Ik kan... uit eten

Hoe het ideaal eruit ziet weet iedereen. Een nette, maar niet overdadige inrichting, witte kleedjes op tafel, vriendelijke obers, geen harde muziek. En heerlijk eten voor een redelijke prijs. Maar hoe vind je zo'n restaurant in dat gezellige stadje waar je net bent neergestreken?

Er zijn mensen die er een neus voor hebben. Feilloos loodsen ze je naar een straat waarin ze nog nooit geweest zijn en met blinde precisie vinden ze het onopvallende eettentje waar je een onvergetelijke maaltijd geserveerd krijgt. Toch hebben ook die mensen wel eens hun neus gestoten en zijn ze het slachtoffer geweest van oplichters, beunhazen en viespeuken. Maar ze hebben er lessen uit getrokken.

De belangrijkste tip is: ga op ervaringen van anderen af. Aanbevelingen van vrienden zijn waardevol, alleen zijn ze meestal erg vaag (`een klein tentje bij een rond plein, je ziet het vanzelf'). Noteer om die reden een goed restaurant in je agenda – je vrienden zijn er je dankbaar voor.

Steek een goede culinaire gids bij je. De rode Michelingids is heel bruikbaar. En niet alleen om de sterren – ook elk sterloos restaurant dat erin wordt genoemd, is de moeite waard. Juist in het middensegment is de relatie tussen prijs en kwaliteit soms ver te zoeken. Restaurants waar je voor 20 euro een uitstekend menu krijgt, bestaan net zo goed als eetgelegenheden waar je voor dat bedrag een liefdeloos bord eten wordt voorgezet.

Met aanbevelingen in reisgidsen moet je voorzichtig zijn, vaak zit het in zo'n tent stampvol toeristen en zijn de locals ver te zoeken. Je hebt meer aan de uitgaansgidsen die in grote steden te koop zijn.

En als je geen gids hebt? Dan is de volgende stap: vraag het aan een inwoner. Niet aan een taxichauffeur of aan de VVV, maar loop een boekwinkel in of drink wat in een café en vraag naar een goed restaurant. Vraag het desnoods aan een dame of heer op straat, bij voorkeur aan iemand die zo te zien tot dezelfde smaakgroep behoort. Deze strategie is bruikbaarder in een land waar buitenshuis eten tot de cultuur behoort – in Nederland ligt dat dus moeilijker.

Als je geen gids hebt en niemand kan je van advies dienen moet je op je eigen instinct afgaan. Betreed nooit een restaurant in een drukke winkelstraat. De huren zijn daar zo hoog dat de uitbaters maar één doel hebben: mensen binnen zien te krijgen. Dat die daarna nooit meer terugkomen interesseert hun niet. Ga liever een zijstraat in. Daar zitten restaurants die het niet moeten hebben van eenmalige bezoekers, maar van trouwe klanten – en het is de paradox van de eenmalige bezoeker dat hij juist zo'n gelegenheid zoekt. Vermijd ook de restaurants die tot een keten behoren, tenzij je er goede ervaringen mee hebt. Ga ook nooit een restaurant in waar aan de gevel kleurenfoto's van de geserveerde schotels zijn bevestigd. Ga met opgeheven hoofd voorbij aan obers die je naar binnen willen praten.

Heb je iets gevonden dat je wel wat lijkt, kijk dan op de menukaart en werp een blik naar binnen. Zit er bijna niemand? Dan is het óf nog te vroeg, óf het is een slecht restaurant. Zitten er alleen toeristen? Loop dan door. Staat de ruimte vol met tafeltjes met witte kleedjes? Dat is wel een goed teken.

Dan komt de entree. Bedenk dat het betreden van een restaurant niet betekent dat je er moet eten. Kijk rustig rond. Staat de muziek hard aan, heerst er een penetrante baklucht, is het personeel opdringerig, loop dan even rustig weer naar buiten. Lijkt het wat, bestudeer dan het menu, vraag de ober om uitleg, en aarzel niet om te vragen naar dat heerlijk uitziende gerecht dat aan een belendend tafeltje wordt geserveerd. Neem twee voorgerechten in plaats van een voorgerecht en een hoofdgerecht als je niet zoveel honger hebt. En als niets lukt: ga naar een traiteur of een supermarkt en koop een salade en een stuk gegrilde kip.