TNO: afvalslakken verwijderen

Afvalslakken die worden gebruikt voor de aanleg van de hogesnelheidslijn tussen Amsterdam en Antwerpen, liggen ter hoogte van de buurtschap De Rith bij Breda te dicht op het grondwater. Om die reden moeten de afvalslakken worden verwijderd. Dat stelt TNO in een rapport in opdracht van de gemeente Breda en de bouwers van de hogesnelheidslijn.

TNO bevestigt hiermee de vermoedens die Breda eind vorig jaar had, na eerdere onderzoeken en waarschuwingen van het Hoogheemraadschap West-Brabant. Breda en TNO zouden graag zien dat het talud bij de Rith wordt afgegraven om een nieuwe onderlaag van 60 centimeter zand te leggen. TNO ziet dat als de enige mogelijkheid. Toch is in overleg met het projectbureau HSL-Zuid/A16 besloten dat het bureau nog een week de tijd krijgt om met alternatieven te komen.

In het rapport waarschuwt TNO dat door de geringe afstand tussen de bodem van de slakkenbergen en het grondwater – op enkele plaatsen enkele centimeters – zware metalen via hemelwater kunnen uitspoelen naar het grondwater en daardoor het milieu ernstig kunnen vervuilen. Het gaat om een strook afvalslakken van 60 meter breed en 160 meter lang.

TNO stelt dat er met de meeste gestorte bodemslakken, ongeveer 800.000 ton, sprake is van een veilige situatie. Ook voor de nog te storten 500.000 ton beoordeelt TNO de situatie als veilig. ,,Om elk risico uit te sluiten' brengen de bouwers van de hogesnelheidslijn, die ook rijksweg A16 verbreden en verleggen, op het aan te leggen deel een extra laag van 20 centimeter zand aan.

Grondwater kan worden vervuild als hemelwater door de slakkenbergen naar de bodem doorsijpelt. Om die reden zijn de bouwers verplicht de bergen af te dichten. Eerder constateerde de Inspectie Milieuhygiëne dat deze afdichting niet deugt.