De Zilk - Overveen

Joyce Roodnat wandelt door Nederland en de rest van de wereld. Deze week door de Amsterdamse Waterleidingduinen.

Het idee was in Overveen te beginnen en vandaar naar De Zilk te lopen. Maar het weerbericht meldde zuidwestelijke wind die tot stormachtig kon aanzwellen, dus was het besluit snel genomen om de route in omgekeerde richting te lopen, lekker met de wind in de rug.

De truc is om het beginpunt van de route te vinden. In dit geval moet er een stukje duinpad worden gelopen. Ha! Daar zie ik het eerste roodwitte `vlaggetje', de markering die hoort bij de Lange Afstand Wandelpaden. Mooi zo. Op pad. Alle wolken wijken plotseling uit. Tussen de grijswitte vegen schittert blauw, de koude zon scherpt het beige van het duingras aan tot geel, de kale takken van de duindoorns glanzen. Een harde wind blaast recht in ons gezicht. We zien sporen van reeën, nee, dat zijn beslist geen hondenpoten, dat zijn echt de gespleten hoefjes van de ree, je ziet ze goed in de vochtige grond. En hier dan? Daar ook, daar zal de ree zijn uitgegleden.

Het wandelboekje van het Visserspad voert ons dieper de Amsterdamse Waterleidingduinen in en belooft een bruggetje. Daar moeten we overheen om na 100 meter rechtsaf een `halfverhard pad' in te slaan. Het bruggetje laat op zich wachten, we zijn al dik tien minuten onderweg zonder bruggetje, maar misschien was het zo klein dat we ongemerkt zijn gepasseerd. Ach, wat geeft het, die roodwitte vlaggetjes wijzen de weg en wat zijn die gekreukelde, laag over de grond gegroeide stammen van de eiken en de berken toch mooi in dit snoeiheldere licht. Het waait wel hard, zeg, en bij het weerbericht zeggen ze ook maar wat, die wind staat recht tegen.

Tegenwind?

Koppig lopen we nog vijf minuten door, we wringen ons in bochten om toch iets herkenbaars in de routebeschrijving te vinden. Die belooft bos. Wij staan in een bar open veld, omzoomd door duintoppen. Dan geven we het maar toe: we zijn de verkeerde kant uitgelopen.

Omkeren is ergerlijk, maar het moet. Niet langer leunen we voorover tegen de wind in, de wind duwt ons nu de goede kant op. Daar is het bruggetje.

We belanden in het waterwingebied, een heerlijk bos vol bochtige kanaaltjes tussen de dennen. Het is hier druk. Kribbig daarover worden slaat nergens op, je kunt toch niemand dit bos misgunnen? Joggers puffen langs, kinderen lopen een speurtocht en moeten in de struiken gehangen strikvragen beantwoorden als: `Hoeveel aarde zit er in een kuil van 3 meter diep en 3 meter breed?'

Het wordt stiller. Na een aanduiding die tot onze tevredenheid erop wijst dat we met dit Visserspad heus ook lopen langs het `Europees kustpad E9, Biskaje (F) Gdansk (Pl), zie ik sneeuwklokjes. De eerste dit jaar. Het zijn er 39.

Tenslotte stappen we binnen bij de legendarische uitspanning Kraantje Lek, eens de bestemming van talloze Amsterdamse schoolreisjes. Hier was ik als kleuter voor het laatst. Tien keer met zijn allen van het steile duin afrollen, samen de holle boom bekijken, om de beurt op de schommel en dan een grote pannenkoek eten en een glas ranja drinken. Een topdag.

Kaart 18, 19, 20 (17 km) van: Rutger Burgers: Visserpad. Uitg. Wandelplatform LAW. Begin- en eindpunt zijn via de trein (richting Zandvoort) op station Overveen en, op station Haarlem, streekbus nr. 90 met elkaar verbonden.