Gretzky brengt goud naar bakermat

Onder de inspirerende leiding van het magische duo Gretzky-Lemieux werd het Canadese ijshockeyteam olympisch kampioen. Na vijftig lange jaren is de olympische titel terug in het land waar ijshockey de belangrijkste sport is.

Op 24 februari 1952 wonnen de Edmonton Waterloo Mercurys in Oslo namens Canada de olympische gouden medaille. Precies vijftig jaar hebben de Canadezen moeten wachten op een nieuwe olympische ijshockeytitel. Werd Canada in 1952 (tot 1964) nog vertegenwoordigd door een amateurclubteam, op 24 februari 2002 wervelden de beste profs van de ijshockeynatie bij uitstek over de ijsvloer van het E-Center in Salt Lake City. Ze stonden onder de bezielende leiding van Wayne Gretzky, de technische directeur van Team Canada en algemeen bekend als de beste ijshockeyer aller tijden.

Als speler heeft Gretzky alles gewonnen, alleen de olympische titel ontbreekt op zijn erelijst. In november 2000 werd Gretzky benoemd tot technisch directeur, een half jaar nadat The Great One zijn spelerscarrière had beëindigd. Gretzky werd belast met alle operationele zaken van het Canadese ijshockeyteam ter voorbereiding op de Winterspelen 2002, tot aan het werven van sponsors toe. Vier jaar geleden deed hij in Nagano nog een vergeefse gooi naar de gouden medaille. Gisteren loodste hij, zittend op de tribune naast zijn directiemedewerkers, het Canadese team voor het eerst sinds 1952 naar de olympische titel.

Op het ijs werd tussen het Amerikaanse team en Canada niet het ijshockey gespeeld dat Gretzky graag zou hebben gespeeld. De frêle Gretzky was een danser, een ijshockeyer die sierlijk over het ijs bewoog, met zijn stick de puck betoverde, soleerde, intelligente passes gaf en vrijwel altijd scoorde. Hij omzeilde bodychecks van brute tegenstanders en deelde zelf zelden een check uit. Hij had beter bij een Sovjet-team uit de jaren tachtig gepast dan in de Noord-Amerikaanse profliga, waar hij een uitzondering was te midden van de botsende mannen.

Zou Gretzky Canada dan eindelijk weer eens naar een olympische titel kunnen leiden? Zou Gretzky van al die eigenzinnige, zwaar betaalde solisten een team kunnen smeden dat de Tsjechen, Zweden, Russen, Finnen en Amerikanen op het olympisch toernooi kon verslaan? Een van zijn eerste acties was het recruteren van de 36-jarige Mario Lemieux, na hem de beste aller tijden genoemd. Lemieux keerde terug na een lange afwezigheid, eerst wegens lymfeklierkanker en later wegens een zware rugblessure. Met een leider als Lemieux zou Team Canada aanzienlijk aan kracht toenemen. Te midden van razende spelers zou de subtiliteit en het inzicht van Lemieux van doorslaggevende invloed kunnen zijn.

Gretzky en Lemieux vormden de inspirerende factor. Niet dat Canada zo uitmuntend speelde. Integendeel, in het begin van het olympisch toernooi werden de Canadezen met 5-2 verslagen door Zweden, dat door een opzienbarende strategie meteen tot een van de favorieten voor de gouden medaille werd uitgeroepen. Gretzky werd overladen met kritiek in zijn geboorteland, waar ijshockey de nationale sport is. Het was te zien aan de boerenzoon uit Brantford, Ontario. Hij maakte een gespannen indruk. Van de eeuwige glimlach waarmee hij als speler miljoenen harten veroverde, was geen spoor meer te zien.

Maar het geluk lachte Gretzky weer eens toe. De Zweden lieten zich uitschakelen door het zwakke Wit-Rusland, de Tsjechen lieten zich uitschakelen door Rusland en de Russen lieten zich uitschakelen door de Amerikanen. En zo kwam het allerminst superieure Canada in de finale tegen buurland en aartsrivaal Amerika; een bende krijgers onder leiding van Herb Brooks, de man die in 1980 de Amerikanen voor het laatst naar de olympische titel loodste. Brooks was de coach van The Miracle on Ice, zoals de Amerikaanse coup van Lake Placid de geschiedenis is ingegaan.

Tijdens de finale zag Gretzky er nog even gespannen uit als aan het begin van het olympisch toernooi. Toen de Amerikanen scoorden, legde hij zijn hoofd in zijn handen. Toen zijn ploeg gelijk maakte, na een magistrale schijnbeweging van Lemieux waardoor Karyia kon scoren, sprong hij op en balde hij zijn vuisten. Hoe graag had de 41-jarige oude meester niet zijn ijshockeyshirt met het eeuwige nummer 99 aangetrokken om Mario Lemieux met het eeuwige nummer 66 op zijn shirt bij te staan. Gretzky had het al eens bekend: spelen is niet zo inspannend als coachen. Pas na het bevrijdende slotsignaal lachte Gretzky, in de armen van zijn vrouw.

Een assistent naast Gretzky hield telefonish contact met de spelersbank, waar hoofdcoach Pat Quinn stoïcijns sterren als Yzerman, Nieuwendyk, Lindros, Fleury, Iginla en Sakic op hun flikker gaf. De Canadezen bleken aanzienlijk getalenteerder dan de Amerikanen, met wie ze week in week uit samenspelen. Morgen staan bijvoorbeeld al weer NHL-wedstrijden op het programma, onder meer die tussen de New York Rangers (met de Amerikaanse doelman Richter en de Canadese aanvallers Fleury en Lindros) en de New Jersey Devils (met de Canadese doelman Brodeur en de Amerikaanse verdediger Rafalski). Spelers die elkaar door en door kennen, vochten een verwoede strijd uit om het olympisch goud.

Er waren natuurlijk verschillen tussen de wedstrijden in de NHL en die op het olympisch toernooi. De olympische ijsvloer is volgens de regels van de internationale ijshockeyfederatie (IIHF) breder dan de ijsvloeren in de NHL. Maar ijshockeyers van Noord-Amerikaanse stijl passen zich snel aan. Als er maar geschaatst kan worden, gecheckt en geknokt. De finale was dan ook adembenemend, met fantastisch keeperswerk van de Amerikaan Richter en de Canadees Brodeur.

De kijkcijfers in Canada en de Verenigde Staten overtroffen de stoutste verwachtingen. Nog nooit heeft een ijshockeywedstrijd op televisie zoveel kijkers in Noord-Amerika getrokken. De handel in zwarte kaartjes bloeide als nooit tevoren. Een half uur voor de wedstrijd werden buiten op de parkeerterreinen van het E-Center kaartjes aangeboden voor 1.500 dollar (ongeveer hetzelfde aantal euro's) per stuk. De Amerikanen wilden weer een Team of Destiny zoals in Squaw Valley in 1960 en een Miracle on Ice zoals in Lake Placid in 1980, de Canadezen wilden eindelijk na vijftig jaar weer een olympische titel.

De gouden medaille is terug in het land waar ruim honderd jaar geleden op bevroren vijvers en meren ijshockey (door indianen wordt beweerd) werd gespeeld. Al eerder deze Winterspelen veroverden de Canadese ijshockeyvrouwen de gouden medaile. Na jaren van overheersing bij de mannen door de Russen (Sovjets), Zweden, Tsjechen en een enkele keer de Amerikanen, kunnen de Canadezen weer trots zijn op hun ijshockeyers. Ze hebben nieuwe helden: Jarome Iginla van de Calgary Flames, Joe Sakic van de Colorado Avalanch, Theo Fleury en Eric Lindros van de New York Rangers, Martin Brodeur van de New Jersey Devils, Steve Yzerman van Detroit Wings en Joe Nieuwendyk van de Dallas Stars.

Een held, hoezo? Helden moeten werken in Canada – en niet zeuren. Zoals Joe Nieuwendyk, talentvolle ijshockeyer van Nederlandse afkomst. Een paar uur na zijn triomf meldde hij zich in een hotel aan de rand van de stad. Zijn vrouw aan de arm, gouden medaille om de nek. Hij moest nog eten, nam een hamburger met veel frites en veel saus. Morgen moest hij naar Phoenix, vertelde hij. Want morgen wacht hem met zijn club de Dallas Stars al weer een NHL-competitiewedstrijd. Of hij een held was. Ach ja, het leven gaat verder. Een tafel verder zat Al MacInnis met zijn familie. Zoonlief droeg de gouden medaille. MacInnis, afkomstig uit Nova Scotia, speelt voor de St. Louis Blues. Gisteren, een paar uur na de finale, genoot hij van zijn gezin. Morgen speelt hij weer competitie aan de andere kant van Noord-Amerika.

Nieuwendyk, MacInnis en hun ploeggenoten zouden geen olympisch kampioen zijn geworden als ze niet aan de hand waren meegetrokken door twee oude helden. De Canadezen Wayne Gretzky en Mario Lemieux versloegen voor het oog van duizenden naar goud snakkende Amerikanen hun aartsrivalen. In Canada gedenkt men nog de pass van Gretzky waaruit Lemieux in 1987 voor de Canadezen in het prestigieuze landentoernooi om de Canada Cup het `Rode Leger' uit de Sovjet-Unie het beslissende doelpunt maakte. Het een-tweetje van toen tussen deze twee grootheden werd pas gisteren overtroffen. Wayne Gretzky en Mario Lemieux worden vast en zeker heilig verklaard.