Misleiding, misrekening en machtsmisbruik

Halve zolen zijn overal in de samenleving te vinden. Op straat, in de kroeg, aan universiteiten, op sportvelden, in het bedrijfsleven, de show business en in de politiek. Sommige functies hebben een bijzondere aantrekkingskracht, omdat ze publieke aandacht, een aureool van gewichtigheid, de indruk van macht, een schare volgelingen of hielenlikkers en de gloed van de schijnwerpers bij elkaar brengen. Zoiets streelt de ijdelheid, versterkt het gevoel van eigendunk, het messianistische geloof een boodschap te hebben en de overtuiging het centrum van het universum te zijn. Daar zijn niet alle karakters tegen bestand.

Het politieke circuit biedt deze ingrediënten in ruime mate, uitvergroot door de lenzen van de televisie, en het mag dan ook geen wonder heten dat zich daar op gezette tijden bizarre taferelen afspelen. Neem het spektakel met Pim Fortuyn. (Karl Marx zei het al: de geschiedenis herhaalt zich, de eerste keer als tragedie, de tweede keer als farce.) Grenzeloos narcisme en de onbedwingbare drang tot zelfvernietiging hebben geleid tot een weekeinde van politieke soap zoals Nederland zelden meemaakt. Voor dergelijk volksvermaak moet men gewoonlijk uitwijken naar Rusland (Zjirinovski), Argentinië (Menem) of Italië (Bossi). Nu hadden we operette in eigen land. Degenen die vinden dat de paarse politiek saai is en dat het kabinet uit een stelletje kleurloze technocratische bestuurders bestaat, hebben kunnen beleven wat hun te wachten staat als de emo-politiek haar intrede doet: een carnaval der ijdelheden.

Waanzin beperkt zich niet tot de politiek. Het bedrijfsleven kan er ook wat van, zoals de afgelopen weken is gebleken. Daar speelt nog een extra factor waartegen niet iedereen bestand is: geld.

Neem het geval van John Rusnak. De valutahandelaar van Allfirst, een dochteronderneming van de Allied Irish Banks in de Amerikaanse stad Baltimore, gokte op een koersstijging van de Japanse yen die maar niet kwam. Toen zijn financiële posities onhoudbaar werden, verzon hij niet-bestaande optiecontracten om de verliezen te verdoezelen. De fraude mocht niet baten en de verliezen liepen op tot 750 miljoen dollar. Het schandaal kwam pas in de openbaarheid nadat de druk voor Rusnak te groot was geworden en hij niet meer op zijn werk verscheen. Even was er paniek. Men vreesde dat Rusnak, net als Nick Leeson van Barings Bank in 1995, op de vlucht was geslagen. Maar de onfortuinlijke valutahandelaar die door zijn baas vorig jaar nog beloond was met een bonus, bleek gewoon thuis te zitten. Hij was niets beter geworden van zijn fraude ook Leeson had zichzelf trouwens niet verrijkt. Ze konden hun gang gaan door niet-functionerende controlesystemen. Beiden dachten dat ze in staat waren de markt naar hun hand te zetten en die overmoed leidde in het geval van Leeson tot het bankroet van Barings.

Het bankroet van een bedrijf is zoiets als afgezet worden als lijsttrekker in de politiek. Het fungeert als het ultieme middel waarmee het marktkapitalisme fouten van ondernemingen afstraft.

Zie het geval-Enron, de ondergang van de energiereus uit Texas die de financiële markten, de politiek en de media in de Verenigde Staten al weken in zijn greep heeft. Kenneth Lay, de voormalige topman van Enron, weigerde dinsdag te getuigen op een hoorzitting van de Amerikaanse Senaat. Hij beriep zich, zoals tot nu toe alle Enron-bazen, op zijn recht te zwijgen op grond van artikel 5 van de Amerikaanse Constitutie. Vorig jaar was Lay nog een bejubelde ondernemer. Nu blijkt dat hij voor miljarden dollars aan opties heeft verzilverd, terwijl hij zijn personeel aanspoorde vooral aandelen Enron te kopen, hoewel hij wist dat het bedrijf wankelde. Het pensioenfonds van Enron is blut, het personeel, gepensioneerden en beleggers staan met lege handen. Enron wist uitstekend de kanalen van de politieke macht in de Verenigde Staten te vinden. Het bedrijf was grootdonateur van politici en Lay onderhield persoonlijke contacten met president Bush en vice-president Cheney. De ondergang van Enron is daarmee niet alleen het grootste bankroet uit de Amerikaanse geschiedenis, maar ook een politiek schandaal in wording.

Wat hebben Fortuyn, Lay en Rusnak met elkaar gemeen? Mateloze zelfoverschatting. Ergens in hun bestaan heeft zich de overtuiging in hun hersens genesteld dat ze hun gang kunnen gaan. Ze denken een politieke beweging naar hun hand te kunnen zetten, verborgen verliezen te kunnen goedmaken of een onderneming met astronomische schulden te kunnen opzadelen. Ze presenteren zich als dienaren, in werkelijkheid wanen ze zich onkwetsbaar. Misleiding, misrekening en uiteindelijk machtsmisbruik stapelen zich op.

De neiging tot hoogmoed moet in toom gehouden worden door controlemechanismes. Als die niet naar behoren functioneren, gaan vroeg of laat dingen mis. Een ongecontroleerd projectiel als Fortuyn kan enorme politieke schade aanrichten, valutahandelaar Ruskin kan financiële stroppen maken bij AIB en topman Lay kan Enron het bankroet injagen. Het was nooit de bedoeling en toch gebeurde het. Daarom is het zo belangrijk dat er systemen zijn die zorgen voor zelfreinigend vermogen. De bottom line is in het bedrijfsleven de kleur van de inkt waarmee de verlies- en winstrekening wordt geschreven, in de politiek het aantal stemmen. Dit is de paradox: Enron was tot kort voor zijn val een beurslieveling, Rusnak een gewaardeerde medewerker en Fortuyn lijkt nog steeds een stemmentrekker. Maar sommige mensen geloven ook in sprookjes en het duurt soms heel lang totdat waanzin wordt doorgeprikt.

rjanssen@nrc.nl