Moslimextremisme 1

Ik ben zeer verheugd met het artikel van Hafid Bouazza (NRC Handelsblad, 20 februari). Eindelijk iemand die op een onderbouwde manier kritiek durft te uiten op de Nederlandse positie ten opzichte van moslimextremisme.

Daarnaast veegt hij terecht de vloer aan met fundamentalistische moslims die de islam misbruiken om achterhaalde, traditionele en vrouwonvriendelijke ideeën uit te dragen. Bouazza benoemt niet alleen de naïveteit van Nederlanders ten aanzien van het moslimextremisme, maar illustreert ook waarom vrijgevochten, ruimdenkende moslims nauwelijks zelfkritiek uiten in bijvoorbeeld het debat over de meerwaarde van islamitische scholen.

Ik meen dat er op islamitische scholen sprake is van een arabiseringsproces onder moslims. Veel Marokkaanse kinderen bijvoorbeeld beheersen uitsluitend hun moedertaal, de berbertaal. De koran, die immers in het Arabisch is verwoord, lijkt voor dit proces gebruikt te worden. De aanstichters van dit arabiseringsproces, voortkomend uit landen als Saoedi-Arabië, hebben er alle belang bij dat dergelijk bijzonder onderwijs in stand wordt gehouden. Komende generaties zouden anders te extreem verwesteren en moderniseren. De geschiedenis van de Arabische landen leert ons dat de openbare orde in die landen werd gehandhaafd door middel van godsdienstige regels. In een democratische samenleving wordt de zogenoemde beschaving tegenwoordig op een andere manier gereguleerd. Het wordt tijd om de inhoud van dit onderwijs zeer kritisch te blijven toetsen.