Positie OM verzwakt na vijf dagen `Puttense moordzaak'

De positie van het openbaar ministerie lijkt er na vijf dagen verhoren over de Puttense moordzaak niet steviger op geworden. Een tussenbalans.

Vijf dagen waarin ruim 30 getuigen en deskundigen door het Leeuwarder hof zijn gehoord in de Puttense moordzaak lijken de positie van het openbaar ministerie niet te hebben versterkt. Want wat heeft het OM nog over als bewijsmateriaal tegen de twee verdachten Wilco Viets en Herman Du Bois, die in 1995 door het gerechtshof in Arnhem tot tien jaar gevangenisstraf werden veroordeeld wegens verkrachting van en moord op Christel Ambrosius?

Kroongetuige Willem Betten, die voor het hof in Arnhem nog verklaarde dat hij ooggetuige was van de verkrachting en de moord, omdat hij Viets en Du Bois door een raam van de woning met Ambrosius had gezien, trok zijn verklaring in. Hij wordt vervolgd wegens meineed. De zogeheten sleeptheorie, die overigens geen deel uitmaakte van het bewijsmateriaal, is door de Nijmeegse gynaecoloog T. Eskes ingetrokken. Het sperma op het been van Ambrosius bleek niet afkomstig van Viets of Du Bois, wees DNA-onderzoek uit. Eskes zei eerder dat het mogelijk was dat het sperma van een eerdere, vrijwillige vrijpartij van Ambrosius met een onbekende, door de verkrachter naar buiten kon zijn gesleept. Later trok hij deze theorie weer in.

Ook de analyse van drie onafhankelijke rechercheurs, die het dossier doorspitten in opdracht van het OM, stuitte gisteren op twijfels van het hof. Er was een tijdschema gemaakt naar aanleiding van diverse verklaringen, waarbij de leden van het hof veel kritische vragen hadden. Raadsheer H.M. Poelman merkte op dat er ,,niet zoveel mensen zijn'' die die bewuste zondagmiddag de groene Mercedes van Gerrit Schuchard, waarin Du Bois, Viets en Bettink zouden hebben gezeten, hadden gezien. Poelman haalde de verklaring aan van een getuige die de Mercedes van Schuchard wel kende. ,,Die zegt: `Ik denk wel dat ik hem heb gezien, áls het 9 januari was.' Ik lees steeds: als, dan.'' Misdaadverslaggever Peter R. de Vries betitelde het opgestelde tijdschema als ,,tamelijk onthutsend.'' ,,Het heeft contraproductief voor het OM gewerkt. Er zijn zoveel verklaringen afgelegd dat er geen touw aan vast te knopen is.'' Hij is van oordeel dat de advocaat-generaal niets anders kan dan vrijspraak eisen. Een van de weinige delen bewijsmateraal die voor het OM resteren zijn de twee soms gedetailleerde bekentenissen van Du Bois en Viets bij de politie. Toch blijft het opmerkelijk dat er vrijwel geen sporen zijn aangetroffen in het boshuisje waar Ambrosius werd vermoord. Het sperma was van Du Bois noch Viets. Wel werd op Du Bois' broek een vezel aangetroffen die afkomstig kan zijn van het kleedje in huis. Dan is er het mes, gevonden op aanwijzing van Schuchard, een stiletto. Ambrosius werd gewurgd en doodgestoken, zo wees sectie uit. Volgens de patholoog-anatoom Visser kan het mes het moordwapen zijn geweest.

Advocaat G.J. Knoops zette vraagtekens bij het onderzoek. Waarom is de Spanjaard die de avond voor de moord met Ambrosius en een vriendin was uitgeweest, niet gehoord? Hij stapte zondagavond zeven uur op de trein van Putten naar Amsterdam en zou nu in Portugal verblijven. Aan de Portugese justitie is een rechtshulpverzoek ingediend om de man op te sporen als getuige. Hoe kan het dat een blauwe ceintuur die in de bomen bij het huisje hing, niet is onderzocht?

Een ander opmerkelijk detail dat volgens Knoops onopgemerkt is gebleven tijdens het onderzoek: Du Bois had ten tijde van de moord ernstige rugklachten, liep met krukken of een stok. Zijn vrouw moest zijn schoenveters strikken en hij kon niet bukken, zo blijkt uit medische dossiers. Niemand heeft de verdachten bij het huisje gezien, noch de groene Mercedes. Het wachten is nu op de uitkomst van de onderzoeken naar het bloed in het slipje van het slachtoffer, de haren die op het lichaam zijn aangetroffen en een melktandje. Ook wordt onderzoek gedaan naar aanrakingssporen op de kleding van Christel Ambrosius en naar het mes. Op 8 april wordt de zitting voortgezet.

In april worden vijf nieuwe getuigen gehoord, onder wie een vriendin van het slachtoffer, een rechercheur, een medicus die een toelichting geeft op de indroging van sperma, en het hoofd van het Nederlands Forensisch Instituut.