Enron had eigen `Potemkin-dorp'

`Potemkin Village' werd het genoemd bij Enron, naar de spookdorpen die de Russische generaal Potemkin opzette om indruk te maken op Catharina de Grote. Een dealingroom met grote beeldschermen, computers, telefoons. En bemand met handelaren, dat wil zeggen met personeelsleden van Enron die deden alsof ze handelden en telefoneerden om een order te geven of een order te ontvangen. Alles was in scène gezet om analisten voor de gek te houden.

Het gebeurde in 1998. Enron hield zijn jaarlijkse analistenbijeenkomst. De lieveling van Wall Street wilde met een nieuw waagstuk, Enron Energy Services geheten, de liefde van analisten beantwoorden. Er kleefde één probleem aan het nieuwe project. De dealingroom was niet op tijd klaar. Geen nood. Dan doen we maar alsof, zo werd besloten. Topman Kenneth Lay en diens rechterhand Jeffrey Skilling leidden persoonlijk de generale repetitie, een dag voordat de schijnvertoning voor de analistenbijeenkomst begon. Personeel werd door hen geïnstrueerd. ,,Iedereen werd wel een beetje door hen gecoacht'', zegt Joseph Phelam, toen senior director bij Enron.

Hij vergelijkt het voorval met de `auto van de toekomst' die Preston Tucker in de jaren veertig van de vorige eeuw bouwde. Een visionair model. Tucker maakte 51 prototypes, die alle één ding gemeen hadden: er zat geen motor in. Een auto verkocht zijn bedrijf nooit.

Bij Enron rechtvaardigden de personeelsleden de schijnvertoning als een manier om tijd te winnen. Later in het jaar 1998 begon de dealingroom echt te functioneren.