Grondwet

De critici van Fortuyn zouden hem veeleer dankbaar moeten zijn dat hij de Grondwet tot voorwerp van politieke discussie en daarmee van publieke aandacht heeft gemaakt. Niet alleen artikel 1 verdient deze discussie en aandacht, meer nog geldt dat voor de tegenstrijdigheid die verscholen zit in enerzijds artikel 3, anderzijds artikel 24 van onze Grondwet. Het eerste artikel zegt: `Alle Nederlanders zijn op gelijke voet in openbare dienst benoembaar', het tweede: `Het koningschap wordt erfelijk vervuld door de wettige opvolgers van Koning Willem I, Prins van Oranje-Nassau.' Als men vindt dat het koningschap een openbare dienst is, dan lijkt onderlinge aanpassing van beide artikelen onontkoombaar. Na `het huwelijk' en de te verwachten procreatie van het jonge paar, zal wel niemand het wagen schrapping van artikel 24 voor te stellen. Dan rest slechts het schrappen, of tenminste relativeren van artikel 3.