Allochtonenles voor aanstaande arts

Studenten geneeskunde leren onvoldoende over allochtone patiënten, blijkt uit recent onderzoek.De Vrije Universiteit is een uitzondering.

De Amsterdamse huisarts Douwe de Vries kreeg vorige week een oudere Marokkaanse vrouw op zijn spreekuur. Ze was ongewenst zwanger en wilde praten over een abortus. Haar negenjarige dochtertje kwam mee, om te tolken.

,,Wat doe je dan als arts?'', vraagt De Vries. Vóór hem in de grote, geel geverfde collegezaal van de geneeskundefaculteit zitten tweedejaars studenten van de Vrije Universiteit. Het is woensdagochtend negen uur en de komende twee uur geeft De Vries college: `migranten in de huisartsenpraktijk'. Hij gaat vertellen over zijn ervaringen met allochtone patiënten. Die heeft hij, want zijn praktijk staat in een oude krakersbuurt waar veel Surinamers wonen, en Marokkanen.

Afgelopen week bleek uit landelijk onderzoek, voor het ministerie van Volksgezondheid verricht door het instituut Zorgonderzoek Nederland, dat faculteiten geneeskunde hun studenten slecht voorbereiden op de omgang met allochtone patiënten. In het onderzoeksrapport staat dat `medische opleidingen nauwelijks aandacht besteden aan het feit dat artsen te maken krijgen met een multiculturele samenleving'.

Gebeurt dit wel, dan is dat doordat één docent er heil in ziet. Vertrekt die docent, dan verdwijnt ook de aandacht in onderwijs over cultuurverschillen. De onderzoekers vinden dit zorgelijk en raden faculteiten aan een landelijk onderwijsplan te maken, zodat studenten geneeskunde leren omgaan met culturele verschillen.

Bij de Vrije Universiteit in Amsterdam staat het vak `cultuur en gezondheid' echter al twaalf jaar op het curriculum van tweedejaars studenten. Het programma van drie weken bestaat voor een groot deel uit hoorcolleges. De thema's variëren van afwijkende ziektebeelden bij allochtonen en de medische gevolgen van vrouwenbesnijdenis tot alternatieve geneeswijzen uit andere culturen.

,,Oudere Marokkanen en Turken nemen wel vaker hun zoon of dochter mee, vanwege het taalprobleem'', vervolgt De Vries zijn verhaal in de collegezaal. ,,Dat is vaak niet prettig, het bemoeilijkt de vertrouwelijkheid met de patiënt.'' In het geval van de zwangere Marokkaanse ontstond een ronduit onmogelijke situatie, vertelt hij. ,,Hoe kon ik met dat kleine meisje erbij vrijuit praten met haar moeder?''

Volgens Anke van der Kwaak, universitair docent cultuur en gezondheid en coördinator van het vak, zijn colleges als die van De Vries ,,hard nodig'' om de ,,vele vooroordelen te ontkrachten die studenten hebben over allochtonen''. Niet elke Marokkaanse man met potentieproblemen deinst terug voor een vrouwelijke arts, zegt ze. Studenten moeten leren nadenken, aldus Van der Kwaak, hoe een andere cultuur hun contact met een patiënt beïnvloedt.

Dat vindt De Vries ook. ,,Een aantal ziektes komt vaker voor bij allochtonen of zie je nauwelijks bij autochtonen, en dat moet je wel weten. Negentig procent van de patiënten op mijn diabetesspreekuur is allochtoon. De afgelopen tien jaar heb ik ook allerlei ziektes zien opduiken, die ik alleen uit de studieboekjes kende. Tuberculose bijvoorbeeld.'' [Vervolg GEZONDHEID: pagina 2]

GEZONDHEID

'Registratie allochtonen voorkomt importziekten'

[Vervolg van pagina 1] Docente Anke van der Kwaak is ervóór dat artsen de etniciteit van patiënten registreren, zoals begin deze week werd voorgesteld door PaceMaker, een organisatie van artsen en wetenschappers die de zorg aan allochtonen wil verbeteren. Registratie, zegt Van der Kwaak, voorkomt onder meer dat `importziekten' zich grootschalig verspreiden.

Maar, waarschuwt huisarts Douwe de Vries, je moet oppassen dat je ziektebeelden en gezondheidsklachten niet automatisch koppelt aan het feit dat iemand migrant is. ,,Iemands sociaal-economische positie is bepalender. Armoede maakt ongezond. Van belang is ook hoe lang iemand hier al woont en uit welk milieu hij afkomstig is''. Stagiairs in De Vries' praktijk zeggen soms met een veelbetekenende blik: `Het was een Marokkaanse vrouw'. ,,Maar dat zegt me niks'', zegt De Vries. ,,Was ze Berbers? Hoe oud is ze? Welke taal spreekt ze? Heeft ze een traditionele levensstijl?''

Dat studenten later veel met allochtonen te maken krijgen, lijkt nog niet tot ze door te dringen. Bij het college van De Vries komen maar 10 van de 220 studenten opdagen voor wie het college is bedoeld. De Vries vertelt hun dat hij vaak medicijnen voorschrijft omdat Turkse en Marokkaanse patiënten het willen. Twee à drie keer zoveel maagmiddelen als medisch gezien nodig is, zegt hij. ,,In een Nederlands gezin leert een kind meestal vanzelf dat hoofdpijn niet betekent dat je een hersentumor hebt, dat het vaak komt door stress'', zegt De Vries. ,,Maar dat psychosociale problemen fysieke klachten geven, is een cultuurgebonden stelling.''

Laatst vroeg hij een Marokkaans-Berberse vrouw, die met hoofdpijnklachten kwam, naar de problemen thuis. ,,Daar wilde ze best iets over vertellen, omdat ze me wel mag. Maar daarna kon wat haar betreft het consult over de hoofdpijnklachten beginnen. Ik dacht dat we dat net hadden afgerond''.

,,Ik leer vandaag vooral hoe ik het niet moet doen later'', fluistert Caesare Belfor vanaf het balkon, waarvandaan hij De Vries' college volgt. ,,Ik vind het echt fout om medicijnen voor te schrijven, alleen omdat de patiënt dat wil.'' Het is alsof De Vries hem heeft gehoord. ,,Het is natuurlijk geen goed dokterschap'', zegt hij. ,,Het is ook onbevredigend, omdat je de oorzaak van klachten zo niet oplost''.

Een collega van hem is principiëler, een paar maanden geleden hoorde De Vries door de dunne muren van zijn werkkamer heen hoe zij ruzie kreeg met een oudere Marokkaanse patiënt. Even later belde de collega, of De Vries wilde komen bemiddelen. De patiënt weigerde haar medisch oordeel te accepteren, zei ze. Dat luidde dat medische redenen ontbraken om medicijnen te geven. De Vries kwam erbij en vroeg: ,,U komt zeker voor uw herhalingsrecept, hè?'' De man knikte, De Vries schreef op zijn receptenboekje twee namen van medicijnen, tegen maagklachten en misselijkheid. De patiënt liep tevreden de spreekkamer uit, vertelt De Vries, met onnodige, doch onschuldige medicijnen.

Caesare gaat het anders doen later, zegt hij. Niet te veel rekening houden met een patiënt omdat die uit een andere cultuur komt en dingen wil die medisch gezien niet kloppen.

Een uitgebreid `begroetingsritueel' invoeren bij zijn Marokkaanse mannelijke patiënten, zoals De Vries deed nadat hij dat in Marokko had gezien, alla. ,,Maar je bent arts om een diagnose te stellen. Welke behandeling nodig is en welke medicijnen, dat beslis ik, niet de patiënt.''