Zilveren medaille

De symboliek van de doorgeschoten onbevangenheid: je vliegt verwonderd van je dorpje naar het uiteinde van de wereld, ontdekt dat je maar op een knopje hoeft te drukken om een bakje koffie, warm en al, te krijgen en wacht geduldig tot de laatste dag van de OS om uit je dak te gaan. Maar uiteindelijk ga je niet uit, maar door het dak. Pijnlijk. De symboliek van de knieband die plattelandse feestneus Gretha Smit bij het Nederlandse schuurfuifje van Salt Lake heeft gescheurd mag er wel zijn. Het staat model voor het traject van een schaatsster die heel Nederland in extase heeft gebracht: verspilling en nog eens verspilling van talent en mogelijkheden. Het is me een raadsel hoe de zilveren medaille van Gretha op deze onnozele manier door praktisch iedereen gevierd kon worden. Het had een domper moeten zijn die tot meer zelfonderzoek had moeten leiden. De hele schaatswereld heeft hoofdschuddend naar het sprookje Smit gekeken. Alleen in Nederland dringt het nog niet door. `Ik snap niet dat jullie zo'n groot talent zo lang verborgen hebben weten te houden', zei een Duitse coach. En hoe kon het toch, vroeg een Amerikaan, dat een meisje uit een schaatsgek land nooit eerder van een medaille op de Spelen had gedroomd? Voor de schaatswereld kan er maar één antwoord zijn: die Hollanders met hun zogenaamde professionalisme, moordende concurrentie en commerciële ploegen zijn in feite blunderende amateurs.

Voorlopig zal men nog een poosje de zilveren dooie mus die om Gretha's nek hangt blijven celebreren. Dat het goud had moeten zijn met een voor de Duitse concurrentie onbereikbaar wereldrecord wil (nog) niemand inzien. Men vindt het een ongekende prestatie dat met een voorbereiding van enkele weken Gretha zover is gekomen, terwijl het een sidderende blamage is. Voor de KNSB en al die commerciële coaches die in Nederland rondlopen. De olympische 5.000 meter van Smit was de tweede in haar leven, maar had de twintigste, om maar iets te noemen, moeten zijn. Je kunt het lieve boerenmeid Gretha niet kwalijk nemen. Jarenlang reikte haar blik niet verder dan die ijsrondjes om de kerk die ze winnend afsloot. Ze wist niet beter. Het marathonschaatsen is een autistisch universum dat zich steeds meer van de normale wereld heeft vervreemd. Maar wat hebben al die KNSB bobo's en overbetaalde coachs toch zitten slapen!

Al in 1997, ze was maar net in de twintig, werd Smit tweede bij de Elfstedentocht. De drie achtervolgende jaren won ze alles wat op natuurijs te winnen was: van de NK's tot de Alternatieve Elfsteden. Op de baan werd ze als marathonschaatster vanaf 1999 onverslaanbaar. Winnares van NK's, talrijke marathons en het eindklassement van de KNSB, tegenwoordig Unox Cup genoemd. En niemand die bij haar kwam aankloppen om te verkondigen dat er iets bestaat wat beter smaakt dan een kop `Unox-erwtensoep', namelijk een glas champagne. Niemand die in al die verspilde jaren de moeite nam om Gretha een testje op de 3 en 5.000 te laten afleggen. Bij de KNSB snurkten ze vrolijk door. Als dat was gebeurd, was Gretha vandaag steenrijk. Aan medailles, records, titels en sponsorcontracten. In plaats daarvan liet haar trainer Egbert Post haar pas in het najaar van 2001 haar eerste twaalf rondjes rijden. Een paar maanden voor de Spelen! Die man was er eindelijk achter gekomen dat een vrouw die rondjes van dertig seconden achter de mannen kon schaatsen misschien wel iets te zoeken had in de grote stad, waar de winkels op zondag open zijn. Ik kan er met mijn hoofd niet bij. Een vrouw die bij haar tweede 5.000 het wereldrecord verpulvert, had met een normale voorbereiding hetzelfde record allang naar een onbereikbare hoogte moeten tillen. Voor een eeuwigheid. Natuurlijk is de prestatie van Gretha ongelooflijk. Maar wat de KNSB en de commerciëlen betreft moet achter dat `ongelooflijk' het woord `dom' geplaatst worden. Hoeveel heeft schaatsend Nederland met het negeren van de Gretha-signalen niet laten liggen? In Salt Lake en elders? Als haar knie straks hersteld is, zal Gretha Smit 27 zijn. Dood en doodzonde.