Underdogs?

De eerste week van de Olympische Winterspelen in Salt Lake City werd gekenmerkt door verrassende winnaars. Waarom zegevieren vooral de underdogs?

Annie Borckink, won goud op de Spelen van 1980: ,,Toppers zijn ook maar gewone mensen. Niet iedereen kan tegen de druk van het moeten winnen. Om een goede prestatie te behalen moet je iets extra's brengen. Op WK's stond ik nooit op een erepodium, dus schaarden de kenners in Lake Placid mij ook niet bij het rijtje medaillekandidaten. Mijn grootste concurrente was Ria Visser. Zij werd door de pers bijkans naar het goud toegeschreven. Dat motiveerde me enorm, ik wilde absoluut laten zien dat ik ook hard kon schaatsen. Ik reed onbevangen en had, in tegenstelling tot sommige concurrentes, helemaal geen hekel aan de sneeuw die af en toe viel. Toen ik in de gaten kreeg dat de acht toppers waar de media het altijd over hadden, niet enorm veel beter bleken te zijn, wist ik dat de kans op eremetaal aanwezig was.''

Kees Verkerk, won onder andere zilver op de Spelen in 1964 en goud in 1968: ,,De klimatologische omstandigheden zijn er de oorzaak van dat veel favorieten falen. De hoogte van de baan en de relatief warme temperaturen gooien roet in het eten. Een aantal schaatsers heeft ook problemen met het materiaal. Het is geen prettig gevoel als je schaatsen blijken te knellen. De vorm van de dag is evenmin bij iedereen aanwezig. Al die zaken kunnen een kampioen maken of breken. Mysterieuze krachten in de sport zijn er altijd geweest. Ik trainde vier jaar lang met Rudi Liebrechts. Hij moest en zou kampioen worden op de 1.500 meter. Dat lukte hem niet in Innsbruck, terwijl ik redelijk onverwacht tweede werd.''

Hardy Menkehorst, sportpsycholoog: ,,Favorieten vinden dat ze moeten winnen, omdat ze het hele jaar al prima gepresteerd hebben. Ze vergeten het hele proces dat hieraan vooraf gaat. In de aanloop naar een groot toernooi moet een topsporter geconcentreerd blijven, anders kan hij snel in een neerwaartse spiraal terechtkomen. Er zijn geen trucs om de concentratie vast te houden. Wel is het mogelijk om via bepaalde methoden te leren om geconcentreerd te blijven. Maar dat gaat allemaal betrekkelijk langzaam. Niemand let op een underdog, terwijl een favoriet geleefd wordt. Het zou niet moeten kunnen, dat je carrière in de versukkeling raakt, als je als favoriet faalt. Een echte topsporter stapt snel over teleurstellingen heen, want de volgende wedstrijd komt er al weer aan.''

Atje Keulen-Deelstra, meervoudig wereldkampioene, greep in 1972 naast het goud in Sapporo: ,,Op tweehonderdste van een seconde werd ik bij de Spelen tweede op de duizend meter. In eerste instantie was ik blij met die zilveren plak, maar na afloop van de Spelen vond ik toch dat er meer had ingezeten. Toch vond ik niet dat ik gefaald had, want als je een medaille haalt op de Spelen mag je best trots zijn. Veel zaken kunnen je prestatie tijdens zo'n groot evenement beïnvloeden. Het klimaat was destijds een van de factoren die ik niet in de hand had. We reden op een buitenbaan en ik had last van de weersomstandigheden. Wat me opvalt in de huidige schaatswereld is, dat de atleten bijna de hele dag met hun sport bezig zijn. Ik had mijn gezin nog als afleiding en schaatste vrij onbevangen. Als topschaatsers te veel denken aan het presteren, kunnen ze weleens onder de druk bezwijken.''

Piet Kleine, won goud en zilver op de Spelen in 1976 en zilver in 1980: ,,De meeste Nederlandse schaatsers hadden in 1976 een belabberd voorseizoen achter de rug. Niemand van ons werd getipt als medaillewinnaar. In de aanloop naar de Spelen begon ik mezelf steeds beter te voelen en had ik de hoop op medailles allerminst opgegeven. Prettig was dat ik me per dag op één afstand kon richten. Ik zie nu, bij de Spelen in Salt Lake City, aan de Duitse Anni Friesinger dat ze moeite heeft met haar favorietenrol. Vreemd, want het hele jaar stak ze met kop en schouders boven haar concurrentes uit. Ze schijnt ook niet goed overweg te kunnen met haar schaatsen. Vaak zie je op grote toernooien dat de underdogs onbevangen te werk gaan, terwijl de favorieten last hebben van de spanning.''