Een staat waar `regering' verdacht klinkt

President Bush kondigde donderdag zijn alternatief voor `Kyoto' aan (voor beperking van de uitstoot van schadelijke gassen). In Texas, waar hij van 1994 to 2000 gouverneur was, zijn Bush' meeste plannen al beproefd.

De hoofdstad van Texas is een prettige universiteitsstad, die de laatste jaren sterk is gegroeid door de komst van een high tech-industrie en door alle lobby-activiteiten rondom de regering van de staat. In Austin ontbreken de vuil rokende schoorstenen van het gebied rond olie-hoofdstad Houston. Maar de milieu-politiek wordt er wel bepaald.

In een van die boomrijke lanen dichtbij de campus en de Texaanse kopie van het Capitool huist de kleine denktank en actiegroep van Tom 'Smitty' Smith. Hij is directeur voor Texas van de door Ralph Nader dertig jaar geleden opgerichte Public Citizen-organisatie. Smith noemt het antwoord van president Bush op het door hem vorig jaar verworpen anti-broeikasverdrag van Kyoto ,,een truc''.

President Bush lanceerde donderdag een `clear skies initiative' en een plan voor vrijwillige beperking van de `broeikasgas-intensiteit'. Over de betekenis van dat laatste begrip zei de president weinig concreets, behalve dat alleen een gezonde economie de kosten voor schone technologie kan dragen.

Smith: ,,Hij tracht de reductie te koppelen aan de economische groei. Dat betekent een lichte reductie bij een stagnerende economie. Maar de geschiedenis leert dat er over tien jaar bekeken altijd groei is. Het is dus een slimme manier om te zeggen dat de uitstoot mag blijven groeien. De president leunt zwaar op vrijwillige reductie. Daar hebben we in Texas ervaring mee. Dat is goeddeels mislukt.''

Toen hij in 2000 campagne voerde voor het presidentschap, verwees George W. Bush vaak naar zijn successen met een beleid in nauwe samenwerking met het bedrijfsleven. Ook op milieugebied. Desondanks leerden de peilingen hem dat de meeste Amerikanen op dat gebied zijn Democratische tegenvoeter Al Gore meer vertrouwden.

Het was aanleiding voor Bush om kort voor de verkiezingen te beloven dat hij de vervuilende uitstoot van elektriciteitscentrales aan banden zou leggen. Toen hij als president in mei 2001 het door vice-president Cheney voorbereide Energieplan presenteerde, nam hij die belofte terug. Hij nam een aanloop naar het vrijwillige reductieplan dat hij donderdag aankondigde – niet als zelfstandig programma maar als onderdeel van zijn algemeen economisch beleid.

Voor het bedrijfsleven in Texas was het op vrijwillige basis gestoelde milieubeleid van gouverneur Bush juist een trekpleister. Dat vertellen ondernemers, die overigens een grote schroom aan de dag leggen om met hun naam in de krant te komen. Alan Bernstein, ervaren verslaggever van de Houston Chronicle, weet uit jarenlange ervaring in Texas dat betrokkenen spreken van `een paradijs voor de zakenman'. ,,Dit was een land van wijde, open vlaktes. Wie bereid was de natuur en de indianen te bestrijden kon onbeperkt zaken doen. Grotendeels zonder inmenging van de overheid.''

De grote olievondsten van de twintigste eeuw trokken de hele economie van de staat omhoog. Voor alles was ruimte. Houston alleen al is twee keer zo groot als New York City (alle vijf `boroughs') en 26 keer zo groot als Manhattan. Wie een idee had ging er achter aan. Niemand vroeg om een bekende naam of oud geld. In die sfeer hield het idee `regering' een verdachte klank. Recente voorstellen om het minimaal gehonoreerde Congres in Austin vaker bij elkaar te laten komen dan 140 dagen per twee jaar, waren kansloos.

Waar de Texaanse geschiedenis zoal toe leidt wordt in steeds weer nieuwe details uitgeplozen door een groep hervormingsgezinde burgers, die onder leiding van Craig McDonald zetelt in een andere villa in Austin. Texans for Public Justice (TPJ) werkt net als Public Citizen met geld (ongeveer een kwart miljoen dollar per jaar) van grote stichtingen. Die zijn overigens vaak genoemd naar grote, vervuilende industriëlen van het begin van de vorige eeuw, zoals Pew en Rockefeller.

In hun studie `The State of the Lone Star State' zijn de TPJ-onderzoekers aan de hand van 150 graadmeters nagegaan hoe milieu, onderwijs, economie, sociale zorg, openbare veiligheid en de democratie er voor staan in Texas. President Bush verwijst in nationaal verband graag naar de meeste van deze punten, als voorbeeld van hoe goed het ging onder zijn `bipartisan' (consensus-bouwende) leiding.

TPJ leidde uit openbare bronnen af dat Texas nationaal kampioen is in de uitstoot van giftige en kankervormende gassen en stoffen. Van alle gevaarlijke afvalstoffen in de VS wordt 46 procent voortgebracht in Texas. De staat stoot twee keer zo veel CO2 uit als nummer twee, Californië. De lijst is lang. De gevaarlijke uitstoot is ruim gesorteerd, qua uitgaven om er iets aan te doen is Texas een middenmoter. De staat is verreweg de grootste energie-gebruiker dankzij veel industrie en intensief autogebruik.

Ook op onderwijsgebied geven de nationale statistieken Texas geen ereplaats. De uitgaven zijn iets boven het gemiddelde. De resultaten zijn in de lagere klassen redelijk goed, maar dat zakt wat af naarmate het eindexamen nadert. De uitgaven voor openbare bibliotheken, het vak van Laura Bush, zijn een derde van koplopers New York en Ohio. Ook gezondheidszorg en sociale diensten geven landelijk een zeer matig beeld te zien.

Craig McDonald denkt dat de verklaring te vinden is in de bronnen van Bush' inspiratie en campagnefinanciering: ,,Hij is wat hij is dankzij het bedrijfsleven. Daar schaamt hij zich ook niet voor. Zijn agenda is bepaald door de belangen van grote bedrijven, tabak, energie, grote aannemers. Dat was eerder zo in het openbaar bestuur, maar via George W. Bush is hun greep ongehoord groot geworden.''

Die kijk op de Texaanse voetsporen van de huidige president wordt bevestigd door Bruce Buchanan, veteraan in de politicologie en kenner van het presidentschap aan de universiteit van Texas in Austin. Zijn afgewogen analyse van de verhouding tussen zakenleven en politiek bereikt zonder stemverheffing een dramatische conclusie: ,,Enron is een schande voor de manier van zakendoen in Texas. De vertegenwoordigende democratie is gekidnapt door financiële speciale belangen. Maar het grote publiek windt zich nauwelijks op. Het wordt er hoogstens nog iets cynischer van.''

Dit is het derde deel van een korte serie over de verstrengeling van politiek en bedrijfsleven in de Verenigde Staten. Eerdere delen verschenen op 12 en 14 februari.