Franse telecomtwisten

France Telecom en zijn mobiele dochteronderneming Orange hebben hun overeenkomst met het Duitse mobieletelefoniebedrijf Mobilcom opgezegd. Als ze denken daarmee een slimme zet te hebben gedaan, slaan ze de plank mis. Het is een wanhopige zet, die duidelijk maakt hoezeer zij de controle over de situatie hebben verloren.

France Telecom (FT) en Orange waren het zat door de markt gestraft te worden voor hun betrekkingen met Mobilcom. Hun bezorgdheid kan alleen nog maar groter zijn geworden door de weigering van de oprichter van Mobilcom, Gerhard Schmid, om zijn plannen met UMTS in overeenstemming te brengen met een bedrijfsmodel dat zij konden financieren. Sinds januari heeft Schmid aangestuurd op een ruzie die hem in staat zou stellen zijn belang in de onderneming aan Orange aan te bieden. Daardoor werd slechts het potentiële belangenconflict benadrukt tussen FT, dat 85 procent van de aandelen van Orange bezit en er waarschijnlijk mee zou kunnen leven als Mobilcom aan zijn grote schuldenlast zou worden toegevoegd, en Orange's minderheidsaandeelhouders, die zeker niet opgescheept willen worden met een mogelijke schuld van 10 miljard euro of meer.

FT en Orange hebben daarom op de vernietigingsknop gedrukt. Ze zijn begonnen met het ter discussie stellen van de integriteit van Schmid. Op de vergadering van de raad van commissarissen van afgelopen woensdag hebben de Franse vertegenwoordigers een onderzoek geëist naar de aankoop van Mobilcom-aandelen vorig jaar door zijn vrouw. Zelfs als de uitleg van Schmid klopt, dat zij slechts aandelen die bestemd waren voor een promotiecampagne heeft ondergebracht in haar privé-bedrijf, dan nog is dat geen reden voor haar gebruik van Mobilcoms geld.

Maar de belangrijkste zet van FT en Orange is een verklaring dat zij met Schmid fundamenteel van mening verschillen over de betekenis van de overeenkomst met Mobilcom. Van nu af aan zullen alle betrekkingen tussen de drie ondernemingen in de rechtszaal worden geregeld. De risico's die France Telecom en Orange in verband met Mobilcom lopen, zijn als door een wonder opgeschort. En hoewel Schmid een aantal juridische argumenten in handen heeft dat zijn interpretatie van de overeenkomst staaft, zal een Mobilcom dat het zonder de financiële steun van FT moet stellen, allang failliet zijn gegaan voordat een Duitse handelsrechtbank uitspraak doet in deze zaak.

Wat hopen FT en Orange dus met hun dramatische zetten te bereiken? Hun voornaamste wens is aan te tonen dat ze hun risico definitief hebben beperkt. Eén mogelijkheid daarna is dat Schmid, onder de druk van de nieuwe omstandigheden, zonder verder gemekker de lezing van FT en Orange aanvaardt, maar dat lijkt niet waarschijnlijk. Een aanvaardbare uitkomst is dat Orange Mobilcom – met een beurswaarde van wellicht 300 tot 400 miljoen euro – koopt, terwijl FT een afgeslankt bedrijfsplan voor het Duitse bedrijf financiert. De beste optie is misschien dat Mobilcom door het uitstel failliet gaat en dat de Fransen een nieuwe relatie opbouwen met een geherstructureerd bedrijf onder een nieuw management.

Aandeelhouders van FT en Orange moeten nu nog krachtiger eisen de tekst van de overeenkomst in te kunnen zien, zodat zij hun eigen oordeel kunnen vormen over de Frans-Duitse ruzie in de bestuurskamer van Mobilcom. Maar het lijkt erop dat topman Michel Bon van FT en zijn team opnieuw een slechte overeenkomst met een slecht gekozen partner hebben gesloten.

Onder redactie van Hugo Dixon. Voor meer commentaar: zie www.breakingviews.com. Vertaling Menno Grootveld