Pitbull

Een dag na het bericht over mishandeling van zijn ex-vriendin Sarah H. wordt in sommige voetbalkringen al driftig gespeculeerd over het einde van zijn carrière. Bij een veroordeling kan Edgar Davids het schudden, zegt de een. Het is sowieso einde verhaal, juicht een ander. Zoveel is zeker: Davids moet in de maanden die komen niet op sympathie rekenen.

De pitbull aan het spit?

Elk land heeft zijn schandaalvoetballers. Paul Gascoigne in Engeland, Stefan Effenberg in Duitsland, Gilles de Bilde in België, een half dozijn vechtjassen in Frankrijk. Geen topclub zonder enfant terrible. Ergo: de goot was altijd al het epicentrum van de begenadigde atleet. In de sport heeft lange tijd een sfeer van vergoelijking geheerst. De nukken van de spits, het kannibalisme van de rechtsback, het asociale gedrag van de middenvelder, ach ja: legendes, mijnheer. En allen hadden ze teveel appetijt voor vrouwelijk schoon. De bal als alibi voor brandschatters, het is zo oud als de Grieken.

Hoe groot de rek is van de excuuscultuur in de sport wordt bij de Engelse voetbalclub Leeds gedemonstreerd. Spelers die betrokken waren in een kloppartij met onvervalst racisme als inzet konden rekenen op een generaal pardon. Bij club en supporters. Moord en doodslag in de week en scoren op zondag: het lijken soms werelden die elkaar niet raken.

Dat Edgar Davids zijn ex-vriendin, fotomodel bovendien, door het raam keilde of anderszins bont en blauw sloeg, moet nog worden bewezen. Maar dat Edgar Davids de proleet is van het Nederlandse voetbal kan geen nieuws zijn. Een proleet met pretenties nog wel. In naam van de multiculturele sensibiliteiten is hij nooit echt afgerekend op zijn niet altijd geweldloze escapades. De kritiek beperkte zich tot ironie over die achterlijke zonnebril. Of over zijn hautain stilzwijgen. Zijn agressie op en buiten het veld werd vertaald in passie. Hij, Edgar Davids, vulde in zijn eentje het vacuüm op dat het Nederlands elftal zelf had gecreëerd: metaalmoeheid.

Pitbull werd een eretitel.

Sarah H. zal daar iets anders over denken. Vooral in de periode dat hij wegens nandrolongebruik was geschorst, zou Davids zich herhaaldelijk te buiten zijn gegaan aan gewelddadigheden. Daar kan ik mij iets bij voorstellen: het spul zoekt altijd wel een weg, desnoods dwars door de ramen heen. Zonder bal wordt het rammen. Nou ken ik ook dichters die in een writers-block alles wat hun voor de voeten loopt met het slagersmes bewerken, maar zij bekennen tenminste schuld, zij het pas een half jaar later. In een schamel sonnet. Davids heeft een air van totale schuldloosheid over zich.

Meisjes van voetballers lijden vaak een een flou artistique. Ik weet niet hoe dat met Sarah H. is. Maar ik zal er niet van opkijken als straks voor de rechter zou blijken dat Davids huwelijkt zoals hij voetbalt: als een gedrogeerde. Wildebras op het veld, wildebras in het bed. Misschien mag je van proleten niet anders verwachten.

Davids, Kluivert, De Boer, Stam, Kira Eggers, de namen lopen als een paternoster door een ballade van voedingssupplementen en parfum van Dior. Van mij mag het. Maar dan graag zonder hypocrisie. In zijn eerste wedstrijd na zijn nandrolonschorsing kreeg Davids een rode kaart. Enkele dagen later sloeg hij een speler van Lecce vol in het gezicht. Om maar te zeggen hoe los handen en voeten van deze zeer geachte middenvelder van Oranje zitten. Als recidivist heeft hij zijn sporen alleszins verdiend.

Steller dezes is een compaan van de hinkende mens. Ik meen voetballers te begrijpen die lijden aan voorbarig succes, aan een niet te doorstane weelde, aan maatschappelijke ontwrichting door roem en glitter. Een kwaad woord over Garrincha, Eusebio en Georges Best krijg ik niet uit de strot en niet uit de pen. Maar mijn mededogen voor Edgar Davids is beperkt, zoniet onbestaanbaar.

Waarom?

Hij speelt passie, hij speelt leiderschap, hij speelt vlag- en hymnegevoel, hij speelt zichzelf. De voetballer Davids is een ordinaire oorlogshitser. Niets van zijn agressie kan mij vertederen. Om duidelijk te zijn: eigenlijk verlang ik ook stiekem naar het einde van de carrière van Edgar Davids. Aan brood zal het hem niet ontbreken: de pitbull heeft absoluut talent voor een handeltje in tweedehands auto's. En in een sportschool zie ik hem ook nog wel gloriëren. Tussen tweedehands bodybuilders.