`Niet langer alle vee doden na BSE'

Minister Brinkhorst (Landbouw) wil dat niet langer alle stalgenoten van BSE-koeien worden gedood. Dat heeft hij gisteren gezegd na de bevestiging van een nieuw BSE-geval in Barneveld.

Omdat de BSE-koe nog maar kort op het bedrijf was, gold geen veterinaire noodzaak om de 55 overige koeien te ruimen. Zij hadden geen verhoogd risico op de gekkekoeienziekte. Sinds juli laten Europese regels de boer in zo'n geval de keuze of hij de koeien laat leven of ruimen, tegen vergoeding. Zij kiezen steevast het laatste.

Volgens Brinkhorst is dat begrijpelijk. Bij niet-ruimen verliezen de boeren namelijk voor maximaal zeven jaar hun BSE-vrije status voor een aantal exportlanden, waaronder Rusland, Egypte, Chili en Marokko. Dat geeft de rundveehouders problemen met de afzet van hun melk en vlees.

Brinkhorst wil nu een Europese actie in gang zetten om de exportlanden te bewegen dergelijke eisen niet langer te stellen als er geen veterinaire noodzaak voor is. Hij gaat eerst overleggen met zijn collega's in Frankrijk en Ierland, waar boeren dezelfde problemen hebben.

Het BSE-geval in Barneveld is het tweeëndertigste geval in Nederland sinds 1997 en het vierde geval dit jaar. Alle koeien boven de 2,5 jaar worden bij slacht op BSE getest. Altijd worden de BSE-gevoelige delen, zoals de ingewanden, bij koeien verwijderd. Die zouden anders, indien besmet, na consumptie tot de dodelijke hersenziekte van Creutzfeldt Jakob kunnen leiden.

Afgelopen donderdag zijn, precies een jaar na de sluiting van de veemarkt vanwege de MKZ-uitbraak, weer de eerste koeien verhandeld in Leeuwarden. Er werden vierhonderd slachtrunderen aangevoerd. De handel kwam maar langzaam op gang.