Fout beleggingsadvies? De schandpaal dreigt

Zeker in het huidige beursklimaat zijn beleggingsadviseurs en analisten mikpunt van kritiek. De Klachtencommissie DSI wil via internet het kaf van het koren scheiden.

Wie twijfelt aan de adviezen van zijn beleggingsadviseur moet maar eens op het internet kijken. Diegene die in de effectenbranche een scheve schaats heeft gereden, loopt sinds begin dit jaar namelijk het risico om aan een virtuele schandpaal te worden genageld.

De oogst van toezichthouder DSI (Dutch Securities Institute) is met één slachtoffer nog mager, maar het begin is er. Wie van de 7.000 geregistreerde `effectenspecialisten' de ongelukkige is, valt door de systematiek van de website (www.stichting-dsi.nl) niet zomaar te zeggen. De belegger dient de naam van zijn al of niet favoriete adviseur of analist in te tikken en dan zal pas blijken of hij volgens DSI door de beugel kan.

,,Het is geen echte schandpaal, maar we proberen op deze manier toch voor transparantie te zorgen'', aldus vice-voorzitter W. van Schendel van de Klachtencommisie DSI, tijdens de presentatie van het jaarverslag (1998-2000) gisteren. Vorig jaar kreeg deze jurist, tevens vice-voorzitter van de Hoge Raad, samen met zijn collega's 381 klachten binnen van beleggers. Dat aantal is nauwelijks hoger dan in 2000, ondanks de grote populariteit van beleggen en de omslag in het beursklimaat. Volgens Van Schendel ligt die marginale stijging niet aan de onbekendheid van DSI. ,,Ik heb de indruk dat elke bank wel aangeeft dat een ontevreden klant zich bij de Klachtencommissie kan wenden. Ik weet eerlijk gezegd niet waarom het aantal klachten zich stabiliseert.''

Slechts eenderde van de klagers, waarbij de grote banken meestal het mikpunt van kritiek zijn, krijgt gelijk. Van Schendel vindt de stelling onjuist – zoals sommige advocaten beweren – dat de Klachtencommissie het teveel opneemt voor de financiële sector. ,,Net als bij de gebruikelijke juridische procedures bekijken ook bij DSI rechters naar de klacht.'' Dat slechts eenderde van de klagers gelijk krijgt heeft volgens hem te maken met de onmogelijke eisen die soms worden gesteld. ,,Wij kunnen bijvoorbeeld geen smartengeld toekennen. Verder blijkt tijdens een zitting een gebrek aan communicatie vaak het grootste probleem: soms wordt het ter plekke opgelost, zonder dat een klacht volledig wordt gehonoreerd.'' Volgens Van Schendel is het onduidelijk of beleggers tegenwoordig eerder naar de gewone rechter stappen. ,,Ik beschik niet over cijfers die dat beeld bevestigen of tegenspreken.''

Tot 1999 werden klachten van beleggers behandeld door de Klachtencommissie Beursbedrijf, opgezet door de toenmalige optie- en aandelenbeurs. Inmiddels staat de commissie los van de beurs, hoewel Euronext nog wel voor de helft van de financiering van DSI zorgt. De andere helft van het budget (circa 1,5 miljoen euro) is afkomstig van de geregistreerde leden (banken, effectenbedrijven). Verzekeringstussenpersonen, die ook geregeld beleggingsproducten verkopen, zijn tot onvrede van DSI niet geregistreerd.

Bij de wel geregistreerde instellingen moet een belegger in elk geval aandringen op een beleggingsprofiel, zo luidt Van Schendels advies. Is de belegging bijvoorbeeld bestemd voor een pensioen, of kan er risicovoller worden belegd. ,,Zo'n profiel is de basis voor advieswerk en aan de hand hiervan kan iedereen zien of bijvoorbeeld de adviseur zich aan de spelregels heeft gehouden.'' Volgens Van Schendel hecht de Klachtencommissie een steeds grotere waarde aan de zorgplicht van de banken. Waarschuwingen voor risico's moeten tegenwoordig bijvoorbeeld schriftelijk. ,,Maar aan de andere kant heeft een belegger een eigen verantwoordelijkheid: je kan niet na een jaar pas gaan klagen, wanneer dan blijkt dat een transactie negatief is uitgepakt.''