Dans liever niet op Jamiroquai

Danst het publiek op de muziek van Jamiroquai, de funkband die gisteren aan zijn Britse tour begon? Hier is dat een absurde vraag, in Singapore niet, merkte Robert Giebels.

Na een tour door Azië begon de Britse funkband Jamiroquai gisteren aan een Britse tournee. Dat maakt een groot verschil, vooral wat publiek betreft. Dansen bij een concert is een probleem in Azië, en zeker in Singapore. Daar is het stugste publiek te vinden waar een band maar tegenaan kan lopen. Tot juli 1998 was het in Singapore van staatswege officieel verboden te staan. Of het nu ging om Mendelssohn of Mötorhead: iedereen moest blijven zitten. Want als mensen gaan staan, zo was de redenering, dan gaan ze dansen en als ze gaan dansen dan glijden ze uit of verliezen anderszins de controle over hun lichaam, en als dat gebeurt valt iedereen over elkaar heen en voordat je het weet heb je een Heizeldrama.

Na enige druk van de steeds zelfbewustere bevolking werd het verbod opgeheven. Voortaan waren de concert-organisatoren verantwoordelijk voor het wel en wee van hun publiek. Maar zij bleken net zo bang voor ongelukken en lieten iedereen zitten. Tot frustratie van artiesten als de Hong-Kongse, in Cantonees zingende popster Andy Lau Tak-wah die het na een uurtje proberen en ondanks een in arren moede uitgevoerde strip-act opgaf om zijn publiek in beweging te krijgen. Een concert in Singapore met Boyzone en 911, georganiseerd door de plaatselijke telecom-gigant SingTel, hield liefst 50.000 mensen stevig op hun stoelen. Alleen een diva met de status van Mariah Carey kon het sta-verbod doorbreken. Ze kwam in maart 2000, een maand nadat weer iedereen aan zijn stoel was geplakt bij een optreden van de gereanimeerde Culture Club. De politie en de eigenaar van het National Stadium in Singapore, waar de van plastische chirurgie herstellende Carey na een fotogeniek bikinibezoek aan het plaatselijke dolfinarium voor 30.000 mensen à 150 euro zou gaan optreden, voerden moeizame onderhandelingen met een gelegenheidscomité van Mariah Carey-fans - in de krant `the standing committee' genoemd. Het resultaat mocht er zijn: staan en dansen was toegestaan. ,,Maar alleen in de ruimte recht voor de stoel en niet óp de stoel of voor het podium of in de gangen'', stond uiteindelijk in een verklaring die vlak voor het concert uitkwam.

Nu voorzag het concert van Mariah Carey ruimschoots in momenten waarop het publiek even op de kostbare zitplaats tot rust kon komen. Maar bij het optreden van Jamiroquai in het Singapore Indoor Stadium was dat een probleem. Zeker nu de band, blijkens de laatste CD A Funk Odyssey de didgeridoo opgeborgen heeft en meer van de oorspronkelijke soulfunk naar disco – dansmuziek – is opgeschoven. Sinds Jay Kay, de voorman van Jamiroquai, zijn linnen Milieudefensietas heeft ingeruild voor een zilveren Ferrari 360 Spider en enthousiast vertelt dat hij een van de eerste vijf eigenaren wordt van de nieuwe Ferrari F60 is Jamiroquai kennelijk opgegaan in de mainstream.

In Singapore wonen en werken een paar honderdduizend blanke, buitenlandse `expatriates' op drieëneenhalf miljoen Singaporezen. Maar onevenredig veel Jamiroquai-bezoekers komen uit de `expat-hoek'; meer dan de helft.

Dan komt Jay Kay op met zijn 15.000 euro kostende, zilveren hoofddeksel. De meerderheid van het publiek gaat staan, ondanks de geluidspuree van het slecht gekozen openingsnummer – Twenty zero one. En vrijwel iedereen blíjft ook staan, twee uur lang. De expats gaan wat wilder tekeer dan de etnische Chinezen, Maleiërs en Tamils waaruit de Singaporese bevolking bestaat. Hier en daar neemt een buitenlander zijn vriendin op zijn nek. Dat mag dus niet. Met scherpe zaklantaarns sommeren politiemannen dat de vrouwen eraf moeten.

De mensen op het `veld' (kaartjes à 60 euro) hebben wat ruimte om de kou van de airco weg te dansen. Op de tribunes is de dansruimte beperkt en bewegen alleen hoofden van voor naar achteren in een menselijke golfslag op de maat van de muziek. Alleen Jay Kay danst écht.