Drie foto-interviews

NIEUWS ZIT VAAK IN EEN BIJZIN

Angelique Kunst (38)

Chef stadsredactie Enschede

De Twentsche Courant Tubantia

,,Het contact tussen de bestuurders van Enschede en de verslaggevers van de krant was goed. We zitten letterlijk tegenover hen; als er een deur openstond liep je even naar binnen. Als we verlegen zaten om nieuws riepen we naar de overkant: `Hebben jullie nog wat?' Het was open en informeel. Dat leverde goede verslaggeving op.

,,Tot 13 mei 2000. Dat is een ommekeer geweest voor onze verslaggevers. Terwijl Enschede in brand stond, stroomde het stadhuis langzaam vol. Op het moment dat burgemeester Mans zijn eerste persconferentie gaf, waren er nog nauwelijks journalisten in Enschede. Dat was een soort onderonsje en dat is zijn de redding geweest. Want als zijn eerste reactie op de brand in zijn beste Duits (er was ook een Duitse journalist) gepubliceerd zou zijn, dan was hij wellicht nu geen burgemeester meer. Gelukkig bleef het onder ons, de paar journalisten en Mans. Binnen enkele uren stond de hele wereldpers voor het stadhuis.

,,De drie à vier voorlichters konden de vragen niet meer aan. Terstond werd een blik voorlichters van elders in te vliegen. Uit andere gemeentes, uit andere provincies, zelfs uit de Randstad kwamen ze hier. Heel terecht en heel goed ten tijde van de ramp. Ze waren tijdelijk gedetacheerd maar een deel is voor altijd gebleven.

,,En dat is voor ons journalisten een ramp. Zij hebben een geheel andere opvatting over hoe je de pers te woord staat dan de lokaal bestuurders tot dan toe hadden. We kunnen niet meer binnenlopen. We moeten onze vraag voorleggen aan de voorlichter en die geeft een paar uur later het antwoord. `De cultuur was hier ook wel dorps', zegt één van de nieuwe voorlichters dan. Dorps, dorps, dorps dat wordt er door iemand opgeplakt die zich belangrijker voelt dan hij is. De nieuwe voorlichters werpen een blokkade op voor openheid van bestuur. Ze gaan er prat op dat ze dag en nacht bereikbaar zijn op hun mobiel, maar zij beseffen niet dat je vroeger de wethouder dag en nacht kon bereiken en dat was heel wat spannender.

,,Je moet het nu dus weer hebben van het aanschieten op straat of het babbeltje in het café. Daar komen de meeste voorlichters niet, want die wonen in het weekend in de Randstad. Kijk, een goede verslaggever werkt met serendiptisme, dat je door een combinatie van intelligentie en toeval iets vindt terwijl je er niet naar zoekt. Dat zit 'm meestal in een bijzin. De kunst is dus: hoeveel pik je mee. Bij een voorlichter lukt dat niet er komt nooit meer uit dan je erin stopt. En dat is de dood in de pot voor verslaggevers van de stad.''

DE BETEKENIS VAN EEN KNIPOOG

Jasper Groen (27)

Stadsredacteur Dagblad De Limburger

,,Van de corruptie die speelde binnen het lokaal bestuur in Limburg merk ik niets meer. Er zitten nu andere mensen in de raad en die beschouwen het als verbannen. Ook de vertrekkende burgemeester Houben (CDA) van Maastricht wil in afscheidsinterviews niet langer ingaan op misdragingen van het lokaal bestuur begin jaren negentig. Hij houdt zich op de vlakte en verwijst naar onderzoek van oud-minister van Dijk.

,,Ik werk samen met een collega – we vormen een duo. Zo kan ik altijd even spiegelen wat ik denk te zien in politieke ontwikkelingen. Als journalist moet je het hebben van indirecte signalen, maar juist omdat ze indirect zijn heb ik iemand nodig om te checken of ik het goed zie. Soms probeer ik zelf wel eens wat te sturen binnen het bestuur. Ik ben heel afstandelijk; ik zeg altijd `u' en ook in informele gesprekken ben ik journalist. Zo heb ik een raadslid eens in de wandelgangen gevraagd wat hij zou gaan zeggen in de algemene beschouwingen. Hij somde wat op en toen heb ik er één punt uitgelicht en tegen hem gezegd dat hij daar mee zou scoren. En ja hoor, hij heeft in de commissievergadering alleen maar over dat onderwerp gesproken en kwam uit op `volksverlakkerij'. Nou, toen had ik een prachtig verhaal.

,,Andersom word ik ook gebruikt hoor. De fractievoorzitter van het CDA knipoogde op een ledenvergadering eens heel betekenisvol naar mij. Of ik wel gehoord had dat zijn partijgenoot en lijsttrekker het opengraven van het stroompje de Jeker in Maastricht alleen in het dikke partijprogram wilde opnemen en niet in de samenvatting van het verkiezingsprogramma. Het item werd door haar weggemoffeld terwijl de voorzitter het heel belangrijk vond. Ik heb dat punt toen nog maar even uitgediept in de krant.

,,Ex-burgemeesterskandidaat Dittrich verwijt de pers zijn terugtreden. Hij was in de race om burgemeester te worden maar hij heeft zich, naar eigen zeggen na negatieve publiciteit uiteindelijk teruggetrokken. Ik kan me zijn boosheid voorstellen, maar wij deden gewoon ons werk. We hadden hem om een reactie gevraagd, maar zijn woordvoerder zei dat Dittrich daar geen behoefte aan had. En dát had weer te maken met de regeltjes van het openbaar bestuur – Dittrich mócht van de minister nog niet reageren. Hij moest zijn mond houden zolang hij kandidaat was. Dat is wrang. Ach, ze zijn niet allemaal even blij met me. Toen ik een aantal weken weg ging voor een reis naar Afrika kreeg ik een kaartje van een raadslid dat haar partij blij was dat ik een tijdje wegging. Het was ironisch bedoeld, maar toch. Het blijft een spel en ik doe daar graag aan mee.

IEDEREEN KENT HIER ELKAAR

Willem Bosma (48)

raadsverslaggever bij de Leeuwarder Courant

,,Op het gemeentehuis in Leeuwarden heeft 11 september een eigen betekenis. Toen heeft het college van burgemeester en wethouders de onderlinge onmin met Ed Nijpels (commissaris van de koningin, red.) besproken. De burgemeesterscrisis heeft de gelederen lange tijd beziggehouden. Als raadsverslaggever zat ik er bovenop en toch publiceerden we pas half oktober dat de breuk tussen burgemeester Loeki van Maaren en het college definitief was. Ik was getipt door iemand die ik niet kende dat er met advocaten was gesproken. Het bleek waar te zijn en toen hebben we de krant ermee geopend. Dat was een paar dagen voor de officiële bekendmaking. De raadsleden hebben het een maand lang goed gecamoufleerd weten te houden. Daar hebben ze voor gekozen en dat is hun goed recht. Dat beide partijen, nadat het aftreden bekend was geworden, besloten niets over elkaar te zeggen op straffe van 50.000 gulden, kwam ons vreemd voor. Het woord `zwijgplicht' heb ík voor het eerst opgeschreven, want zo werd de afspraak in de praktijk ervaren. De raadsleden dachten dat de krant in het algemeen belang had gehandeld door de breuk niet eerder te melden. Dat is naïef. Zo gaan we niet met nieuws om – als we het eerder geweten hadden, hadden we het opgeschreven. Natuurlijk, het functioneren van de burgemeester was een sluimerend onderwerp. De versprekingen, alle roddels maar vooral trivia waar de krant niets mee kon.

,,Friesland is een klein landje. Als stadsverslaggever zit je dichter op de abonnees dan bijvoorbeeld in de Randstad. Als daar een politicus wordt gewipt, spreekt niemand je aan in de trein. Het kan mondiaal niets te betekenen hebben, hier maakt iedereen zich er druk over. We kennen elkaar ook allemaal. De wethouders kunnen klasgenoten van je zijn geweest.

,,We zitten dicht op elkaar. De vorige raadsverslaggever kreeg een verhouding met de fractievoorzitter van de VVD. De verhoudingen met het lokaal bestuur zijn goed. We weten wat we aan elkaar hebben en we nemen elkaar serieus. Bij een goede verhouding past dat zij je geen onzin op de mouw spelden en dat wij fair opereren. Leeuwarden is ambitieus maar ook gauw op zijn tenen getrapt. Alles moet op een bepaalde manier sneller, groter en beter. Ik kan die houding wel aanvoelen maar ik identificeer me daar niet mee. Je tekent als krant je doodvonnis als je je daardoor zou laten leiden.''