Albert Bonnema geeft Lohengrin een betere uitstraling

Twee keer zingt de tenor Albert Bonnema bij de Nederlandse Opera de titelrol in Wagners Lohengrin naast Charlotte Margiono als Elsa. Het is de eerste Nederlandse bezetting van de twee hoofdrollen in Lohengrin sinds 1969, toen Jacob Roden en Mizzi van der Lanz optraden bij Opera Forum. Jules Moes en Annie Ligthart zongen Lohengrin in 1924 nog in het Nederlands en het werk werd vroeger in ons land ook wel in het Frans en het Italiaans gezongen. Nu gaat Lohengrin weer keurig in het Duits. Ook Wolfgang Wagner, de kleinzoon van de componist, hoorde dat, toen hij in het Amsterdamse Muziektheater de voorstelling van regisseur Pierre Audi en ontwerper Iannis Kounellis bezocht.

Albert Bonnema profileert zich als een echte Wagnertenor. In 1995 maakte hij in Amsterdam indruk met zijn vertolking van Walther von Stolzing in Wagners Die Meistersinger von Nürnberg. Bonnema zong de titelrol van Lohengrin eerder in Tokio en de rol van Siegfried in Götterdämmerung in Stuttgart. Begin maart zingt hij twee maal de rol van Siegmund in een concertante uitvoering van de eerste acte van Die Walküre door het Gelders Orkest o.l.v. Lawrence Renes.

Bonnema is overigens niet de enige Nederlandse Wagnertenor van belang: Hubert Delamboye zong in 1999 Tristan bij de Nationale Reisopera, eveneens o.l.v. Lawrence Renes. Hij was daarmee de eerste Nederlandse Tristan sinds Jacques Urlus (1867-1935). Rond de vorige eeuwwende was het hoogtij van de Nederlandse Wagnerzangcultuur. Urlus was de beste Tristan van zijn tijd en zong van Bayreuth tot New York. Dat laatste gold ook voor tijdgenoot Anton van Rooy (1870-1932), die Wotan, Hans Sachs en de Hollander in Bayreuth zong. De bariton Van Rooy werd beschouwd als de ideale Wotanvertolker.

Bonnema vervangt in Amsterdam als Lohengrin twee keer John Treleavan, die tot nu toe nogal wisselvallig en met soms moeizame intonaties zong. Af en toe spaart Treleavan zich in de eerste twee actes om in de derde een fraaie Gralserzählung te zingen. Ook Bonnema heeft soms wat moeite, maar zijn Lohengrin heeft als geheel een betere uitstraling. Hij oogt jonger, actiever en zorgzamer voor Elsa, hij toont zich zelfbewuster en meer een echte held.

Zingen doet Bonnema ook wat steviger en mannelijker, zijn krachtigste noten klinken als klaroengeschal. Opmerkelijk was gisteren zijn plotselinge timbrewisseling aan het begin van de Gralserzählung, in nogal hoog tempo gezongen. Daar schakelde hij om naar een zachter, glanzender en verhevener register: hèt bewijs van zijn hoge afkomst als graalridder.

Voorstelling: Lohengrin door de Nederlandse Opera. Gezien: 19/2 Muziektheater Amsterdam. Herh.: 26/2. Bonnema bij Het Gelders Orkest: 2/3 De Vereeniging Nijmegen; 3/3 Musis Sacrum Arnhem.