Erotisch goud

Het bloed schreeuwt om gerechtigheid, maar het hoofd weet wel beter en schudt al nee: dit zal niet lukken, pink alvast maar een traantje weg. Natuurlijk staat er voorlopig een fabelachtig wereldrecord op het scorebord bij de 1.000 meter, maar die 1.07,18 is er alleen maar om de naderende nederlaag nog pijnlijker te maken. Ergens in al die benen die nog richting de start moeten glijden, zal nog wel een drietal gloednieuwe records opgeborgen zitten. Het ijs is supersnel en zo ook het tempo waarmee desillusies zich in een mensenleven kunnen opstapelen.

Nee, het zal heus niet lukken. Niet omdat Gerard van Velde een geboren verliezer zou zijn. Het lood van de vierde plaatsen is er om ooit in blinkend goud te veranderen. De sportgeschiedenis staat bol van wederopstandingen, chemotherapie en sprookjes die de toeschouwer zijn opium verschaffen. Maar dit soort fabeltjes zijn niet aan naïevelingen besteden.

En Gerard van Velde is een onnozele goedzak, die nog niet gemerkt heeft dat hij in een oceaan vol haaien rondzwemt. Waarom moest hij in godsnaam bij de openingsceremonie achter die vlag aanlopen? Weet hij soms niet wat de draagster ervan een paar dagen later overkwam? Van Velde ging op vrijdag 8 februari naar de olympische grote mis als een verwonderde dienaar, die nog niet beseft dat God dood is. Hartstikke doodverklaard door flitsende heidenen met long drinks in de hand, vette sponsorcontracten in de zak en voeten op het altaar. Het egocentrische wereldje van de Nederlandse schaatsers stond er in de lounge warmpjes bij die vrijdag, grijnzend van leedvermaak, terwijl Gerard als enige van hen de kou trotseerde. Dan weet je het: zo iemand is op deze wrede wereld geboren om nutteloze rituelen bij te wonen en vierde plaatsen te bemachtigen.

Er zijn nog maar een paar races te gaan en plots begin ik te twijfelen. De man die op het middenterrein met ontbloot bovenlijf en stromend haar staat te ijsberen, begint verdacht veel op een Messias te lijken die zijn houten kruis wil ontlopen. Ik zit gefascineerd naar zijn krachtige schoonheid te kijken, naar zijn mythologische gedaante, en hoor achter me de ademhaling van mijn partner steeds rauwer worden. Ik draai me om en mijn blik ontmoet haar waterige ogen en gekrulde bovenlip: ze is al bezig vreemd te gaan. En dan besef ik dat er op hetzelfde moment in het hele land tienduizenden vrouwen moeten zijn die allemaal tegelijk een onstuimige romance met Gerard beginnen. De kikker wordt een prins, de sukkelende misdienaar een jonge god. Onderschat nooit de kracht van de liefde. De vrouwenadem die uit duizenden monden op dat moment ontsnapt, vormt een energiebron zonder weerga. Een hete wind die zich duizenden kilometers verderop transporteert, een hal binnendringt en onder de ijzers van Gerards concurrenten het ijs in pap verandert.

Ik besef het nu: dit wordt goud, erotisch goud.

Wat kunnen de vlezige lippen van Wotherspoon of de stoppels van Wennemars nog verrichten tegen een Adonis met duizenden minnaressen om zijn halfnaakte lijf? De laatste twee eunuchen draaien een laatste potentieloos rondje aan de periferie van de geschiedenis, terwijl het middenveld is omgetoverd in een losbandige harem. Gerard van Velde spant zijn opgezwollen spieren en steekt zijn gestrekte rechterarm door de hete lucht. Zijn vinger penetreert het vrouwelijke collectieve bewustzijn. Hij streelt en temt het lot dat hem op een orgastische ovatie trakteert. Dit is beter dan alle tango's, alle adios nonino's, van deze planeet.

Natuurlijk is er maar één uitverkorene. Paulien vliegt, Paulien zweeft naar haar held en vriend. Even voel ik een golf van zachtaardige afgunst tegen de binnenwanden van de hal schuren. Maar ook in vrouwelijke jaloezie ligt een krachtbron opgeslagen die in staat is negatieve energie in positieve vereenzelviging te muteren. Dat moet ook Paulien weten. Ze moeten het geweten hebben, toen ze in de armen van haar gouden Gerard viel. Dat ze hem met duizend monden kuste en met duizend armen omhelsde.