Het CDA, de crisis voorbij, glimt van bescheiden trots

Een nieuwe leider en stabiliteit in de opiniepeilingen geven het CDA nieuw zelfvertrouwen. De partij lijkt door het dal heen.

Het CDA maakt zich op om te regeren. Er is hernieuwde trots – op de nieuwste lijsttrekker van de partij Jan Peter Balkenende, de ideoloog die leider werd. Trots ook op het verkiezingsprogram, dat volgens partijgangers op de partijraad afgelopen vrijdag en het aansluitende congres zaterdag in het Rotterdamse Topsportcentrum, `verdieping' heeft gekregen. En er is hoop, gebaseerd op de peilingen waaruit blijkt dat het CDA stationair draait op 28 zetels. Dat geldt als een hele prestatie in het licht van de recente leiderschapscrisis, die in september fractievoorzitter Jaap de Hoop Scheffer nog de kop kostte. Een prestatie vooral ook in het licht van de opmars in de peilingen van Leefbaar Nederland/Pim Fortuyn die de twee andere grotere partijen, PvdA en VVD, wél stemmen lijkt te kosten. En er is, ten slotte, de koele analyse dat regeringsdeelname van het CDA na de Kamerverkiezingen van 15 mei `onvermijdelijk' is gezien de dreigende implosie van D66.

Paradoxaal lijkt daarom de nieuwe sfeer van bescheidenheid die de christen-democraten onder het partijvoorzitterschap van oudgediende Bert de Vries willen uitdragen. De partij is na acht jaar ronddolen in de woestijn van de oppositie gelouterd en iedere schijn van machtsarrogantie wordt tegengegaan. Waar toenmalig fractievoorzitter Elco Brinkman in 1994 nog in een soort Wagneriaans geluids- en lichtspektakel op het congres als de volgende CDA-premier werd gepresenteerd, verliep de aanwijzing van Balkenende zaterdag bijna terloops. ,,Als we dan nu even de kandidatenlijst bij acclamatie kunnen vaststellen'', opperde De Vries. Volgde een kort applausje, waarna de partijvoorzitter vaststelde: ,,En daarmee hebben we dan een nieuwe lijsttrekker.''

Jan Peter Balkenende toonde zich vervolgens nog wat onwenning in zijn rol als partijleider. Korte persiflages op de retoriek van zijn collega's van andere partijen, met overdreven stemverheffing en gebeuk van vuisten op het katheder, moesten zijn verlegenheid maskeren. Maar uit de toespraak waarmee hij zijn lijsttrekkerschap aanvaardde bleek ook: het CDA wil meeregeren, en wel nu. Balkenende legde de zweep over de paarse regeringscombinatie: met de inmiddels gebruikelijke klaagzang over de overvloed aan wachtlijsten, het tekort aan huisartsen, de kaalslag in het onderwijs, de verstopping van de wegen en de stijging van de criminaliteit. Leidend tot de conclusie dat ,,paars de zeven vette jaren niet goed heeft gebruikt''. De bestuurscultuur van paars, zei Balkenende ironisch, ,,heeft inderdaad iets nieuws gebracht: de `sorry-democratie'.'' En, zo sneerde hij, ,,de methode is verfijnd. Er wordt tegenwoordig niet eens meer sorry gezegd''. Balkenende stelde voor om gedetailleerde regeerakkoorden af te schaffen. Hij wil dat politieke leiders ,,vertrouwen uitspreken in een coalitie en de hoofdoriëntaties van beleid vastleggen in één A-viertje''. Vervolgens voegde Balkenende de daad bij het woord door aan te geven dat CDA en PvdA veel voor elkaar kunnen betekenen. [Vervolg CDA: pagina 3]

CDA

CDA wordt weer 'relevante partij'

[Vervolg van pagina 1] Het CDA streeft volgens Balkenende naar ,,de andere aanpak'' en dat is ook de verkiezingsleuze van de Christendemocraten: `Voor de andere aanpak'. Daarmee doelt de partij op een einde aan het gedogen, een strenge aanpak van de criminaliteit, een eind aan de bureaucratie, een sociaal inkomensbeleid en een solide financieel beleid.

Balkenende zette ook het misverstand recht dat gerezen was na zijn recente toespraak, waarin hij zich ,,tegen de multiculturele samenleving'' uitsprak. Het CDA is voor een samenleving ,,die een eenheid vormt in al zijn verscheidenheid''. Als uiting daarvan wellicht trad ook het gekleurde koor Excelsis op tijdens het congres.

De vlootschouw van christen-democratische excellenties, oud-excellenties en andere hoogwaardigheidsbekleders die voor de historische verkiezingsnederlaag van 1994 bij dit soort gelegenheden gebruikelijk was, bleek zaterdag afgeschaft. Dus geen oud-premier Lubbers, geen Brinkman, geen Jaap de Hoop Scheffer. Maar ook geen Eerste-Kamervoorzitter Braks, noch oud-minister van Justitie Hirsch Ballin. Wel oud-fractievoorzitter Piet Bukman, maar die mocht achter in de zaal in het donker kijken naar de verrichtingen van het bonte kindercircus Rotjeknor, dat als tussenact de brug moest leggen tussen de vergrijsde partij en de jeugd. Vandaar ook misschien de partijsong Samen op het feest van je leven, gezongen door een onvervalste schoolband. Net als alle andere politieke partijen wil het CDA ondanks de `nieuwe wegen en vaste waarden' van het partijprogram zich vooral ook als een swingende groep mensen presenteren. Daarom eindigde het congres met een confettiregen, maar zonder het gebruikelijke volkslied.

Een karaktertrek van het oude CDA, namelijk dat van de partij het maatschappelijk middenveld, trachtte de campagneorganisatie zaterdag nieuw leven in te blazen. Nadat het partijprogram formeel was vastgesteld, werden vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties op het podium genood.

Vervolgens kregen deze voorlieden van organisaties uit bijvoorbeeld het christelijk onderwijs, het Rode Kruis, natuur en milieu, maar ook van de NCRV, door Balkenende persoonlijk een exemplaar van het program uitgereikt. De meesten spraken zich daar vervolgens in lovende termen over uit. De vertegenwoordiger van de ontwikkelingshulporganisatie Cordaid (voorheen Memisa) plaatste wel als kanttekening dat hij het jammer vond dat internationale betrokkenheid ontbreekt bij de tien prioriteiten van de Christendemocraten.

Partijvoorzitter Bert de Vries, de oud-fractievoorzitter en oud minister van Sociale Zaken, blijft wat langer aan. Hij zal de komende periode de enige factor zijn die de continuïteit met het verleden in persona waarborgt. Hij zal tijdens mogelijke deelname aan een kabinetsformatie ook de enige actieve CDA-politicus zijn die daarmee ervaring heeft. Tijdens zijn toespraak herinnerde De Vries zijn partijgenoten eraan dat het CDA met 1.900 raadsleden, 500 wethouders en tweehonderd burgermeesters ,,sterk vertegenwoordigd is in het gemeentebestuur''.

Verwijzend naar de komende gemeenteraadsverkiezingen zei hij: ,,En dat kunnen er meer worden na 6 maart.''

De Vries sprak ook uit wat velen dachten: ,,Wij zijn opnieuw een relevante partij geworden waar andere partijen mee willen besturen.''