BRMC: van underground naar wereldsucces

Eén hit en een succesvolle debuut-cd deden de Black Rebel Motorcycle Club al belanden in het afmattende tourcircuit. Na Amsterdam meteen naar Londen en straks naar Pinkpop in Landgraaf.

Gistermiddag arriveerde de Black Rebel Motorcycle Club voor het eerst in ons land. Vorige week werd bekend dat de groep in mei zal optreden op Pinkpop, nu gaf het Amerikaanse trio alvast een concert in de Melkweg, Amsterdam. Bijna was het optreden afgeblazen wegens uitputting en ziekte van de bandleden. Want een groep die zo plotseling doorbreekt als Black Rebel Motorcycle Club belandt tussen twee werelden. Enerzijds is er de overweldigende publieke belangstelling die ervoor zorgt dat de groep iedere avond een zaal kan volkrijgen, en iedereen de muzikanten wil interviewen. Aan de andere kant is het allemaal nog een beetje krakkemikkig: na een concert meteen doorreizen per oncomfortabele tourbus, de volgende dag weer optreden, van hot naar her gezeuld worden. Dat zijn de directe gevolgen van een hit (Whatever Happened To My Rock 'n' Roll) en een succesvolle debuut-cd (B.R.M.C.)

Op zondagmiddag zit zanger/bassist Robert Turner in zijn hotel in Amsterdam en maakt zich zorgen. ,,Overmorgen hebben we onze grootste show tot nu toe, in het Astoria in Londen, en iedereen is nu al afgepeigerd. Maar uiteindelijk willen we vanavond natuurlijk ook spelen. We hebben nog nooit afgezegd.'' Integendeel, in Amerika heeft de BRMC al de bijnaam van `hardest working band in showbizz'. Vijf keer heeft de groep inmiddels door Noord-Amerika getourd. ,,Voor zalen waar eerst 130 mensen stonden en de volgende keer het dubbele.'' Totdat hun debuut-cd uitkwam en de zalen te klein werden.

Black Rebel Motorcycle Club, vernoemd naar een van de bendes in de film The Wild One met Marlon Brando, bestaat uit zanger/gitarist Peter Hayes, drummer Nick Jago en bassist Turner. Hun muziek is psychedelisch en melodieus. De groep verstopt de melodie onder suizende gitaarstormen, maar de noise vertroebelt nooit de vorm van het liedje. Uit de zang, die door de drie bandleden om beurten wordt verzorgd, spreekt gevoel voor Sehnsucht en romantiek. Die combinatie trekt een veelzijdig publiek. Ook in Amerika komen allerlei soorten mensen op hun concerten af, vertelt Turner, van bikers tot college-kids. Dat blijkt een bewust streven van de band. ,,We weten wat we doen. Niet dat er vaste regels voor zijn, maar we hebben inmiddels geleerd hoe je een nummer toegankelijk kunt spelen, zodat er meer mensen naar willen luisteren.''

Al komt de groep uit de underground van de Amerikaanse westkust, en wordt BRMC in Engeland veelvuldig vergeleken met de legendarische, oorverdovende Engelse jaren tachtig-band The Jesus & Mary Chain, de muzikanten willen er wel rekening mee houden dat de luisteraar graag stemmen hoort en de woorden enigszins wil kunnen verstaan. ,,Daar hebben we regelmatig discussies over binnen de band. Onze drummer Nick wil veel lawaai, Peter en ik willen een gematigder versie. Maar de noise zit er wel. `White noise' noemen we dat, van dat gesuis en gepruttel dat tussen en onder alle partijen in verstopt zit.''

De techniek van opnemen kreeg veel aandacht toen BRMC in de studio zat, vertelt Turner. Er werden meerdere partijen over elkaar heen gelegd, en gezocht naar de juiste effecten. ,,We deden bij iedere zangpartij iets anders. Bij Whatever Happened To My Rock 'n' Roll wilde ik bijvoorbeeld een specifiek effect op mijn zang, want ik wilde dat het samengebald zou klinken, alsof er compressie op mijn zang zat. Dat hebben we na veel gepuzzel ook gevonden.''

De drie bandleden wonen nu in Los Angeles, nadat ze elkaar in 1998 hadden ontmoet in San Francisco. Daar heette BRMC nog The Elements. Pas toen de drie verhuisd waren – en de groepsnaam hadden veranderd – ontstond het huidige BRMC-repertoire. Robert Turner: ,,Wij leven als kluizenaars. In LA zijn we altijd thuis. Naar bars gaan we niet want we houden niet van muzikantengeklets. Nick woont met zijn vriendin, Peter en ik wonen samen. Dan is het makkelijk om de hele dag samen achter onze gitaren te zitten. We praten nauwelijks, de nummers groeien vanzelf onder onze handen.''

Turner groeide op bij zijn vader in een hippie-commune in Santa Cruz. Die vader, Michael Been, is nu geluidstechnicus van de band. Zo is BRMC een hecht en klein clubje, dat zich weinig aantrekt van de muzikantengemeenschap in glamourstad LA. Die `anti-houding' spreekt ook uit hun gedrag. Op de allereerste, slechts in een oplage van 500 verschenen, cd heette een van de liedjes Kill The US Government (`Want ze vertellen ons altijd dat alles in orde is, maar dat is nou juist níet zo') en de verhouding met hun Amerikaanse platenmaatschappij verloopt stroef. Want BRMC wil wel veel mensen bereiken maar niet hun liedjes verkopen aan een auto-reclame, zoals onlangs bleek.

De bandleden presenteren zich met desolate foto's en zelfgemaakte, schokkerige video's. Hun zwart-wit portretten worden steevast gemaakt in industriële omgevingen en hun kleren zijn zwart: met leren motorjacks en motorlaarzen. ,,We doen alles zelf, ook het art-work en de foto's. De manier waarop je je presenteert moet aansluiten bij de muziek. Niet dat onze muziek zo desolaat is, maar we zochten naar neutrale beelden die niet meteen te veel associaties opdringen.'' Toch spreekt er ook romantiek uit die beelden; de verlatenheid, en het idee van buiten de maatschappij te staan. Dat is de romantiek die ook in de liedjes zit: het is een koude wereld waarin liefde het enige is dat warmte kan geven, zingen ze letterlijk in Love Burns en Spread Your Love (Like Fever).

's Avonds in de uitverkochte Oude Zaal van de Melkweg speelt BRMC ingehoudener dan hun cd had doen verwachten. Maar het is ongelooflijk hoe de leden met de kleine bezetting van drums, bas en gitaar zo'n breed geluid opwekken. De zich als een damp verspreidende gitaarklanken vloeien samen met de brommende tonen van Turners bas terwijl de drummer opgewekt doormept. Het tempo is slepend en de zang van Peter Hayes en Robert Turner gedragen. Tegen het eind van het optreden worden de snellere nummers gespeeld. Maar het indrukwekkendst is de toegift, een meer dan tien minuten durende uitvoering van Salvation, dat zich met verweven stemmen en omfloerst gitaargepriegel als een hymne ontvouwt. Intussen zijn de muzikanten van het voorprogramma op het podium gekropen en zitten knikkend met hun hoofd als harige trollen in de rookwolken. Bij BRMC liggen hel en hemel dicht bij elkaar.

De cd van Black Rebel Motorcycle Club is verschenen bij Virgin (7243 8 10045). BRMC speelt 1 maart in Nighttown, Rotterdam, en op 20 mei op Pinkpop, Landgraaf.