Een vinger voor vrede met Taiwan

Zaterdag verwelkomden tienduizenden Taiwanese boeddhisten een voorwerp waarvan velen geloven dat het een originele vinger van Boeddha is. Het vermeende overblijfsel van Boeddha's vinger moet inmiddels zo'n 2500 jaar oud zijn. De vinger is gewoonlijk te zien in de Famen-tempel, nabij de West-Chinese stad Xi'an.

Sommige boeddhisten zien in de komst van de vinger naar Taiwan een hoopvol teken in de betrekkingen tussen China en Taiwan. ,,We hopen dat de vinger inspireert tot meer vriendschap en vrede'', aldus een Chinese monnik in de Taiwanese hoofdstad Taipei.

De vinger die wordt bewaard in een draagbaar gouden tempeltje is onder begeleiding van Chinese tempelwachters en boeddhistische hoogwaardigheidsbekleders overgevlogen naar de hoofdstad van wat in China's ogen de afvallige provincie Taiwan is. Na aankomst werd het reliek in een kleurrijke processie door de straten van Taipei gedragen, om vervolgens te worden neergezet in een sportstadion. Daar verdrongen tienduizenden gelovigen zich om een blik te kunnen werpen op het minieme voorwerp.

Sommige historici geloven dat Indiase monniken delen van Boeddha's lichaam die na zijn crematie in de as waren overgebleven, hebben bewaard. Een aantal van die resten zou in de derde eeuw als geschenk van de Indiase koning Ashoka in China zijn beland. Volgens anderen bevindt de vinger zich sinds de Tang-dynastie (618-907) in een kelder onder de Famen-tempel. Die kelder werd pas midden jaren tachtig van de vorige eeuw herontdekt. Vorig jaar werd er in een tempel in de Oost-Chinese stad Hangzhou ook een mogelijke vinger van Boeddha gevonden.

De tentoonstelling van het voorwerp heeft plaats in het kader van een van de belangrijkste religieuze uitwisselingen met Taiwan sinds China in 1949 een communistische staat werd.