Partijen laten zich niet door Fortuyn opjagen

Nu Fortuyn, althans tijdelijk, is uitgeschakeld, bepalen de gevestigde partijen weer de agenda. Zij hebben geleerd.

De stofwolken rond Pim Fortuyn zijn nog niet opgetrokken, of reeds hernemen de gevestigde politieke partijen hun rechten, en bepalen zelf weer de politieke agenda van Nederland - getuige het vandaag opvlammend conflict tussen PvdA en VVD over de WAO.

En meteen blijkt dat hun hooghartig zwijgen van de afgelopen weken, terwijl Leefbaar Nederland een zegetocht door de peilingen maakte, slechts een deel van de waarheid vormde. Van links tot rechts worden uit het succes van Fortuyn, zelfbenoemd doodgraver van de gevestigde politiek, conclusies getrokken, en worden strategieën bijgesteld. De regeringspartijen PvdA en VVD willen de kiezer er nadrukkelijk op wijzen dat er in acht jaar Paars veel goeds is verricht, en dat een `frustratiestem' op LN of Fortuyn voor de toekomst weinig uitzicht op constructief regeren opent.

De PvdA, die van Fortuyn in de peilingen het minst te lijden had, blijft het koelst. ,,Ik voel er niks voor, om mee te surfen op ongedefinieerde onvrede'', zei PvdA-lijsttrekker Melkert deze week op een perslunch. Omdat écht belangrijke kwesties van werk en inkomen (,,bread and butter issues'') bij Paars in goede handen waren, hoeft de populariteit van wat PvdA-premier Kok gisteravond omschreef als ,,wildemannen'' niet te worden gezien als een votum van wantrouwen. Opiniepeilingen geven bovendien een historisch hoge tevredenheidsscore voor het zittende kabinet te zien: vijftig procent.

De populariteit van Fortuyn en Leefbaar Nederland is – in PvdA-ogen – een reactie op een snelveranderende samenleving, waar grote – relatief nieuwe – zorgen bestaan over vraagstukken als integratie. Daarover spreekt Melkert dezer dagen dan ook met voor de PvdA nieuwe vrijmoedigheid.

De VVD kan erop bogen als eerste van de grote partijen kwesties als integratie en asielbeleid in de Nederlandse politiek aan de orde te hebben gesteld. Toen VVD-leider Bolkestein dat in 1991 voor het eerst deed, werd hij prompt, ook van PvdA-zijde, getroffen door het verwijt, met extreemrechts gedachtengoed te flirten. Wat integratie betreft, is het taboe wat verdwenen, maar asielbeleid is nog steeds een onderwerp waarmee men voorzichtig moet omgaan, weten VVD-campagnestrategen.

De partij kan en wil zich niet begeven in radicale uitspraken als die waarmee Fortuyn de aandacht op zich vestigde. VVD-leider Dijkstal heeft vorig weekeinde Fortuyn om zijn ophitsend geachte benadering zelfs in de ban gedaan als mogelijke coalitiepartner. De VVD hoopt nu dat ook kiezers die misschien een radicale benadering van het vreemdelingenbeleid voorstaan, zullen inzien dat een stem voor Leefbaar Nederland een verzwakking van de VVD inhoudt. En daarmee een coalitie PvdA-CDA-GroenLinks waarschijnlijk maakt, waarvan naar VVD-inzicht weinig oplossingen op dit punt verwacht kunnen worden.

PvdA en VVD zien zich in hun analyse, dat de kiezers niet massaal de twee grote paarse partijen de rug toe keren, gestijfd door het feit dat tot nu toe slechts het extra-parlementaire Leefbaar Nederland in de peilingen groeit, en niet het CDA en de andere gevestigde oppositiepartijen. Bij het CDA heeft men de hoop echter niet opgegeven, dat dit alsnog het geval zal zijn.

Men hanteert er de zogenaamde ,,theorie van de drenkeling'': de kiezers die nu, al zwevend, in zo grote getale hun vertrouwde VVD of PvdA de rug hebben toegekeerd zullen er, op de dag van de verkiezingen, van afzien hun stem definitief aan een `riskante' onderneming als Leefbaar Nederland of een Lijst-Fortuyn te geven. Maar dat die zwevende kiezers terug zullen keren naar het zinkende schip dat zij verlaten hebben, acht men bij het CDA zeer onwaarschijnlijk.