Beschilderde dieren in de bazaar

In de islamitische wereld is zaterdag het offerfeest gevierd. Ook voor Pakistanen is het vooral een familiefeest.

Op het einde van de haj, de bedevaart naar Mekka die elke moslim ten minste een maal in zijn leven moet ondernemen, slacht iedere familie die daartoe de middelen bezit, een offerdier en verdeelt het vlees onder familie en armen.

De 27-jarige Sajid is deze zaterdagochtend om zeven uur opgestaan en heeft een schone, gladgestreken shalwar kameez aangetrokken. Nu is hij op weg naar de naburige moskee, waar de imam het verhaal zal vertellen van de profeet Abraham die bereid was zijn zoon Ismael te offeren voor God. En de voorganger zal in gezamenlijk gebed Gods zegen afsmeken over de offers die de gelovigen zullen brengen.

Zoals in het offerverhaal Abrahams zoon werd gespaard en God op het laatste moment een schaap zond om te offeren, worden op deze dag van Eid-ul-Azha in Pakistan miljoenen schapen, geiten, koeien en kamelen geslacht als symbolisch gebaar van offerbereidheid en onderworpenheid aan Gods gezag.

Hoewel het een blijde gebeurtenis is werpen aardse beslommeringen een schaduw over het feest. Van heinde en verre hebben boeren hun kuddes de afgelopen week naar dorpen en steden gedreven. Overal staan de met roze, groene en blauwe strepen beschilderde dieren: langs de Grand Trunk Road naar Peshawar, op marktplaatsen, bazaars en op kruispunten.

Maar het aanbod is kleiner dan in voorgaande jaren en de prijzen zijn hoger. Dat is het gevolg van de aanhoudende droogte in Pakistan, van minder aanvoer van schapen uit het naburige Afghanistan en, volgens sommige handelaren, van de huidige fricties met India waardoor geen koeien uit dat land kunnen worden geïmporteerd. Tegelijkertijd klagen winkeliers over de tanende koopkracht onder de bevolking. Steeds minder gezinnen kunnen het zich veroorloven om, met het suikerfeest nog maar twee maanden geleden, opnieuw kleren en schoenen aan te schaffen en dure cadeautjes voor de kinderen te kopen.

Sajid en zijn oom Gulistan trekken hun sandalen uit als zij de moskee in Rawalpindi binnentreden. Tientallen gelovigen zijn aan de late kant. Ze rennen zo hard als ze kunnen zonder hun witte broekspijpen te besmeuren. De regen van de afgelopen nacht heeft grote plassen achtergelaten op de ongeplaveide straat en het terrein voor de moskee is veranderd in een moederpoel.

De imam heeft niet gesproken over de moord op de Amerikaanse journalist Daniel Pearl, zegt Sajid als hij een half uur later de moskee uitkomt. ,,Hij heeft het verhaal van Abraham verteld. In zijn preken vertelt hij uit de koran, maar legt geen verbinding met de huidige tijd. Veel geletterde mensen hebben daar moeite mee. Zij willen dat de koran een boodschap meegeeft voor deze tijd.'' Zijn oom Gulistan had de vorige dag zijn hoofd geschud toen hij op de televisie het nieuws over de dood van Pearl vernam: ,,Diep tragisch. Ik begrijp niet dat mensen dat kunnen doen'', zei hij bedroefd.

Sajid is ongetrouwd. Net als alle jongemannen in zijn positie woont hij nog bij zijn ouders. Zijn oom Gulistan, diens vrouw en hun vier kinderen delen hetzelfde huis. Ook Sajids oudere broers zijn een gebruikelijke weg opgegaan: de een werkt in Saoedi-Arabië, de ander zit in het leger. De `echte' ouders van Sajid zijn dit weekeinde evenmin aanwezig. Net als veel Pakistanen vieren zij het feest in hun geboortedorp op het platteland waar ook Sajid opgroeide.

De vorige middag waren Sajid en zijn oom op de brommer naar de modderige marktplaats in een buitenwijk van Rawalpindi gereden. In de grote drukte raakten ze elkaar even kwijt temidden van de honderden kooplustigen die pas op het laatste moment hun offerdier wilden uitkiezen in de hoop dat de prijs wat was gezakt. Bijna 4.500 rupees (86 euro) wilde de boer hebben voor de geit die oom Gulistan had uitgezocht. ,,Ik heb er ook geen verstand van maar je moet toch doen alsof'', glimlachte Sajid toen hij het beest betastte. Voor 3.700 rupees (70 euro) gaf de handelaar zich gewonnen. Oom Gulistan trok de geit in een kleine Suzuki, terwijl de chauffeur de achterbank op het dak van zijn taxi vastbond. Onderweg naar huis kocht hij van een jongetje nog een bundel versgesneden gras, terwijl Sajid op de brommer volgde.

Het blatende dier werd op het platte dak van het huis vastgezet aan een stukje touw. De volgende morgen na het bezoek van de mannen aan de moskee staat de geit op de binnenplaats te wachten op de komst van de slager. Hij en zijn collega's gaan de hele buurt rond. Met een zwaai draait hij de geit op de rug en als een helper de poten heeft vastgebonden, tast hij met zijn ene hand de halsslagader af. Dan pakt hij met zijn andere hand een scherp mes en snijdt in een soepele beweging de slagader door. In enkele ogenblikken bloedt het dier dood, zoals in de koran is voorgeschreven. Terwijl Sajid de vloer schoonspuit met een slang, ontdoet de slager het dier van zijn vacht.

Een offerdier moet gezond zijn en niet ouder dan een jaar. Nu aan deze voorwaarden is voldaan, en de slager het dier in ongeveer drie kwartier heeft geslacht, komen Sajids tante en haar dochter in actie. Ze versnijden de stukken vlees in kleine porties en beginnen met het bereiden van de eerste maaltijd. Eenderde is bestemd voor eigen gebruik. De rest wordt weggegeven aan minderbedeelden die langs de deur komen, aan buren en bekenden.

Overal op straat zijn groepjes mannen en jongens nog bezig met het slachten van hun offerdieren. Sommige plassen zijn roodgekleurd en hier en daar zijn hoopjes slachtafval achtergelaten ondanks waarschuwingen van de autoriteiten.

Sajid krijgt aan het eind van de middag een bord met stukjes stevig gekruid vlees. Dan trekt hij zich terug op zijn kamer, samen met een vriend die is langsgekomen. Ze bespreken hun laatste beslommeringen onder het genot van een kopje groene thee. De vriend heeft een meisje op het oog met wie hij wel wil trouwen. Maar zijn ouders zijn niet erg enthousiast. ,,Wat moet ik doen? Mijn toekomstige vrouw moet wel wonen in hetzelfde huis als mijn ouders. Daar moet ik rekening mee houden'', zegt hij.

Als de duisternis is ingevallen volgt een nieuwe maaltijd. ,,Soms is eten een opgave'', zucht Sajid. ,,Het offerfeest is een belangrijk ritueel voor ons. Ik denk wel eens: zou het niet beter zijn om de armen gewoon geld te geven.''