Arme letteren

Alleen aparte financiering, op basis van kwaliteit van onderwijs en onderzoek, kan de kleine Ietteren in Nederland uit het slop halen waarin zij al jaren zitten. Aldus de conclusie van het KNAW-rapport waarvan Dirk van Delft een interessante voorbespreking geeft (W&O, 16 febr.). Hoe behartigenswaardig deze boodschap ook mag zijn, het rapport dringt, vrees ik, niet door tot de kern van de zaak. De primaire vraag of het bij `opleidingen in talen en culturen met weinig studenten' eigenlijk wel om wetenschap (geordende kennis) gaat, wordt niet gesteld. Ons land bezit op het gebied van bijvoorbeeld de sinologie weliswaar een indrukwekkende hoeveelheid boeken en tijdschriften, maar ik waag het te betwijfelen of zij een systematische studie, een overkoepelende discipline of samenvoegende superwetenschap zelfs, is.

`China-deskundigen' zijn in twee categorieën in te delen: (a) degenen die het Chinees beheersen en door lectuur, en bezoeken aan China, allerlei dingen over het land en zijn geschiedenis aan de weet zijn gekomen (sinologen), en (b) afgestudeerden in bijvoorbeeld de politicologie, rechten, geschiedenis, aardrijkskunde, antropologie of filosofie die zich op een bepaald aspect van China richten. Zij hebben geen hoge dunk van elkaar. Sinologen wordt wetenschappelijk amateurisme verweten, laatstgenoemden gebrek aan kennis van de Chinese taal. Wat voor sinologen geldt, gaat ook op voor japanologen, koreanologen, indologen, turcologen, mongolisten, iranisten, arabisten, egyptologen en afrikanisten. Grote schoonmaak is dus geboden, ook al zal een gevestigde orde zich hiertegen met hand en tand verzetten.

Hechte, geïnstitutionaliseerde samenwerking met hoofdzakelijk de sociale en geesteswetenschappen, die hiervan trouwens kunnen profiteren, is de enige redding voor wat verhullend `de kleine letteren' wordt genoemd. Alleen indien experts in `exotische' talen zich houden bij hun leest (vertalen) en het niet beneden hun waardigheid achten bij onderzoek de leiding te aanvaarden van bij voorkeur wetenschappers die comparatief en interdisciplinair te werk gaan, zullen KNAW's `vensters op de wereld' worden geopend.