Hannawald op valreep alsnog in bezit goud

Na twee mislukte pogingen heeft skispringer Sven Hannawald alsnog een gouden olympische medaille gewonnen. De grote favoriet in Salt Lake City eindigde gisteren, bij de landenwedstrijd vanaf de 120-meterschans, met Duitsland op de eerste plaats. Het team van Hannawald had een zeer geringe voorsprong (0,1 punt) op Finland. Slovenië won het brons.

Nooit eerder was het verschil tussen zilver en goud bij het olympisch skispringen zo klein. Omgerekend bedroeg de marge slechts 5,55 centimeter.

Hannawald won begin vorige maand op superieure wijze de Vierschansentoernee, de jaarlijkse wedstrijdreeks die langs vier Europese schansen voert. Maar in Salt Lake City moest de beoogde gouddelver vorige week tot twee keer verrassend voorrang verlenen aan de Zwitserse sensatie Simon Ammann, die zowel op de grote (120 meter) als op de `normale' schans (90 meter) zegevierde. Bij het landentoernooi kreeg, zoals verwacht, de kersverse tweevoudige olympische kampioen evenwel weinig steun. Ammann moest uiteindelijk genoegen nemen met de zevende plaats.

Martin Schmitt was gisteren de gevierde man in de Duitse ploeg, die naast Hannawald verder bestond uit Stephan Hocke en Michael Uhrmann. Met zijn laatste sprong over 123,5 meter stelde Tiger Schmitt ternauwernood de olympische titel veilig. Het was de eerste gouden medaille voor de Duitse springploeg sinds de triomf van Jens Weissflog en de zijnen, acht jaar geleden in Lillehammer.

,,Ik weet niet of ik zo'n wedstrijd de volgend keer nog overleef'', verzuchtte de Duitse coach Reinhard Hess. ,,Geef mij maar een grote pils'', jubelde Uhrmann. ,,Ik ben extreem opgewonden'', riep Hannawald. ,,Eindelijk heb ik die gouden medaille.''

Hannawald was met zijn afstanden van 123 en 120,5 meter zeker niet de beste springer in de Duitse ploeg. Hij verklaarde na afloop van de zenuwslopende wedstrijd dat hij fysiek en mentaal niet helemaal fris was. ,,Ik ben geen machine. Door een lichte beenblessure kon ik niet honderd procent afzetten. Maar wat maakt het nog uit?''

Het brons ging naar Slovenië. Met dank onder meer aan `een droomsprong' van 133 meter van Robert Kranjec, die daarmee nog even de Duitse droom dreigde te verstoren.