WIERINGERMEER

De Wieringermeer viel in 1930 droog als eerste van de vijf aan te leggen polders. Het eiland Wieringen kwam door de inpoldering aan het vaste land van Noord-Holland te liggen. Het eerste dorp dat gebouwd werd was Sluis, later omgedoopt tot Slootdorp. De eerste bewoners vestigden zich er in 1932. De Wieringermeerpolder bestaat grotendeels uit agrarische grond. Het gebied heeft een oppervlakte van 30.937 hectare, waarvan 10.270 hectare IJsselmeerwater. De gemeente Wieringermeer die de hele polder beslaat, telt zo'n 12.000 inwoners en bestaat uit vier dorpen: Kreileroord, Middenmeer, Slootdorp en Wieringerwerf. In 1941 werd Wieringermeer een zelfstandige gemeente in de provincie Noord-Holland. Het gemeentehuis staat in Wieringermeer, het CDA is de grootste partij in de gemeenteraad. De polder is feitelijk twee keer drooggemaakt. Op 17 april 1945, vlak voor de bevrijding, lieten de Duitsers de polderdijk op twee plekken exploderen. Miljoenen liters water stroomden de polder binnen en verwoestten infrastructuur, nog jonge bebouwing en landbouwgrond. Al in 1946 haalden de boeren de eerste oogst weer binnen.

In de jaren zeventig vonden veel mensen werk bij Hoogovens in IJmuiden of op de marinebasis in Den Helder. In de dorpen zelf is weinig werk, maar de aanzienlijke uitbreiding van het regionaal bedrijventerrein Robbenplaat, bedoeld voor lichte industrie, moet daar verandering in brengen.