen jaren garant gesteld voor de terugbetaling van in totaal 14 miljoen gulden ESF-subsidie. Als blijkt dat sprake is van onregelmatigheden kan de provincie gevraagd worden dit bedrag terug te betalen.

Bij de provincie ontbrak structurele controle op de juistheid van declaraties en informatie van Abb. Limburg blijkt overeenkomsten voor ESF-projecten gesloten te hebben met niet-bestaande stichtingen en Abb kon ongehinderd niet-bestaande bedrijven opvoeren als deelnemer aan ESF-projecten. De accountants signaleren voorts dat de eigen accountant van Abb, Wolting & Versteegh, nooit enig voorbehoud maakte bij de declaraties, hoewel de administratie geen betrouwbare indruk maakte. Sinds de ophef rond Abb heeft de accountant (zoon van een van de eigenaren van Abb) geen goedkeurende verklaringen meer afgegeven bij ESF-projecten die nog afgewikkeld worden.