Journalist en politiek 1

Door Jan Nagel is erop gewezen dat politieke journalisten naast hun werk betrokken zijn bij activiteiten van een partij. Daarmee zou, is zijn impliciete verwijt, de onafhankelijkheid van hun berichtgeving schijn zijn. De objectiviteit waarop de media zich beroemen is in het geding; een journalist mag geen partijganger zijn.

Er lijkt sprake van enige schijnheiligheid bij de handhaving van de journalistieke onafhankelijkheid in (partij)politieke zin. De gedachte dat berichtgeving over politieke gebeurtenissen los kan geschieden van de eigen opstelling is hypocriet; de journalist zou in dat geval van iedere duiding af moeten zien en zich beperken tot het weergeven van stemverhoudingen. En dat zou niet alleen een weinig leesbare berichtgeving opleveren, het zou de kiezer ook niet wijzer maken over de inzet en afwegingen, die de politici bij hun besluitvorming gemaakt hebben. Liever was het mij dan ook dat journalisten hun politieke affiniteit expliciteren en een eventueel partijlidmaatschap in hun eigen medium bekend maken. De maatschappelijk meelevende journalist kan weinig anders dan erkennen, dat hij zowel journalist als partijman is, met zijn politieke voor- en afkeuren. Maar hij hoeft geen partijganger te zijn.