Kassa!

Hogescholen worden beschuldigd van miljoenenfraude. Krijgen ze subsidie voor spookstudenten? Woensdag presenteert minister Hermans van Onderwijs een accountantsrapport. Over het grijze gebied tussen fraude en creatief omgaan met verouderde regels.

`Dit is goed koopmanschap.'

`De mooiste bloemen groeien langs de afgrond'', zegt klokkenluider Peter de Jong. Hij schreef vorig jaar juni in een brief aan minister Hermans van Onderwijs dat scholen voor hoger beroepsonderwijs `miljoenenfraude' plegen met `spookstudenten'. Hogescholen zouden veel geld verdienen door subsidie te ontvangen voor studenten die wel ingeschreven staan, maar niet of nauwelijks onderwijs krijgen.

De hogescholen zijn te ver gegaan, vindt klokkenluider De Jong. Ze hebben de subsidieregels overtreden. De regels oprekken is een ander verhaal. Daar was hij zelf een meester in, zegt hij zelf. Hij praat over de tijd dat hij directeur was van de afdeling economie bij de Hogeschool IJsselland in Deventer, tien jaar geleden. Nu zit De Jong met zijn vrouw en zoontje van bijna anderhalf werkloos thuis, in een bungalow in de bossen bij Deventer.

Hogeschool IJsselland was een klein schooltje aan de IJssel. Klein, maar ,,degelijk'', zegt hij zelf. De Jong wilde de wereld laten zien ,,dat we er waren''. Hij wilde kleur op de school, internationale contacten. ,,Hier in Deventer wonen zoveel Turken, er zat er niet één bij ons op school.'' De Jong sloot een overeenkomst met de Doküz Eylül universiteit in Ismië. Nederlandse studenten gingen een jaar naar Turkije, Turkse studenten kwamen naar Deventer.

Voor de Nederlandse studenten kreeg de hogeschool al geld. Een hbo-instelling krijgt voor elke student een voorschot van 4.500 euro. Haakt de student af, dan blijft het bij dat bedrag. Haalt de student een diploma dan werd dat tot voor kort 16.000 euro.

De Jong kwam op het idee de Turkse studenten ook in te schrijven. Na een jaar gingen de Turkse studenten mét diploma weer weg. De Hogeschool IJsselland had per student 16.000 euro verdiend.

Die dubbele inschrijving was geen fraude, zegt De Jong, maar een creatieve manier om het ,,emancipatieproces van de plaatselijke Turkse gemeenschap'' te stimuleren. Nergens in de wet staat dat het niet mag, geld ontvangen voor buitenlandse studenten. Alleen, wat begon als een prettig bijverschijnsel van een `internationaal uitwisselingsprogramma' met een paar studenten, werd een doel op zichzelf. De Jong haalde studenten uit India, Pakistan, China. Voor allemaal kreeg de hogeschool subsidie. ,,Als je een Boeing vol studenten uit Peking laat komen, om ze in te schrijven en er geld aan te verdienen, dan wordt het fraude.''

Begin jaren negentig werd de Hogeschool IJsselland gereorganiseerd. De Jong moest weg. Hij kocht de Delta Hogeschool, een kleine particuliere school die managementcursussen aanbood. De Jong had 51 procent van de aandelen, Hogeschool IJsselland de rest. Vorig jaar zomer heeft De Jong zijn aandelen ,,ver onder de prijs'' terugverkocht aan IJsselland. Hij kon, zegt hij, de ,,oneerlijke concurrentie niet aan''. IJsselland kon dezelfde opleidingen met overheidsgeld veel goedkoper aanbieden. En De Jong wist dat ze ook nog geld kregen voor studenten die er niet of nauwelijks studeerden.

U-bocht

De Jong deed zijn beklag bij de minister. Wat als `creatief' begon, liep volgens hem uit op fraude. ,,Wat grijs was, is nu zwart geworden.'' Hij schreef de minister over de Belgische constructie, de U-bochtconstructie, de studentencarrousel. Buitenlandse studenten die alleen een talencursus volgden, maar toch werden ingeschreven. Studenten die een particuliere opleiding volgden, waarvoor de school toch subsidie aanvroeg door ze ook nog ergens anders in te schrijven. Over Belgische studenten Bedrijfskader die via Amsterdam, Utrecht en Breda afstudeerden, maar die nog nooit een les in Nederland hadden gevolgd. En hij schreef over een commercieel opleidingsinstituut, Opleiding en Ontwikkeling bv (O&O) in Breda, dat de spil was in die carrousel en bemiddelde tussen de hogescholen en studenten.

De hogescholen waren woedend. Het lag niet aan hen, maar aan de `in beton gegoten subsidieregels'. Het systeem is gemaakt voor de zeventienjarige student die vier jaar lang aan een hogeschool studeert. En, zeggen de hogescholen, die tijd is voorbij. Je hebt nu deeltijdstudenten, buitenlandse studenten, studenten die al werken en in de avonduren of het weekeinde een diploma willen halen, mbo-studenten die in twee jaar een hbo-diploma halen.

Rob Scheerens is nog maar net collegevoorzitter aan de Hogeschool van Amsterdam. En hij had, zegt hij, niet zo heel lang nodig om te zien dat sommige subsidieregels ,,interessant'' waren. ,,Het is logisch en prettig om te zoeken naar iets wat mag, wat slimmer is, waar je geld aan overhoudt. Dat is geen fraude, dat is goed koopmanschap.''

Olchert Brouwer is collegevoorzitter van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. Marcel Wintels is de financiële man van het college. Zij zeggen: ,,De jongen die drie jaar in Zwolle studeert en dan verliefd wordt op een Arnhems meisje en zijn laatste jaar hier volgt, was voor ons feest.'' De jongen studeert een jaar, haalt een diploma. Kassa. De school is 16.000 euro rijker. Dat hebben ze op het ministerie ook begrepen. De `excessieve bekostiging' is twee jaar geleden afgeschaft.

Nog zo'n `rariteit'. De minister wil graag dat studenten na hun opleiding een lerarenopleiding volgen om het lerarentekort op te lossen. Maar wat gebeurt er: een heao'er studeert af aan de Hogeschool van, zeg, Zwolle. Dan gaat hij de lerarenopleiding doen. Als hij dat aan dezelfde school doet, krijgt de school geen bekostiging meer voor hem. Hij heeft al gestudeerd. Maar als dezelfde student zich inschrijft aan de hogeschool van Enschede, krijgt Enschede wél geld.

Hermans wil ook graag dat hogescholen commerciëler worden. Ze moeten zich richten op de markt. Contracten aangaan met het bedrijfsleven om de werknemers `flexibel onderwijs' te geven. In het weekeinde of 's avonds. De bedrijven betalen een deel van de opleiding. En bijna alle hogescholen deden dat. Ze stichten aparte particuliere opleidingen naast de `gewone', gesubsidieerde hogeschool.

Alleen, sommige hogescholen schreven de particuliere studenten ook in bij de gewone hogeschool. En kregen dan toch subsidie. Oud-topambtenaar van onderwijs Roel in 't Veld schreef er vorig jaar in zijn boek Zeven jaar Paars al over. ,,Dit weet iedereen in Den Haag en Zoetermeer'', schreef hij, ,,maar niemand die er wat aan doet. Accountants en politici zwijgen beide. Het onderwijsbeleidssysteem is in feite failliet.'' Zelfs voormalig PvdA-minister Ritzen van Onderwijs, toch de bedenker van het subsidiesysteem, liet vanuit Amerika weten dat hij zijn opvolger Hermans heeft gewaarschuwd voor de gaten in het systeem.

Stoomcursus

Op den duur, zegt Olchert Brouwer, gaat elk mens zich gedragen naar een systeem. Ze gaan de boel organiseren, handelen naar de financiële prikkels. Studenten inschrijven in Zwolle, terwijl ze in Enschede studeren. En dan de subsidie onderling verdelen. Of studenten een stoomcursus van een jaar laten doen en ze een diploma geven. Dan krijg je de volle mep. Je gaat de gerns echt over, zegt Olchert Brouwer, wanneer je de studenten uit het telefoonboek of uit België haalt en ze nauwelijks onderwijs geeft. ,,Dan wordt het gouden handel.''

Dan raakt het systeem uit balans. En van die onbalans hebben `de mannen van Breda' geprofiteerd, zeggen de collegevoorzitters. In Breda zit het bedrijf Opleiding en Ontwikkeling. In 1998 werd de stichting O&O opgericht voor en door Defensie-ambtenaren. Er werd gereorganiseerd bij Defensie en honderden militairen zouden moeten `afvloeien'. O&O zou de militairen een heao-opleiding aanbieden, op zaterdag, waardoor hun `externe marktwaarde' groter werd.

Een jaar later is O&O een besloten vennootschap, en weer een jaar later is het een volledige dochter van multinational Informa Group uit Londen, een bedrijf gespecialiseerd in commerciële dienstverlening. In die twee jaar gaat het goed met O&O. Hun omzet is meer dan verdubbeld, ze maken zeven miljoen gulden winst op een omzet van 14 miljoen gulden. Ze richten de commerciële Spinoza University op. Ze nemen het volledige management over van InterAct bv, de commerciële poot van de Hogeschool van Amsterdam. Met zeker tien andere hogescholen worden contracten gesloten om het commerciële onderwijs te verzorgen. De Hogeschool van Amsterdam móest wel in zee met een bedrijf als O&O, zegt collegevoorzitter Rob Scheerens. Het commerciële InterAct leidde al vanaf de oprichting in 1991 enorme verliezen. Scheerens: ,,Hier had geen Klorus verstand van management. O&O wel. Er is een schreeuwend tekort aan thuiszorghulpen. Zij starten meteen een opleiding. Wij zouden niet op het idee zijn gekomen.''

O&O maakte gebruik van de onzakelijkheid van hogescholen, zegt Marcel Wintels, de financiële man van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. Hij kent O&O nog uit het verleden. Hij was negen maanden interim-manager bij Interact, om de boel te saneren. Toen hij wegging, namen Herman van Breda en Jan van Zwieten van O&O de leiding over.

Diezelfde Jan van Zwieten kwam langs toen Wintels al in Arnhem zat om te vragen of de hogeschool geïnteresseerd was in samenwerking met zijn bedrijf. Op dezelfde manier was hij bijna alle andere hogescholen langsgeweest. ,,Een koopman'', zegt een anonieme collegevoorzitter.

Jan van Zwieten is oprichter en directeur van O&O. Hij is een van de militairen die zich daar lieten omscholen. Inmiddels is hij hoogleraar management aan een Amerikaanse universiteit en registeraccountant. In een vraaggesprek in het blad van de Universiteit Maastricht van maart 2000 zegt hij: ,,Aan hogescholen heerst een cultuur die niet gericht is op het maken van winst.'' En: ,,Er gaan miljarden guldens om op de onderwijsmarkt, en de hogescholen hebben daar maar 4 procent van in handen. En wat doen ze? Ze beconcurreren elkaar op die 4 procent. Als er 'n hogeschool een goedlopend klasje voor bankmedewerkers heeft, zie je meteen dat anderen dat ook doen. Die halen dan ook een of twee klasjes binnen. Peanuts!''

Hij kwam hier praten op de dag dat ABN-Amro aankondigde duizend werknemers te ontslaan, zegt financiële man Marcel Wintels van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. ,,Hij belt meteen de bank met het voorstel die medewerkers om te scholen.''

Van Zwieten was gespecialiseerd in de korte, flexibele opleidingen. De collegevoorzitters: ,,Hij was geïnteresseerd in de status van onze hogescholen. Een diploma management van de hogeschool van Utrecht klinkt beter dan een van de LOI.'' Van Zwieten stelde dit voor: hij zou studenten werven, de hogescholen de docenten en de diploma's leveren. Hij deed de administratie en al het regelwerk. De hogescholen kregen collegeld en subsidie. Dat zouden ze samen delen.

Niks mis mee. Marcel Wintels: ,,In het bedrijfsleven heet dit outsourcing. Als iemand iets beter kan dan jij, is het niet gek om het uit te besteden en dus ook te betalen.'' Maar het lijkt erop of de hogescholen te ver zijn gegaan. Ze hebben hun beste studenten, `de krenten uit de pap' waar ze het meeste geld voor krijgen, `weggegeven' aan O&O.

Belgische constructie

De Hogeschool van Arnhem en Nijmegen was best geïnteresseerd in samenwerking met Van Zwieten. ,,Zijn commerciële aanpak gecombineerd met onze onderwijskennis leek ons een goed idee.'' Maar in het conceptcontract bleek dat de rol van de hogeschool wel erg klein was geworden. ,,De verhouding tussen bekostiging en onderwijsinspanning was verdwenen.'' O&O zou bijna alles gaan doen, en dus ook alle inkomsten krijgen. De hogeschool tekende het contract niet.

De hogescholen van onder meer Utrecht, Amsterdam, Breda en Deventer deden dat wel en tekenden voor wat nu de Belgische constructie heet. De hogescholen van Antwerpen en Brussel schakelden O&O in. Zij wilden hun studenten Bedrijfsbeheer de kans geven ook een Nederlands heao-diploma te halen. Dat kon in twee jaar, zegt directeur Jan Trommelmans van het Karel de Grote College in Antwerpen. ,,En het stond goed op hun cv.'' De studenten hébben ook Nederlands onderwijs gehad. Alleen gingen de studenten niet naar Nederland, maar kwamen de Nederlandse docenten naar België. ,,Het waren absoluut geen spookstudenten.'' Waar het misging: de Nederlandse hogescholen schreven de Belgen in op hun school en ontvingen volledige subsidie. Trommelmans: ,,Ik heb nooit geweten hoe lucratief het was voor de Nederlandse scholen.''

O&O wierf ook Nederlandse studenten. Zo zorgde O&O ervoor dat dit jaar 350 studenten van de particuliere Markus Verbeek Hogeschool ook een opleiding aan de Hogeschool van Amsterdam konden volgen. ,,Opplussen van mbo-ers'' noemt Van Zwieten dat. Op dit moment staan meer dan duizend studenten in Amsterdam ingeschreven via O&O.

Ook regelde O&O `reïntegratietrajecten' voor werklozen en arbeidsongeschikten. Ze konden via de Hogeschool van Amsterdam een hbo-diploma halen. Zij hoefden geen collegegeld te betalen, dat deed Arbeidsvoorziening. Die `studenten' zeggen dat ze nooit op de hogeschool zijn geweest. Frits Hoogesteger was zo'n student. Hij schreef zich in, samen met vijftien anderen. Op het inschrijvingsformulier, gedrukt op briefpapier van O&O staat dat dit de `formele inschrijving' is om `bekend te zijn bij het ministerie'. Met die inschrijving kon de hogeschool subsidie aanvragen. Alleen Frits Hoogesteger kreeg na lang aandringen toestemming om college te volgen, zegt hij. De andere studenten heeft hij nooit meer gezien. De Hogeschool van Amsterdam zegt dat de studenten wel onderwijs volgen.

Op 5 februari, acht maanden nadat klokkenluider Peter de Jong de minister had ingelicht en er een accountantsonderzoek werd aangekondigd, zegde de Hogeschool van Utrecht het contract met O&O op. In vier jaar tijd hadden zij 1.200 studenten een aanvullende cursus in België aangeboden. Door allerlei vrijstellingen hoefden de studenten in twee jaar maar 46 studiepunten te halen, de hogeschool ontving volledige subsidie. ,,Achteraf niet fraai'', zegt collegevoorzitter Henk de Greef. ,,Al hebben we ons wel aan de regels gehouden''. De Hogeschool van Brabant, IJsselland en de Hanzehogeschool in Groningen zeggen dat ze hun contacten met O&O al eerder hebben gestopt. Over de reden willen zij niets zeggen.

Scheerens van de Hogeschool van Amsterdam is in onderhandeling met moederbedrijf Informa Group om de banden te verbreken. Hij weet zeker dat er niet is gefraudeerd. ,,Als het wel zo is, stap ik op.'' Maar hij vindt wel dat O&O besmet is geraakt. ,,Eén koekje uit de trommel eten is niet erg, twee ook niet. Maar als je hem leegvreet, zit er iets scheef.''

De accountants van het ministerie van Onderwijs zijn klaar met het onderzoek. De resultaten liggen nu bij de zes hogescholen die zijn onderzocht. Zij mogen nu hun mening geven. Tot nu toe wezen de hogescholen naar de subsidieregeling en naar het bedrijf O& O. En O&O wees weer naar de hogescholen. Van Zwieten zei eerder dat er geen sprake was van fraude, en als er wel iets oneerbaars zou zijn gebeurd, dan lag de verantwoordelijkheid daarvoor bij de hogescholen. Die schreven de studenten in, terecht of niet.

Moederbedrijf Informa Group heeft Jan van Zwieten twee weken geleden toch naar huis gestuurd. Hij mag niks meer zeggen. Twee andere bestuursleden van O&O, die ook directielid zijn bij het moederbedrijf, zijn opgestapt om de schade aan het moederbedrijf te beperken.

Voor VVD-minister Hermans komt de hbo-affaire op een ongelukkig moment, zo vlak voor de verkiezingen. Kamerleden verwijten hem nu al dat hij al die jaren niet goed heeft opgelet, en ook nog eens te laat aan een onderzoek is begonnen. Als het accountantsonderzoek meevalt, zullen de Kamerleden hem niet graag geloven. En wat als er inderdaad miljoenenfraude is gepleegd? Dan lijken niet alleen de hogescholen en O&O verantwoordelijk, maar Hermans zelf ook.